Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2008:BF3839

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
28-10-2008
Datum publicatie
15-12-2010
Zaaknummer
07/11661 B
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2008:BF3839
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Beschikking. Art. 577d Sv. Art. 445 Sv. Tegen een beschikking ex art. 557b Sv staat geen cassatie open.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Conclusie

Nr. 07/11661 B

Mr. Machielse

Zitting 23 september 2008

Conclusie inzake:

[Betrokkene = veroordeelde]

1. De Rechtbank Zwolle heeft op 21 februari 2007 het verzoek van betrokkene hem op de voet van art. 577b Sv te bevrijden van de betalingsverplichting ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel althans om deze verplichting te matigen, afgewezen.

2. Betrokkene heeft cassatie ingesteld en mr. T.H. Dijkstra, advocaat te Zwolle, heeft een schriftuur ingezonden, houdende één middel van cassatie.

3.De beslissing van de rechtbank behelst een beschikking. Beroep in cassatie tegen een beschikking is voor betrokkene alleen mogelijk wanneer het wetboek dat uitdrukkelijk bepaalt. Art. 577b, eerste lid, Sv verwijst naar o.a. art. 575 Sv dat van overeenkomstige toepassing is. Artikel 575 Sv bevat een regeling voor het verhaal krachtens een dwangbevel. Tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel kan verzet worden aangetekend bij een met redenen omkleed bezwaarschrift. Tegen de beschikking op het verzet kan de veroordeelde cassatie aantekenen, maar daarin is hij slechts ontvankelijk naar voorafgaande consignatie van het verschuldigde bedrag en de kosten. In de onderhavige zaak is nog geen sprake geweest van een dwangbevel. Het eerste lid, met de mogelijkheid van verzet via een bezwaarschrift, is daarom niet van toepassing.

Wel van toepassing is het tweede lid van art. 577b Sv. Tegen de beslissing op een verzoek als bedoeld in het tweede lid stelt de wet evenwel geen rechtsmiddel open. Het cassatieberoep is daarom niet ontvankelijk.

4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.

De Procureur-Generaal

Bij de Hoge Raad der Nederlanden