Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAC:2019:269

Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Datum uitspraak
22-10-2019
Datum publicatie
06-12-2019
Zaaknummer
F 66220/2013
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Beschikking
Inhoudsindicatie

Kosten noodregeling Girobank. Correctie op eerdere vaststelling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

BESCHIKKING

in de noodregeling ten aanzien van

GIROBANK N.V.,

De procedure

1. Verwezen wordt naar:

- de beschikking van 16 december 2013 waarbij de noodregeling werd uitgesproken;

- de beschikkingen van 23 juli 2015, 22 juli 2016 en 19 juni 2018 houdende vaststelling van kosten als bedoeld in art. 35 Lv Toezicht Bank- en Kredietwezen 1994;

- de rapportage van mrs. Keizer en Francisco namens de Centrale Bank van Curacao en Sint Maarten (‘CBCS’) van 27 augustus 2019, zoals op die datum mondeling toegelicht.

Beoordeling

2. Bij beschikking van 19 juni 2018 zijn op verzoek van CBCS de kosten van de noodregeling over de periode van de aanvang van de noodregeling tot en met 31 december 2017 vastgesteld op NAf 7.303.024,12 en is bepaald dat deze kosten ten laste van Girobank worden gebracht.

3. Uit de rapportage en de mondelinge toelichting blijkt dat CBCS heeft vastgesteld dat in de aan die beschikking ten grondslag liggende kostenopgave ten onrechte kosten tot een bedrag van NAF 1.685.582 zijn opgevoerd. Het betreffen naar het gerecht begrijpt bonussen of toelagen die aan (hoge) functionarissen van CBCS zijn verstrekt, al dan niet verband houdend met hun bemoeienissen met de noodregeling. Een voldoende rechtvaardiging om die bedragen door te belasten aan Girobank ontbreekt. Het gerecht volgt CBCS dan ook in haar voorstel terug te komen op de kostenvaststelling in de beschikking van 19 juni 2018 en zal daarop NAf 1.685.582 in mindering te brengen. Daartoe zal worden beslist als hierna omschreven.

4. Naar analogie van hetgeen in de Faillissementsrichtlijnen 2012 van curatoren en bewindvoerders wordt verlangd, zal de bij een volgend verzoek gevoegde kostenopstelling moeten zijn getekend door de aangestelde gemachtigden.

Beslissing

Het Gerecht:

bepaalt dat van het bij beschikking van 19 juni 2018 vastgestelde bedrag aan kosten van de noodregeling over de periode van 13 december 2013 tot en met 31 december 2017 een bedrag van NAf 1.685.582 heeft te gelden als voorschot voor de gemaakte en te maken kosten na 31 december 2017.

Deze beschikking is gegeven door mr. P.E. de Kort, rechter in het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 oktober 2019, in aanwezigheid van de griffier.