Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAC:2017:65

Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Datum uitspraak
07-06-2017
Datum publicatie
14-06-2017
Zaaknummer
BBZ nr. CUR201500565
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vereenvoudigd uitspraak: de aanslag is teruggebracht naar nihil dat betekent dat belanghebbende geen belang meer heeft bij het beroep. In zoverre is het beroep kennelijk niet- ontvankelijk. Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om kosten vergoeding van de bezwaarfase is kennelijk ongegrond, omdat in de bezwaarfase niet verzocht is om een kostenvergoeding.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Uitspraak van 7 juni 2017

BBZ nr. CUR201500565

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

UITSPRAAK

Na vereenvoudigde behandeling van het beroep in de zin van artikel 7a van de

Landsverordening op het beroep in Belastingzaken in het geding tussen:

[ X ] N.V., gevestigd in Curaçao,

belanghebbende,

gericht tegen:

DE INSPECTEUR DER BELASTINGEN, gevestigd in Curaçao,

de Inspecteur,

1 PROCESVERLOOP

1.1

Aan belanghebbende is op 30 september 2014 een naheffingsaanslag

omzetbelasting opgelegd over de maand januari 2014 van Naf. 60.426.

1.2

Belanghebbende is op 12 november 2014 tegen de aanslag in bezwaar gekomen.

1.3

De Inspecteur heeft op 10 september 2015 uitspraak op bezwaar gedaan en de

aanslag gehandhaafd.

1.4

Belanghebbende is op 9 november 2015 in beroep gekomen tegen de uitspraak

Op bezwaar.

1.5

De Inspecteur heeft een schermprint overgelegd, waaruit blijkt dat de

naheffingsaanslag omzetbelasting over de maand januari 2014 is verminderd naar nihil. Een kopie van de schermprint is als bijlage bij deze uitspraak gevoegd.

2 BEOORDELING VAN HET BEROEP

2.1

Ingevolge artikel 7a, onderdeel b LBB kan het Gerecht onmiddellijk uitspraak doen indien het beroep kennelijk niet- ontvankelijk is dan wel kennelijk ongegrond is.

2.2

Bij beschikking van 11 februari 2016 is de naheffingsaanslag omzetbelasting

verminderd naar nihil. In zoverre is het beroep, nu gegrondbevinding niet tot een voor

belanghebbende gunstiger resultaat kan leiden, kennelijk niet- ontvankelijk.

2.3

Belanghebbendes verzoek om vergoeding van de kosten van de bezwaarfase wordt afgewezen, nu zij daar, anders dan artikel 32a, lid 2 van de Algemene landsverordening Landsbelastingen voorschrijft, niet in de bezwaarfase om heeft verzocht. In zoverre is het beroep kennelijk ongegrond.

3 DE BESLISSING

Het Gerecht:

  • -

    verklaart het beroep niet- ontvankelijk voor zover het betrekking heeft op de aanslag;

  • -

    verklaart het beroep ongegrond voor zover het betrekking heeft op de kostenvergoeding in de bezwaarfase.

Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. M.M. de Werd, voorzitter, mr. D.J. Jansen en mr. W.C.E. Winfield, leden en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 juni 2017, in tegenwoordigheid van de griffier, N.N. Noël van der Biezen BSc.

De griffier, De voorzitter,

Verzonden op: ……………………..

Tegen deze uitspraak kunnen partijen schriftelijk verzet doen bij het Gerecht in eerste aanleg (artikel 7b, lid 1 LBB).

De termijn voor het indienen van een verzetschrift bedraagt overeenkomstig art. 7b, lid 2 LBB twee maanden genomen vanaf de datum van toezending van de uitspraak aan partijen.

Is het Gerecht in eerste aanleg van oordeel dat het verzet gegrond is, dan vervalt deze uitspraak en wordt de zaak alsnog in behandeling genomen.