Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2010:BM0783

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
08-06-2010
Datum publicatie
09-06-2010
Zaaknummer
08/00967
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2010:BM0783
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Bewijsklacht medeplegen van verduistering. HR: 81 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2010, 765
Verrijkte uitspraak

Conclusie

Nr. 08/00967

Mr. Vellinga

Zitting: 6 april 2010

Conclusie inzake:

[Verdachte]

1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld tot een taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van zestig uren subsidiair dertig dagen hechtenis.

2. Namens verdachte heeft mr. P.J. Stronks, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.

3. Anders dan het middel wil kan uit de gebezigde bewijsmiddelen, in het bijzonder voor zover inhoudende dat de televisie in de woning van de verdachte is gezet, worden afgeleid dat verdachte en [betrokkene 1] zo bewust en nauw heben samengewerkt met het oog op het wederrechtelijk toeëigenen van de televisie door verdachte en [betrokkene 1], dat van medeplegen van de bewezenverklaarde verduistering kan worden gesproken.

4. Het middel faalt en kan worden afgedaan met de in art. 81 RO bedoelde motivering.

5. Ambtshalve vraag ik aandacht voor het volgende. Het cassatieberoep is ingesteld op 28 februari 2008. De Hoge Raad zal in deze zaak uitspraak doen nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. Het voorgaande brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, EVRM is overschreden. Nu aan de verdachte evenwel een taakstraf van minder dan honderd uren is opgelegd, kan met de enkele constatering dat de redelijke termijn is overschreden, worden volstaan.(1)

6. Gronden waarop de Hoge Raad gebruik zou moeten maken van zijn bevoegdheid de bestreden uitspraak ambtshalve te vernietigen heb ik niet aangetroffen.

7. Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

1 HR 17 juni 2008, LJN BD2578, NJ 2008, 358, rov. 3.6.2. onder C.