Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2009:BK1605

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
18-12-2009
Datum publicatie
18-12-2009
Zaaknummer
09/03212
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2009:BK1605
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Procesrecht. Cassatieberoep advocaat tegen uitspraak Hof van Discipline, waartegen geen cassatieberoep openstaat, niet-ontvankelijk. Zie HR 25 september 2009, LJN BJ8495

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2010, 47
JWB 2009/509
Verrijkte uitspraak

Conclusie

Zaaknr. 09/03212

Mr. Huydecoper

Parket, 23 oktober 2009

Conclusie inzake

[Verzoeker],

verzoeker tot cassatie

In deze zaak kan, naar ik meen, met een verkorte conclusie worden volstaan.

1. De verzoeker tot cassatie, [verzoeker], richt zijn cassatieberoep tegen een beslissing (te zijnen laste) van het Hof van Discipline(1), de tuchtrechtelijke appelinstantie aangewezen bij art. 46 van de Advocatenwet. Zoals die wetsbepaling uitdrukkelijk aangeeft, oordeelt het Hof van Discipline in hoogste ressort. Cassatieberoep tegen een beslissing van het Hof van Discipline is dan ook uitgesloten.

2. De Hoge Raad heeft bij beschikking van 25 september 2009, rechtspraak.nl LJN BJ8495 [verzoeker] in een eerder cassatieberoep tegen een incidentele uitspraak van het Hof van Discipline in dezelfde zaak, niet-ontvankelijk verklaard op de zojuist hiervóór aangegeven grond: namelijk dat rechtens tegen beslissingen van het Hof van Discipline geen cassatieberoep openstaat.

3. Bij die stand van zaken kan ik in het midden laten of het cassatieberoep tijdig en regelmatig is ingesteld(2). Nu [verzoeker] hoe dan ook in dit cassatieberoep niet kan worden ontvangen hoeven niet alle gronden die daartoe kunnen leiden, te worden onderzocht.

4. Ik meen dat het geen zin heeft om op de inhoudelijke merites van het cassatieberoep in te gaan, en zal daarover dus zwijgen.

Conclusie

Ik concludeer dat de verzoeker in het onderhavige cassatieberoep niet-ontvankelijk behoort te worden verklaard.

De Procureur-Generaal bij de

Hoge Raad der Nederlanden

1 Het gaat om een beslissing van 19 juni 2009, zaaknr. 5219.

2 Het cassatierekest dat op 18 augustus 2009 werd ingediend, was aanvankelijk niet getekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim is hersteld, maar pas na ruim 5 weken (zie HR 9 oktober 2009, rechtspraak.nl LJN BJ1009 en HR 10 juli 2009, RvdW 2009, 842). Ik merk op dat aan [verzoeker] vanwege de Griffie van de Hoge Raad was bericht dat het verzuim uiterlijk 21 september 2009 kon worden hersteld. Daarbij is kennelijk gedoeld op de laatste dag van de cassatietermijn (19 september 2009 was een zaterdag, zodat een cassatietermijn van drie maanden op maandag 21 september zou verstrijken). Het alsnog door een advocaat bij de Hoge Raad ondertekende rekest is echter ter Griffie ingekomen op 22 september.