Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2008:BD2714

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
11-07-2008
Datum publicatie
11-07-2008
Zaaknummer
07/11505
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2008:BD2714
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Nationaliteitsrecht. Procesrecht; beroep niet-ontvankelijk wegens overschreden cassatietermijn.

Wetsverwijzingen
Rijkswet op het Nederlanderschap 18
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 426
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2008, 578
RvdW 2008, 742
NJB 2008, 1638
JWB 2008/307
Verrijkte uitspraak

Conclusie

Nr. 07/11505

Mr L. Strikwerda

Parket, 23 mei 2008

conclusie inzake

1. [Verzoeker 1]

2. [Verzoeker 2]

3. [Verzoeker 3]

tegen

de Staat der Nederlanden

Edelhoogachtbaar College,

1. Thans verzoekers tot cassatie, hierna: [verzoeker] c.s., hebben op 4 april 2006 op de voet van art. 17 van de Rijkswet op het Nederlanderschap, hierna: RWN, bij de rechtbank 's-Gravenhage een verzoekschrift ingediend waarin zij de rechtbank verzoeken vast te stellen dat zij in het bezit zijn van de Nederlandse nationaliteit.

2. Nadat thans verweerder in cassatie, hierna: de Staat, schriftelijk had geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek en mondelinge behandeling van het verzoekschrift had plaatsgevonden, heeft de rechtbank bij beschikking van 7 juni 2007 het verzoek van [verzoeker] c.s. afgewezen.

3. [Verzoeker] c.s. hebben op de voet van art. 18 lid 2 RWN met een op 14 september 2007 gedagtekend verzoekschrift cassatieberoep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank. Het verzoekschrift is blijkens de daarop geplaatste stempel bij de Hoge Raad ingekomen op 14 september 2007.

4. De Staat heeft geen verweerschrift in cassatie ingediend.

5. Aangezien de bestreden beschikking van de rechtbank is uitgesproken op 7 juni 2007 en de cassatietermijn ingevolge art. 426 lid 1 Rv drie maanden, te rekenen van de dag van de uitspraak, bedraagt, eindigde de cassatietermijn op 7 september 2007. Het cassatieberoep is echter ingesteld op 14 september 2007 en mitsdien te laat. [Verzoeker] c.s. kunnen bijgevolg in hun cassatieberoep niet worden ontvangen.

De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoeker] c.s. in hun cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,