Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2013:CA0050

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
14-06-2013
Datum publicatie
14-06-2013
Zaaknummer
13/00851
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2013:CA0050
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Art. 80a lid 1 RO. Procesrecht. Verzoek voorlopig deskundigenonderzoek; art. 202 Rv. Appelverbod van art. 204 lid 2 Rv. Beoordeling gestelde doorbrekingsgronden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWB 2013/308
Verrijkte uitspraak

Conclusie

Zaak 13/00851

mr. E.M. Wesseling-van Gent

Zitting: 26 april 2013

Conclusie (art. 80a RO) inzake:

[Eiser]

tegen

1. [Verweerder 1]

2. [Verweerster 2]

1. De rechtbank 's-Gravenhage heeft bij beschikkingen van 9 februari 2009 en 29 februari 2009 het verzoek van verweerders in cassatie, [verweerder 1] en [verweerster 2], tot het bevelen van een voorlopig deskundigenonderzoek toegewezen en een deskundige benoemd. Op het door eiser tot cassatie, [eiser], van deze beschikkingen ingestelde hoger beroep heeft het gerechtshof 's-Gravenhage bij beschikking van 20 november 2012 geoordeeld dat [eiser] daarin ontvankelijk is omdat hij doorbrekingsgronden heeft gesteld. Het hof heeft vervolgens geoordeeld dat de eerste grond faalt, de tweede grond niet is onderbouwd en [eiser] ten slotte over verkeerde toepassing door de rechtbank van art. 202 Rv. heeft geklaagd, hetgeen echter geen doorbrekingsgrond is, waarna het hof het hoger beroep heeft verworpen.

Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] tijdig beroep in cassatie ingesteld.

2. De aangevoerde klachten rechtvaardigen geen behandeling in cassatie, omdat zij klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

Daartoe geldt het volgende. Het oordeel van het hof dat de eerste grond faalt berust op de aan het hof als feitenrechter voorbehouden uitleg van het proces-verbaal in eerste aanleg, die niet onbegrijpelijk is gemotiveerd. Ook de verwerping van de tweede grond is feitelijk en niet onbegrijpelijk. Met betrekking tot de - in cassatie herhaalde - derde klacht dat de rechtbank voorbij is gaan aan de stelling dat het verzoek in strijd is met de goede procesorde en dat misbruik wordt gemaakt van de toepassing van het middel, heeft het hof met juistheid geoordeeld dat verkeerde toepassing van een regel geen doorbrekingsgrond oplevert.

3. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoeker] in zijn cassatieberoep op de voet van art. 80a RO.

De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden

A-G