Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2013:827

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
03-09-2013
Datum publicatie
24-09-2013
Zaaknummer
12/03817
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2013:778, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

HR: 80a RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Conclusie

Nr. 12/03817

Zitting: 3 september 2013

Mr. Knigge

Conclusie inzake:

[verdachte]

1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof Amsterdam.

2. Het middel kan niet tot cassatie leiden omdat de “vrijwillige terugtred” waarop het zich beroept, er niet toe heeft geleid dat het strafbare feit niet is voltooid. Die voltooiing is immers niet uitgebleven doordat het optreden van verdachte ertoe heeft geleid dat het slachtoffer niet naar beneden is gesprongen, maar enkel doordat die sprong geen dodelijk gevolg had. Dat is kennelijk wat het Hof tot uitdrukking heeft willen brengen met zijn overweging dat “de poging tot ingrijpen door de verdachte niet tijdig [heeft] plaatsgevonden”. Ik merk daarbij nog op dat het Hof gemotiveerd heeft uiteengezet waarom de bedoelde poging tot ingrijpen aan het aannemen van voorwaardelijk opzet niet in de weg staat. Tegen dat oordeel keert het middel zich niet. Een en ander brengt mee dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.

3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AG