Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ9969

Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
25-01-2011
Datum publicatie
01-07-2011
Zaaknummer
HLAR 105/09
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Geschil betreft de vraag of een bepaald faxbericht aangemerkt moet worden als een bezwaarschrift, waarop de minister een beschikking gaf. De minister betoogt dat het Gerecht heeft miskend dat het faxbericht geen bezwaarschrift behelst, zodat het niet in handen van de bezwaaradviescommissie hoefde te worden gesteld. Dat betoog slaagt, omdat het faxbericht naar uiterlijke kenmerken noch naar inhoud een bezwaarschrift tegen de beschikking inhoudt. De beschikking van minister is dus niet gegeven op een bezwaarschrift.

Het Hof oordeelt dat het beroepschrift aan de minister doorgezonden moet worden ter behandeling als bezwaarschrift.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HLAR 105/09

Datum uitspraak: 25 januari 2011

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE

VAN ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN

EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA

Uitspraak op het hoger beroep van:

de minister van Infrastructuur, thans: de minister van Integratie, Infrastructuur en Milieu,

appellant,

tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba van 11 november 2009 in zaak nr. Lar 751 van 2009 in het geding tussen:

[Belanghebbende], wonend in Aruba,

en

appellant.

1. Procesverloop

Bij beschikking van 21 januari 2009 heeft appellant (hierna: de minister) [belanghebbende] (hierna: [belanghebbende]) op straffe van bestuursdwang gelast de zonder bouwvergunning op het perceel Paramira 30 (hierna: het perceel) opgerichte bijbouw (hierna: de bijbouw) te verwijderen.

Bij faxbericht van 10 februari 2009 heeft [belanghebbende] de minister verzocht, als hierna onder 2.2.1 vermeld.

Bij beschikking van 18 februari 2009 heeft de minister [belanghebbende] op straffe van bestuursdwang gelast de ringbalk en de verdiepingsvloer van de bijbouw te verwijderen.

Bij uitspraak van 11 november 2009 heeft het Gerecht in eerste aanleg van Aruba (hierna: het Gerecht) het door [belanghebbende] tegen de beschikking van 18 februari 2009 ingestelde beroep gegrond verklaard, die beschikking vernietigd en bepaald dat de minister het faxbericht van 10 februari 2009 in handen van de bezwaaradviescommissie stelt en vervolgens zal handelen met inachtneming van hetgeen is bepaald in de artikelen 15 en volgende van de Landsverordening administratieve rechtspraak (hierna: de Lar).

Tegen deze uitspraak heeft de minister bij brief, bij het Gerecht ingekomen op 18 juni 2009, hoger beroep ingesteld bij het Hof.

[Belanghebbende] heeft een verweerschrift ingediend.

Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 9 november 2010, waar de minister, vertegenwoordigd door mr. V.M. Emerencia, E. Vrolijk en Z.C. van Poppel-Marquez, allen werkzaam in dienst van het Land, en [belanghebbende], vertegenwoordigd door mr. P.M.E. Mohamed, advocaat, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel 9, eerste lid, van de Lar kan degene die door een beschikking rechtstreeks in zijn belang is getroffen het bestuursorgaan verzoeken de beschikking in heroverweging te nemen, tenzij deze op bezwaar is gegeven.

Ingevolge artikel 15 stelt het bestuursorgaan, tenzij het bestuursorgaan het bezwaarschrift op grond van artikel 12, eerste lid, of artikel 14, tweede lid, niet-ontvankelijk heeft verklaard, dat geschrift en de daarop betrekking hebbende stukken in handen van de bezwaaradviescommissie:

a. uiterlijk binnen twee weken na ontvangst van het bezwaarschrift, of

b. indien toepassing is gegeven aan artikel 14, eerste lid, uiterlijk binnen twee weken na ontvangst van het antwoord van de indiener of na het verstrijken van de daarvoor gestelde termijn.

Ingevolge artikel 23, eerste lid, kan degene die door een op een bezwaarschrift gegeven beschikking, als bedoeld in de artikelen 12, eerste lid, 14, tweede lid, of 20, rechtstreeks in zijn belang is getroffen daartegen beroep instellen bij het Gerecht.

2.2. De minister betoogt dat het Gerecht heeft miskend dat het faxbericht van 10 februari 2009 geen bezwaarschrift behelst, zodat het niet in handen van de bezwaaradviescommissie hoefde te worden gesteld.

2.2.1. Dat betoog slaagt. Het faxbericht luidt als volgt: "Cliënt verzoekt u dan ook hem toe te staan alsnog de gewijzigde tekening met betrekking tot het dak ter goedkeuring in te dienen. (..) Ik verzoek u mij binnen vijf werkdagen te berichten aangaand het voorstel van cliënt. Voorts verzoek ik u mij te berichten alvorens u een eventueel voornemen tot sloop ten uitvoer legt. Dit daar cliënt hiertegen in rechte zal gaan ageren."

Het faxbericht houdt aldus naar uiterlijke kenmerken noch naar inhoud een bezwaarschrift tegen de beschikking van 21 januari 2009 in, doch een verzoek om een gewijzigde aanvraag om verlening van bouwvergunning in te mogen dienen, alsmede de mededeling dat, indien de minister niettemin tot bestuursdwang zal overgaan, daartegen rechtsmiddelen zullen worden aangewend.

Tegen de beschikking van 21 januari 2009 is ook anderszins geen bezwaar gemaakt.

De beschikking van 18 februari 2009 is niet gegeven op een bezwaarschrift. Tegen deze beschikking kon desgewenst bezwaar worden gemaakt. Het Gerecht kon van het daartegen ingestelde beroep geen kennis nemen. Het heeft het tegen die beschikking gerichte beroepschrift dan ook ten onrechte niet ter behandeling als bezwaarschrift aan de minister doorgezonden.

2.3. Het hoger beroep is gegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden vernietigd. Doende hetgeen het Gerecht had behoren te doen, zal het Hof het Gerecht onbevoegd verklaren om van het bij hem ingestelde beroep kennis te nemen en het beroepschrift aan de minster doorzenden ter behandeling als bezwaarschrift.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het hoger beroep gegrond;

II. vernietigt de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba van 11 november 2009 in zaak nr. Lar 751 van 2009;

III. verklaart het Gerecht onbevoegd om van het in die zaak ingestelde beroep kennis te nemen.

Aldus vastgesteld door J.Th. Drop, Voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. A.W.M. Bijloos, Leden, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Isenia, griffier.

w.g. Drop

Voorzitter

w.g. Isenia

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 25 januari 2011

Verzonden:

Voor eensluidend afschrift,

de griffier,

voor deze,