Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGHACMB:2018:295

Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
05-07-2018
Datum publicatie
24-06-2019
Zaaknummer
400.00131/17 H 165/2017
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

tussenvonnis_terugverwijzing RC (2)

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Zaaknummer: H-165/2017

Parketnummer: 400.00131/17

Uitspraak: 5 juli 2018 Tegenspraak

Vonnis

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zittingsplaats Bonaire, (hierna: het Gerecht) van 20 december 2017 in de strafzaak tegen de verdachte:

[VERDACHTE],

geboren op [geboortedatum] [geboortejaar] op [geboorteplaats],

wonende op [woonplaats],

thans gedetineerd in het huis van bewaring op Bonaire.

Hoger beroep

Het Gerecht heeft de verdachte bij zijn vonnis van het onder 1 primair, 3 en 4 ten laste gelegde vrijgesproken en ter zake van het onder 1 subsidiair en 2 ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes jaren met aftrek van voorarrest.

Zowel de verdachte als de officier van justitie heeft hoger beroep ingesteld.

Heropening en schorsing van het onderzoek

Bij de beraadslaging is het Hof tot de conclusie gekomen dat het onderzoek ter terechtzitting niet volledig is geweest op grond van het volgende.

Ter terechtzitting heeft de verdachte tijdens het voeren van het laatste woord onder meer het volgende verklaard:

"[slachtoffer] zegt dat ik op hem heb geschoten. Ik heb met hem gesproken. Toen hij “binnen” (het Hof begrijpt: het huis van bewaring) was gekomen, heeft hij tegen mij gezegd dat hij mij uit deze situatie gaat halen. Hij zei dat andere mensen met een bedekt gezicht op hem hadden geschoten. Ik heb alleen gevochten met hem. Toen ik hem vroeg of hij klaar was om te verklaren, zei hij tegen mij van “ja”. Hij zou een brief schrijven en die naar mijn advocaat sturen. Ik heb niet geschoten op [naam slachtoffer]. Ik was niet eens in de buurt."

Naar aanleiding van de verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep, alsmede gelet op het feit dat de aangever na de aangifte niet meer is gehoord, acht het Hof het noodzakelijk dat de aangever [naam slachtoffer] als getuige nader ten overstaan van het Hof wordt gehoord. [slachtoffer] dient bij die gelegenheid met betrekking tot het schietincident op 9 juni 2017 nader ondervraagd te worden. In het bijzonder dient hij geconfronteerd te worden met de verklaring die de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep - zoals hierboven is weergegeven - heeft afgelegd.

Gelet op het voorgaande kan thans nog geen eindvonnis worden gewezen. Het Hof zal derhalve het onderzoek heropenen en schorsen tot een nadere terechtzitting, die zal plaatsvinden op 3 oktober 2018 van 15:00 uur - 17:00 uur op Bonaire.

De schorsing duurt langer dan twee maanden om de klemmende redenen dat het hiervoor genoemde nader onderzoek dient te worden gedaan en het zittingsschema van het Hof eerdere behandeling niet toestaat.

BESLISSING

Het Hof:

heropent en schorst het onderzoek;

draagt de procureur-generaal op [naam slachtoffer], geboren op [geboortedatum] [geboortejaar] te [geboorteplaats], als getuige te dagvaarden tegen de terechtzitting van 3 oktober 2018 om 15:00 uur;

bepaalt dat het onderzoek zal worden hervat ter terechtzitting van 3 oktober 2018 van 15:00 uur - 17:00 uur;

beveelt de oproeping van de verdachte tegen deze nadere terechtzitting en de kennisgeving daarvan aan zijn raadsvrouw;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mrs. D. Radder, G.C.C. Lewin en M.W. Scholte, leden van het Hof, bijgestaan door mr. M.D.M. Connor, (zittings)griffier, en op 5 juli 2018 uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier ter openbare terechtzitting op Bonaire.

uitspraakgriffier: