Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGHACMB:2011:BP2907

Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
04-01-2011
Datum publicatie
02-02-2011
Zaaknummer
AR 246/08 - HAR 72/10
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

[eiseres] heeft incidentele vordering ingediend ertoe strekkende dat de tenuitvoerlegging van het vonnis van 10 mei 2010 wordt geschorst. [verweerder] heeft geen bezwaar tegen de schorsing. Vordering wordt toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Registratienummers: AR 246/08 - HAR 72/10

Uitspraak: 4 januari 2011

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE

van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en

van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

vonnis in het incident ex art. 272 Rv

in de zaak van:

[eiseres],

wonend in België,

eiseres in het incident,

gemachtigde: mr. R.A.P.H. Pols,

- tegen -

[verweerder],

wonend in Nederland,

verweerder in het incident,

gemachtigde: mr. ing. D. d’Ancona.

Partijen worden hierna [eiseres] en [verweerder] genoemd.

1. Het verloop van de procedure

1.1 Op 10 mei 2010 heeft het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao (verder: GEA) tussen partijen vonnis gewezen. Voor hetgeen in eerste aanleg is gesteld en gevorderd, de procesgang aldaar en de overwegingen en beslissingen van het GEA wordt verwezen naar dat vonnis.

1.2 [eiseres] is op 21 juni 2010 in hoger beroep gekomen van voornoemd vonnis. Op 7 december 2010 heeft [eiseres] een incidentele vordering ingediend ertoe strekkende dat de tenuitvoerlegging van het vonnis wordt geschorst en [verweerder] wordt veroordeeld in de kosten van het incident. [verweerder] is in de gelegenheid gesteld zich over deze vordering uit te laten. [verweerder] heeft bij akte van deze gelegenheid gebruik gemaakt en geconcludeerd tot afwijzing, kosten rechtens.

1.3 Vonnis is bepaald op heden.

2. De beoordeling in het incident

2.1 Blijkens de akte zijdens [verweerder] en de daarbij gevoegde stukken, heeft hij geen bezwaar tegen de schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis van 10 mei 2010 totdat op het hoger beroep zal zijn beslist. Gelet daarop kan de vordering worden toegewezen. Voor de door [eiseres] gevorderde dwangsom biedt art. 272 Rv geen ruimte; gelet op de schorsende werking die van dit vonnis uitgaat heeft [eiseres] daarbij overigens ook geen belang.

2.2 Waar [verweerder] zich, materieel, niet heeft verzet tegen de vordering, ziet het Hof geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling ten laste van [verweerder]. Het Hof zal bepalen dat iedere partij de eigen kosten van dit incident draagt.

BESLISSING

Het Hof:

schorst de tenuitvoerlegging van het vonnis van 10 mei 2010 voor zover tussen partijen gewezen;

compenseert de proceskosten in die zin dat ieder van partijen de eigen kosten van dit incident draagt.

Dit vonnis is gewezen door mrs. J. de Boer, J.R. Sijmonsma en F.J.P. Lock, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en ter openbare terechtzitting van het Hof in Curaçao in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken op 4 januari 2011.