Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2014:2133

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
30-09-2014
Datum publicatie
26-11-2014
Zaaknummer
14/00333
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2014:3381, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Profijtontneming. Betrokkene n-o in cassatieberoep, nu niet tijdig door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie is ingediend.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Conclusie

Nr. 14/00333 P

Zitting: 30 september 2014

Mr. Bleichrodt

Conclusie inzake:

[betrokkene]

1. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden, heeft bij arrest van 19 november 2013 het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vastgesteld op € 2.400,- en aan de betrokkene de verplichting tot betaling aan de Staat van datzelfde bedrag opgelegd.

2. Deze zaak hangt samen met de eveneens tegen de betrokkene gerichte zaak met nummer 14/00339, waarin ik vandaag ook concludeer.

3. Namens de betrokkene is op 25 november 2013 beroep in cassatie ingesteld. De aanzegging ingevolge art. 435, eerste lid, Sv is op 20 januari 2014 betekend. Art. 437, tweede lid, Sv schrijft voor dat, op straffe van niet-ontvankelijkheid, binnen twee maanden na betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv, door een raadsman een schriftuur houdende middelen wordt ingediend. Bij schrijven van 19 maart 2014 is de in art. 437, tweede lid, Sv bedoelde termijn verlengd tot en met 3 april 2014. Binnen die termijn is geen schriftuur houdende middelen bij de Hoge Raad binnengekomen, zodat de betrokkene niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het ingestelde cassatieberoep.

4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de betrokkene in het beroep in cassatie.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG