Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2009:BJ8715

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
17-11-2009
Datum publicatie
18-11-2009
Zaaknummer
09/00241 H
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2009:BJ8715
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Herziening. Persoonsverwisseling. Aanvraag op in de conclusie AG genoemde gronden gegrond.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2009, 1385

Conclusie

Nr. 09/00241 H

Mr. Machielse

Zitting 22 september 2009

Conclusie inzake:

[Aanvrager](1)

1. Bij onherroepelijk geworden vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te Amsterdam van 26 september 2002 is aanvrager van herziening veroordeeld wegens "opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, eerste lid, onder C van de Opiumwet gegeven verbod" en "door het bevoegd gezag naar zijn naam gevraagd een valse naam opgeven" tot een gevangenisstraf voor de duur van vier maanden resp. tot een geldboete van € 90,-.

2. Namens aanvrager is door mr. H.K. Jap-A-Joe, advocaat te Utrecht, een aanvraag tot herziening ingediend.

3. De aanvraag is voorzien van bijlagen en berust op de stelling dat er sprake is van een persoonsverwisseling, nu de aanvrager niet de persoon is geweest die de in het bovengenoemde vonnis bewezenverklaarde feiten heeft begaan.

4. Ter staving van deze stelling is bij de aanvraag onder meer een brief van de officier van justitie te Amsterdam gedateerd 2 februari 2006 overgelegd (productie 10). Volgens deze brief heeft onderzoek uitgewezen dat de personalia van verzoeker in de onderhavige strafzaak door een ander zijn gebruikt. De officier van justitie heeft de tenuitvoerlegging van de strafzaak stopgezet en ter verjaring opgelegd. Tevens is de Centrale Justitiële Documentatiedienst verzocht de justitiële documentatie van verzoeker te schonen.

5. Het voorgaande doet het ernstige vermoeden ontstaan dat de Politierechter bij bekendheid met deze omstandigheden de aanvrager zou hebben vrijgesproken.

6. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de aanvraag gegrond zal verklaren, voor zoveel nodig de opschorting en schorsing van de tenuitvoerlegging van het gewijsde zal bevelen en de zaak zal verwijzen naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak zal worden behandeld en afgedaan op de wijze als in art. 467, eerste lid, Sv is voorzien.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

1 Deze zaak hangt samen met nr. 09/00240 H ([Aaanvrager]) waarin ik ook vandaag concludeer.