Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGHACMB:2021:262

Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
18-06-2021
Datum publicatie
01-09-2021
Zaaknummer
SXM2018H00216
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

(eerste) herstelvonnis wegens afwezigheid bedragen t.a.v. proceskosten

Zie: ECLI:NL:OGHACMB:2021:300 en ECLI:NL:OGHACMB:2021:261

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE

van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en

van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

HERSTELVONNIS

in de zaak van:

in de zaak van:

de vereniging

RAINBOW BEACH CLUB TRANSITION ASSOCIATION,

gevestigd in Sint Maarten,

hierna: RBCTA,

in eerste aanleg geopposeerde en eiseres in conventie, verweerster in reconventie,

thans appellante,

gemachtigde: mr. V.C. Choennie,

tegen

1. [APPELLANT 1],

2. [APPELLANT 2],

wonende in de Verenigde Staten van Amerika,

hierna: (het echtpaar) [appellanten],

in eerste aanleg opposanten en gedaagden in conventie, eisers in reconventie,

thans geïntimeerden,

gemachtigden: mrs. W.J. Nelissen en C.L. Wasiela.

1 Het verzoek tot verbetering

1.1.

Bij e-mail van 14 juni 2021 heeft mr. Kutluer het Hof gewezen op een kennelijk fout in het tussen partijen gewezen vonnis van 11 juni 2021. In het dictum lijkt een fout te zijn geslopen, aangezien er geen bedragen zijn gemeld ten aanzien van de proceskosten, aldus mr. Kutluer.

1.2.

Op maandag 14 juni 2021 heeft het Hof van mr. Choennie, via e-mail, bericht ontvangen dat zij geen bezwaar heeft tegen het herstelverzoek van mr. Kutluer.

1.3.

Vonnis is bepaald op heden.

2 De beoordeling

2.1.

Het Hof is van oordeel dat in het dictum van het vonnis van 11 juni 2021 sprake is van een verzuim om te beslissen als bedoeld in artikel 66a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Het verzoek tot verbetering van het vonnis is in die zin toewijsbaar en het Hof zal het vonnis verbeteren/aanvullen zoals hieronder in de beslissing is bepaald.

3 De beslissing

Het Hof:

- bepaalt dat in het dictum van het tussen partijen gewezen vonnis van 11 juni 2021 met bovenvermeld zaaknummer, waar staat “veroordeelt RBCM in de kosten van het principaal hoger beroep, aan de zijde van [appellanten] gevallen en tot op heden begroot op NAf PM voor verschotten en PM,- voor salaris van de gemachtigde” wordt gewijzigd in “veroordeelt RBCM in de kosten van het hoger beroep, aan de zijde van [appellanten] gevallen en tot op heden begroot op NAf 321,50 voor verschotten en NAf 6000,- (3 punt x tarief 5) voor salaris van de gemachtigde.

- bepaalt dat deze verbetering op de minuut van het vonnis van 11 juni 2021 wordt vermeld, met een verwijzing naar het onderhavige herstelvonnis;

- bepaalt dat de griffie van het Hof een afschrift van het aldus gerectificeerde vonnis zal verstrekken aan partijen;

- gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet al hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 11 juni 2021 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van het Hof te retourneren.

Dit vonnis is gewezen door mrs. E.M. van der Bunt, M.W. Scholte en F.W.J. Meijer, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, en in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2021.

mbm