Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGHACMB:2018:157

Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
21-08-2018
Datum publicatie
29-10-2018
Zaaknummer
AR 2402/16 ghis 84471 AUA201600752 AUA2017H00153
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Aansprakelijkheid voor niet ondergeschikte causaliteit eigen schuld

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Burgerlijke zaken over 2018 Vonnis no.:

Registratienummer: AR 2402/16 ghis 84471 AUA201600752 AUA2017H00153

Uitspraak: 21 augustus 2018

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE

van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en

van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

V O N N I S

in de zaak van:

de naamloze vennootschap

T.S.S.W. REAL ESTATE DEVELOPMENT N.V.,

gevestigd in Aruba,

oorspronkelijk gedaagde,

thans appellante,

gemachtigde: mr. R.L.F. Dijkhoff,

tegen

de naamloze vennootschap

ALIGOVE N.V., handelende onder de naam “DRY XPRESS”,

gevestigd in Aruba,

oorspronkelijk eiseres,

thans geïntimeerde,

gemachtigden: mrs. M.A. Ellis-Schipper.

De partijen worden hierna TSSW en Aligove genoemd.

1 Het verloop van de procedure

1.1

Bij akte van appel van 3 oktober 2017 is TSSW in hoger beroep gekomen van het tussen partijen gewezen en op 23 augustus 2017 uitgesproken vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba (verder: het Gerecht).

1.2

Bij op 13 november 2017 ingekomen memorie van grieven, met producties, heeft TSSW één grief tegen het vonnis aangevoerd en toegelicht. Haar conclusie strekt ertoe dat het Hof het vonnis zal vernietigen en de vorderingen van Aligove alsnog zal afwijzen, met veroordeling van Aligove in de proceskosten in beide instanties.

1.3

Bij memorie van antwoord, met producties, heeft Aligove de grief bestreden. Haar conclusie strekt ertoe dat het Hof het bestreden vonnis zal bevestigen, met veroordeling van TSSW in de proceskosten in hoger beroep.

1.4

Op de daarvoor bepaalde dag hebben partijen pleitnotities overgelegd.

1.5

Vonnis is gevraagd en nader bepaald op heden.

2 De beoordeling

2.1.1

In hoger beroep kan worden uitgegaan van het volgende (zie mede het bestreden vonnis onder 2.1 tot en met 2.5).

2.1.2

Partijen zijn per 1 juli 2003 een huurovereenkomst aangegaan met betrekking tot bedrijfsruimte in de Certified Mall. Aligove exploiteert in het gehuurde, onder de naam Dry Xpress, sinds 1998 een wasserette en stomerij.

2.1.3

Eind april 2015 hebben onderhouds- en reparatiewerkzaamheden plaatsgevonden in verband met een buiten het gebouw gelegen afvoerput die overstroomde. Die werkzaamheden zijn in opdracht van TSSW uitgevoerd door Thomas Antonio [naam 3] (hierna: [naam 3]) van de eenmanszaak TLC Services Aruba. [naam 3] heeft geconstateerd dat er vanuit een koperen waterleiding water liep in de afvoerput. Hij heeft de hoofdkraan van Dry Xpress afgesloten en geconstateerd dat er geen water meer uit de leiding kwam. Vervolgens heeft hij de waterleiding afgesloten met een koperen dop.

2.1.4

In mei 2015 ontstonden problemen aan twee droogmachines van eiseres. In verband daarmee is uit Spanje overgekomen Alvaro Ruiz de [naam 1] (hierna: [naam 1]) werkzaam, bij Suministros Norcon S.L., het bedrijf dat jaarlijks de revisie, schoonmaak en afstelling van de apparatuur van Dry Xpress verzorgt. In diens rapport (in vertaling overgelegd als productie 10) is onder meer het volgende te lezen:

‘In mei 2015 werden wij door DX gebeld met de mededeling dat twee droogmachines waren begonnen met het droogproces niet goed uit te voeren.[...]

Bij onze aankomst op Aruba, op 15 augustus 2015, is het eerste wat ik doe het vaststellen dat alle parameters die men ons via de telefoon had aangegeven, correct waren. Eenmaal dit gedaan en gezien dat alles correct was, werd begonnen met het demonteren van de onderdelen van de circuits totdat werd uitgevonden dat de machine het proces van afvoer van water in het koelcircuit niet uitvoerde, iets wat ons bijzonder vreemd voorkwam daar de buis niet verstopt kon zijn daar het een buis betreft waar schoon water doorheen gaat onder druk en warm. Het was toen dat ik in de installatie binnen in de winkel de afvoerbuis waarnam van het water afkomstig van de droogmachines en ik volgde die tot aan de afvoer in de afvoerkost aan de straat. Ik kon niet geloven wat ik zag: wat de afvoerbuis van het warme water van het circuit van de machines leek (hetgeen totaal gescheiden van de rest van de afvoerbuizen naar de afvoerput aan de straat gaat), was geblokkeerd door een koperen loodgietersstop. […]

Conclusie: de machines functioneerden niet goed omdat, ondanks dat zij alle goede parameters vertoonden, zij de warmte niet elimineerden door middel van het water, daar de afvoerbuis hiervan geblokkeerd was en dit veroorzaakte dat de machines warm liepen en ophielden met werken[…]

De eigenares van Dry Express heeft de verantwoordelijke van [naam Mall] op de hoogte gesteld van het probleem en deze stuurde de loodgieter die belast is met onderhoud van het winkelcentrum. Deze bevestigde ons dat hijzelf, bij het plegen van het algemene onderhoud aan de afvoer en de afvoerkisten van het winkelcentrum, deze buis had gezien die constant water lekte en denkend dat dit een lek was, had hij die afgesloten. Dit deed hij zonder overleg, noch na de oorsprong van dit water te hebben nagegaan. Ten gevolge hiervan hebben de machines zekere schade opgelopen, met zeer hoge reparatiekosten, reden waarom wij niet de reparatie van deze aanbevelen. Reden waarom de klant dan ook besluit om een nieuwe machine te kopen’.

2.1.5

Bij brief van 12 oktober 2015 heeft Aligove TSSW aansprakelijk gesteld voor het handelen van de door haar ingeschakelde hulppersonen en aanspraak gemaakt op schadevergoeding.

2.1.6

TSSW heeft de aansprakelijkheid van de hand gewezen en daarbij onder meer een beroep gedaan op een (in dit geding als productie 1 bij conclusie van antwoord overgelegde) schriftelijke verklaring van [naam 3]. Daarin is onder meer te lezen:

Den e prome mitar di anja aki 2015, den ora nan di atardi banda di 3:30 pm mi a hanja un jamada di sr. Fernando Tello di Certified cu tin hopi awa saliendo for di un afvoer put riba parking lot di Certified banda di Dry Express Landry. Nos a bai wak e situashon cual tawata cu restonan di sushedad di panja cu ta bin for di e machine di e laundry tawata tin e afvoer den e put verstopt. Nos a hacie limpi e ora e afvoer a normalisa. E ora nos a constata cu tin un tubo di koper cu no ta wordo normalmente usa pa afvoer pero pa awa limpi ta core awa constant den e put. Nos a sera e meter di awa di e laundry y nos a constata cu e ta riba e linea di esaki. E ora mi a bai over na avisa e persona encarga cu e laundry juf. [naam 2] locual nos a constata y cu nos lo bai sera e tubo pa e stop di core y cu nan lo bai wak un redukshon den nan consume di awa.‘

2.1.7

Partijen hebben ook daarna de schade niet buitengerechtelijk weten te regelen, waarna Aligove, na het leggen van conservatoir eigenbeslag, TSSW in rechte heeft betrokken.

2.2

De vordering van Aligove strekt ertoe dat TSSW, bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis, wordt veroordeeld tot betaling aan Aligove van een bedrag van Afl. 67.486,99 en een door de rechter te bepalen bedrag aan buitengerechtelijke kosten, een en ander vermeerderd met de wettelijke rente vanaf augustus 2015 tot de dag der voldoening, en met veroordeling van TSSW tot vergoeding van de proceskosten (waaronder de beslagkosten).

2.3

Bij het bestreden vonnis heeft het Gerecht de hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2015, toegewezen en TSSW in de proceskosten veroordeeld. De buitengerechtelijke incassokosten zijn afgewezen.

2.4

De tegen dat vonnis aangevoerde klachten falen op grond van het volgende.

2.5

Van de door artikel 6:171 BW vereiste fout is sprake omdat [naam 3], anders dan van een redelijk bekwaam vakgenoot kon worden verwacht, zonder goede reden de koperen afvoerbuis voor het koelwater heeft afgesloten. Ook als juist zou zijn dat [naam 3], zoals hij in zijn onder 2.1.6 aangehaalde verklaring stelt, aan Milena Shiply (hierna: Shiply) van Dry Xpress heeft gezegd dat hij de buis had afgedicht en dat Dry Xpress dat wel in haar waterrekening zou merken, doet dat aan de onzorgvuldigheid van dat handelen of de toerekenbaarheid van het handelen van [naam 3] niet, althans onvoldoende, af. Als vakman blijft [naam 3] ervoor verantwoordelijk dat hij een onjuiste diagnose heeft gesteld en hij zich er niet van heeft verzekerd waarvoor de afvoerbuis diende voordat hij hem afsloot. Hij is kennelijk op het verkeerde been gezet door de omstandigheid dat de koperen waterleiding werd gebruikt voor de afvoer van het (schone) koelwater van de machines van Dry Xpress. Het lag als vakman op zijn weg om te controleren of, anders dan gebruikelijk, de waterleiding als afvoer werd gebruikt. Dat hij met die mogelijkheid redelijkerwijs geen rekening hoefde te houden, is gesteld noch gebleken. Daarbij komt dat ook niet is aangevoerd dat Shiply wist waartoe de afvoerbuis diende. Integendeel: TSSW verwijt Aligove meer dan eens dat zij dat die kennis kennelijk (getuige de verklaring van [naam 1]) zelf niet had. Of de overstroming/verstopping die [naam 3] wilde verhelpen al dan niet door Aligove was veroorzaakt, is niet van belang. Datzelfde geldt voor de stelling van TSSW dat Aligove de buis zonder toestemming of medeweten van TSSW had aangelegd.

2.6

Aan het vereiste dat [naam 3] de hem opgedragen werkzaamheden in de uitoefening van het bedrijf van TSSW heeft verricht, en dat sprake is van een functionele eenheid, is voldaan, omdat een vastgoedverhuurbedrijf als dat van TSSW niet zelden eigen onderhoudsmonteurs voor dergelijke klussen in dienst heeft. De keuze van TSSW om die klussen uit te besteden mag haar dan, zo is de gedachte achter artikel 6:171 BW, niet tot voordeel en Aligove niet tot nadeel strekken. Dat Aligove wist dat TSSW met [naam 3] geen eigen man, maar een externe kracht had gestuurd, sluit toepassing van deze bepaling niet uit en er is in deze zaak ook geen reden om op grond van bijzondere bijkomende omstandigheden, waarvan niet is gebleken, te oordelen dat de aansprakelijkheid van TSSW uit hoofde van artikel 6:171 BW ontbreekt.

2.7

Zonder de fout van [naam 3] was de schade niet ingetreden. Daarmee is voldaan aan de “condicio sine qua non test”. De omstandigheid dat Aligove (in het bijzonder Shipley) [naam 3] niet op de functie van de afgedichte leiding heeft gewezen, wat daarvan verder zij, maakt dat niet anders en doet er ook niet aan af niet af dat de gevorderde schade (vervangingskosten) aan TSSW, ook al berust haar aansprakelijkheid op risico en niet op schuld, kan worden toegerekend in de zin van artikel 6:98 BW. Dat het “blind” afdoppen van een afvoerbuis schade zou kunnen veroorzaken, was voldoende voorzienbaar en de schade zoals die is opgetreden is ook niet zo buitenissig dat deze bij een redelijke toerekening niet voor vergoeding in aanmerking kan komen.

2.8

Voor zover TSSW ook in hoger beroep nog (tijdig) heeft willen aanvoeren dat de schade wegens “eigen schuld” of onvoldoende schadebeperkende maatregelen deels of geheel voor eigen rekening van Aligove dient te blijven, moet die klacht eveneens worden verworpen. De stelling dat Aligove van de afsluiting wist en heeft nagelaten voor de gevolgen daarvan te waarschuwen is door Aligove gemotiveerd betwist met onder meer de onder 2.1.5 aangehaalde verklaring van [naam 1], en TSSW, de partij op wie in dit verband, de bewijslast rust, heeft geen bewijsaanbod gedaan. De stellingen van TSSW die inhouden dat Aligove bij het onderzoeken van de haperingen van de machines te weinig voortvarend of zorgvuldig te werk is gegaan, of er zelfs - wetende van de werkelijke oorzaak - voor heeft gekozen om de tweede (verouderde) machine te laten stukdraaien (om er een slaatje uit te slaan), moeten reeds worden gepasseerd omdat zij onvoldoende zijn onderbouwd tegenover de gemotiveerde betwistingen door Aligove. De stelling dat de afvoerbuis er in strijd met het contractuele verbod op ongeautoriseerde wijzingen lag, ten slotte, is aanstonds weinig aannemelijk omdat Aligove, naar TSSW wist, het gehuurde van meet af aan als wasserette heeft ingericht en gebruikt. Het is verder ook in dit verband niet relevant.

2.9

Nu de hoogte van de schade verder niet is bestreden, moet de conclusie zijn dat de vordering op grond van artikel 6:171 BW toewijsbaar is. Het vonnis waarvan beroep dient te worden bevestigd. TSSW zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.

B E S L I S S I N G

Het Hof:

bevestigt het vonnis waarvan beroep;

veroordeelt TSSW in de kosten van het hoger beroep, aan de zijde van Aligove gevallen en tot op heden begroot op NAf 212,37 aan explootkosten en

NAf 7.500,00 aan salaris voor de gemachtigde;

verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mrs. H.J. Fehmers, F.W.J. Meijer en J. de Boer, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Aruba uitgesproken op 21 augustus 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.