Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:ORBBNAA:2003:BU4478

Instantie
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
Datum uitspraak
04-04-2003
Datum publicatie
15-11-2011
Zaaknummer
2001/536-539
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Premieheffing AOV / Belastingjaar 1996-1999

Penshonado is premie AOV verschuldigd, ook al betaalt hij in Nederland vrijwillig premies AOW.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking van 4 april 2003, nr.2001/536-539

DE RAAD VAN BEROEP VOOR BELASTINGZAKEN

zitting houdende in CuraƧao,

inzake:

belanghebbende

tegen

de Inspecteur der Belastingen

1. Loop van het geding

1.1. Aan appellant zijn voor de jaren 1996 tot en met 1999 aanslagen in de premieheffing AOV opgelegd. Tegen de aanslagen PH 1996, 1997 en 1998 is appellant in bezwaar gekomen bij de Inspecteur, die bij beschikking de bezwaren heeft afgewezen.

1.2. Appellant is van die beschikkingen in beroep gekomen bij de Raad. Ook is hij in beroep gekomen tegen de aanslag PH 1999. De Inspecteur heeft in de zaak met nr. 2001/536 een vertoogschrift ingediend.

1.3. De vier beroepen zijn behandeld ter zitting van de Raad op 27 maart 2003. Beide partijen zijn verschenen.

2. Vaststaande feiten

Appellant woont op Curacao. Hij heeft op <datum> de leeftijd van 60 jaar bereikt. Fiscaal heeft hij de status van penshonado. Hij bewoont een eigen woning en ontvangt een pensioen van de Grafische Bedrijfsfondsen. In Nederland betaalt appellant vrijwillig premies AOW.

3. Omschrijving geschil en standpunten van partijen

In geschil is de vraag of appellant in de Nederlandse Antillen premies AOV is verschuldigd. Appellant beantwoordt die vraag ontkennend, de Inspecteur bevestigend.

4. Overwegingen omtrent het geschil

4.1. De Raad constateert dat appellant inzake de premieheffing 1999 rechtstreeks bij de Raad opkomt tegen de hem opgelegde aanslag en niet eerst bezwaar bij de Inspecteur heeft gemaakt. In dat beroep kan hij dus niet worden ontvangen.

4.2. Art. 5, lid 1, letter a, Landsverordening AOV bepaalt in de voor de onderhavige jaren geldende tekst dat verzekerd is de ingezetene die de leeftijd van 15 jaar doch niet die van 60 jaar heeft bereikt. Appellant valt in die categorie en is dus verzekerd en premieplichtig. Daaraan doet niet af dat hij in Nederland vrijwillig premies AOW betaalt.

5. Beslissing

De Raad verklaart appellant niet-ontvankelijk in zijn beroep tegen de aanslag premieheffing AOV 1999 en verklaart het beroep in de andere zaken ongegrond.

mrs. van Gijn, Ilsink en van Ballegooijen