Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAC:2016:32

Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Datum uitspraak
17-02-2016
Datum publicatie
19-07-2016
Zaaknummer
500.00122/15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Onderzoek Kartucha, veroordeling wegens drie gewapende overvallen op Chinese toko's in een kort tijdbestek tot gevangenisstraf van 7 jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

S T R A F V O N N I S

in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [datum] 1982 in Curaçao,

wonende in Curaçao te [adres] 14,

thans alhier gedetineerd.

1 Onderzoek van de zaak

Het onderzoek ter openbare terechtzitting heeft plaatsgevonden op 27 januari 2016. De verdachte is verschenen, bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. M. Peelen.

De officier van justitie, mr. S.A. van de Vliet, heeft ter terechtzitting gevorderd de verdachte ter zake van de feiten 1, 2, 4, 5, 6 en 7 te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 jaren, met aftrek van voorarrest.

De raadsvrouw heeft verweer gevoerd.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd:

1. Xion Fu Minimarket)

dat hij op of omstreeks 2 februari 2015, althans op een tijdstip in of omstreeks de maand februari 2015 in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een geldbedrag van NAF 450,- en/of meerdere opwaardeerkaarten van UTS en/of Digicel en/of meerdere flessen met alcoholische drank en/of meerdere sloffen sigaretten, in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [aangever], in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever], gepleegd door hem, verdachte,

en/of zijn mededader(s) met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of zijn mededader(s), hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

bestaande dat geweld en/of die bedreiging met geweld uit het opzettelijk

• een vuurwapen, althans een soortgelijk voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, tonen aan die [aangever];

(artikel 2:291 Wetboek van Strafrecht)

2.

dat hij op of omstreeks 2 februari 2015, althans op een tijdstip in of omstreeks de maand februari 2015 in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, voorhanden heeft gehad één of meer vuurwapen(s), in elk geval (een) soortgelijk(e) voor bedreiging of afdreiging geschikt(e) voorwerp(en), in de zin van de Vuurwapenverordening 1930;

(artikel 3 jo 11 van de Vuurwapenverordening 1930)

3.

dat hij op of omstreeks 2 februari 2015, in elk geval op een tijdstip in of omstreeks de maand februari 2015 in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening (van het erf van een woning) heeft weggenomen een motorrijtuig (van het merk Chevrolet model Spark, kenteken R 39-26), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangeefster], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking, te weten door het stuurslot te vernielen en/of door middel van een valse sleutel;

(artikel 2:288/289 Wetboek van Strafrecht)

Subsidiair, voor zover het vorenstaande niet tot enige veroordeling zou kunnen of mogen leiden,

dat hij in of omstreeks de periode van 2 februari tot en met 3 februari 2015, in elk geval op een tijdstip in of omstreeks de maand februari 2015, in Curaçao, een motorrijtuig (van het merk Chevrolet model Spark, kenteken R 39-26) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat motorrijtuig wist of begreep, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

(artikel 2:397-1a/399-1a Wetboek van Strafrecht)

4. ( atrako You Yi Minimarket)

dat hij op of omstreeks 30 januari 2015, althans op een tijdstip in of omstreeks de maand januari 2015 in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van NAF 500,- en/of meerdere opwaardeerkaarten van UTS en/of Digicel in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [aangever], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s), hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

bestaande dat geweld en/of bedreiging met geweld hierin dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) opzettelijk

• vuurwerk heeft/hebben afgestoken bij de ingang van de toko en/of

• met een vuurwapen, althans een soortgelijk voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, de toko is/zijn binnengerend;

• een vuurwapen, althans een soortgelijk voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, heeft/hebben getoond aan die [aangever];

(artikel 2:291 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht)

5. ( vuurwapen You Yi Minimarket)

dat hij op of omstreeks 30 januari 2015, althans op een tijdstip in of omstreeks de maand januari 2015 in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, voorhanden heeft gehad één of meer vuurwapen(s), in elk geval (een) soortgelijk(e) voor bedreiging of afdreiging geschikt(e) voorwerp(en), in de zin van de Vuurwapenverordening 1930;

(artikel 3 jo 11 van de Vuurwapenverordening 1930)

6. ( atrako Chang Ching Minimarket)

dat hij op of omstreeks 25 januari 2015, althans op een tijdstip in of omstreeks de maand januari 2015 in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een geldbedrag van NAF 2000,- en/of meerdere opwaardeerkaarten van UTS en/of Digicel en/of Latina en/of een mobiele telefoon (Iphone 5) en/of meerdere flessen met alcoholische drank en/of meerdere sloffen sigaretten en/of meerdere aanstekers, in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [aangevers], in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangevers], gepleegd door hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of zijn mededader(s), hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

bestaande dat geweld en/of die bedreiging met geweld uit het opzettelijk

• met een vuurwapen, althans een soortgelijk voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, de toko is/zijn binnengerend;

• een vuurwapen, althans een soortgelijk voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, heeft/hebben getoond aan die [aangevers];

• met kracht en onverhoeds de mobiele telefoon hebben weggerukt uit de hand van die [aangever 2];

• de (geweld) de handen in de broekzak van die [aangever 2] steken, deze vervolgens doorzoeken en/of daaruit goederen wegnemen;

(artikel 2:291 Wetboek van Strafrecht)

7. ( vuurwapen Chang Ching Minimarket)

dat hij op of omstreeks 25 januari 2015, althans op een tijdstip in of omstreeks de maand januari 2015 in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, voorhanden heeft gehad één of meer vuurwapen(s), in elk geval (een) soortgelijk(e) voor bedreiging of afdreiging geschikt(e) voorwerp(en), in de zin van de Vuurwapenverordening 1930;

(artikel 3 jo 11 van de Vuurwapenverordening 1930)

3 Voorvragen

Het Gerecht heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat het bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 Bewijsbeslissingen

4A. Vrijspraak

Het Gerecht heeft, evenals het openbaar ministerie en de raadsvrouw, uit het onderzoek op de terechtzitting door de inhoud van wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging bekomen dat de verdachte het onder 3 tenlastegelegde feit heeft begaan en zal de verdachte daarvan, zonder nadere motivering, vrijspreken.

4B. Bewijsmiddelen

Het Gerecht komt tot bewezenverklaring van de onder 1, 2, 4, 5, 6 en 7 ten laste gelegde feiten op grond van de feiten en omstandigheden die in de navolgende wettige bewijsmiddelen zijn vervat1.

met betrekking tot feit 1 en feit 2:

1. Proces-verbaal van aangifte van beroving, d.d. 2 februari 2015, pagina 35 t/m 38, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de aangeefster [aangeefster]:

Ik en mijn man zaten op 2 februari 2015 omstreeks 12:50 uur achter de toonbank in onze toko Xiong Fu’s Minimarket te Curaçao toen een kleine zwarte personenauto dwars op onze parkeerplaats met piepende banden tot stilstand werd gebracht. Ik zag twee mannen en een vrouw, gemaskerd en vermomd uit deze auto stappen. Eén van de mannen sprong over de toonbank en begon achter en onder de toonbank te graaien. Daaropvolgend pakte de man de kassalade uit de kasregister en leegde deze in een emmer. Hierna gooide de man ook sigaretten, opwaardeerkaarten, muntgeld en bankbiljetten in de emmer. De andere man en de vrouw liepen naar binnen en ik zag dat deze man een vuurwapen in zijn hand had. De vrouw pakte enkele flessen Ponche Caribe en wijn. Zij liep daarna terug naar de vluchtauto en legden de flessen daarin. Toen liep zij weer de toko binnen en pakte weer wat flessen uit dezelfde rek. Toen de andere man naar buiten liep zag ik dat hij een doos whisky in zijn handen droeg.

2. Proces-verbaal van aangifte van beroving d.d. 12 februari 2015, pagina 40 t/m 43, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de aangever [aangever]:

Mijn vrouw en ik zaten op 2 februari 2015 achter de toonbank in onze toko Xiong Fu’s Minimarket toen twee mannen en een vrouw onze toko kwamen overvallen. Een van deze mannen had een vuurwapen in zijn hand. Ik schrok toen ik dat zag. Ze namen geld, drank, opwaardeerkaarten en sigaretten mee.

met betrekking tot feit 4 en feit 5:

3. Proces-verbaal van aangifte [aangever 2], d.d. 30 januari 2015, pagina 58 t/m 60, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de aangever [aangever]:

Ik was op 30 januari 2015 omstreeks 22:00 uur bij de You Yi Minimarket te Curaçao toen ik een Kia Rio op de parkeerplaats zag parkeren. Daarna stapten drie mannen uit. Eén van de mannen vroeg mijn vrienden om geld. Daaropvolgend werd mijn mobiele telefoon weggerukt. De mannen renden daarna de minimarket binnen en beroofden de eigenaren.

4. Proces-verbaal van aangifte [aangeefster 2], d.d. 31 januari 2015, pagina 63 t/m 65, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de aangeefster

[aangeefster 2]:

Ik stond op 30 januari 2015 achter de balie van de You Yi Minimarket, toen ik een harde klap van het afsteken van vuurwerk hoorde. Meteen daarna zag ik twee mannen de minimarket binnenkomen. Zij vroegen om geld, waarna ze beiden achter de toonbank sprongen.Even later kwam een derde man naar binnen met een groot vuurwapen. Ook hij sprong achter de toonbank. Zij hebben ongeveer NAf 500,00 en verschillende telefoonkaarten meegenomen.

5. Proces-verbaal van 4de verhoor verdachte [medeverdachte] d.d. 27 februari 2015, pagina 411 t/m 413, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de medeverdachte [medeverdachte]:

In de maand januari 2015 heb ik een beroving gepleegd op een kleine toko. Het betreft de You Yi Minimarket die ik jullie heb aangewezen. Ik heb die beroving gepleegd met [medeverdachte 2] en met [verdachte]. We hebben voor de beroving de Kia Rio van [verdachte] gebruikt. Toen we aan kwamen rijden heb ik vuurwerk aangestoken. [verdachte] kwam met dat idee. [medeverdachte 2] had een shotgun. Met dit vuurwapen bleef hij naast de entree op post staan. U vraagt mij wie met het plan kwam om de beroving te gaan plegen. Op die dag kwam ik [medeverdachte 2] en [verdachte] tegen bij het pompstation te Sta. Rosa. Zij reden in de Kia Rio van [verdachte]. Toen [medeverdachte 2] mij vertelde dat zij van plan waren om geld te gaan maken, stapte ik in de auto. We reden naar een woning, waar [medeverdachte 2] uitstapte en daarna terugkwam met de shotgun. Daarna gingen we in de omgeving van Bonam rijden op zoek naar een minimarket om te beroven. Toen kwamen we de kleine toko tegen.

6. De verklaring van medeverdachte [medeverdachte], afgelegd naar aanleiding van een confrontatie met de inbeslaggenomen video-opname van de beroving in You Yi Minimarket op 30 januari 2015, afgelegd tijdens zijn 4de verhoor d.d. 27 februari 2015, pagina 410 t/m 414, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -:

Op deze beelden is de dader die als eerst de toko binnen loopt [verdachte]. De tweede ben ik en de derde is [medeverdachte 2]. Zoals jullie zien is [medeverdachte 2] in het bezit van de shotgun.

7. Procesverbaal van fotoconfrontatie verdachte [medeverdachte] - verdachte [verdachte] d.d. 20 februari 2015, pagina 180 t/m 181:

- voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven – als de verklaring van medeverdachte [medeverdachte]:

Ik herken de man op foto nummer 6 als de voor mij bekende man genaamd [verdachte]. Ik herken hem aan zijn gezicht. De Kia Rio waarover ik sprak is van hem. Hij is dezelfde [verdachte] waarover ik in mijn verklaringen sprak.

- Voor zover inhoudende als opmerking van de verbalisanten [verbalisanten]: op foto nummer 6 staat afgebeeld de verdachte [verdachte].

met betrekking tot feit 6 en feit 7:

8. Proces-verbaal van aangifte [aangeefster] d.d. 4 februari 2015, pagina 50 t/m 52, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de aangeefster [aangeefster]:

Ik bevond mij op 25 januari 2015 omstreeks 21:00 uur in de Chang Ching Minimarket te Curaçao samen met mijn echtgenoot en kinderen toen ik twee mannen binnen zag lopen. Eén van deze mannen had een jachtgeweer bij zich. Deze twee mannen zijn direct op mijn echtgenoot afgegaan. Ik ben gaan schuilen met de kinderen. Ze hebben NAf 2.000,00, telefoonkaarten van Chippie, Digicel en Latina, sloffen sigaretten en aanstekers, 1 doos Blacklabel whisky van 12 flessen en een iPhone meegenomen.

9. Proces-verbaal van aangifte [aangever] d.d. 4 februari 2015, pagina 54 t/m 56, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de aangever [aangever]:

Ik bevond mij op 25 januari 2015 buiten op de stoep van de Chang Ching Minimarket. Ik had mijn iPhone in mijn hand toen één van de daders mij benaderde en de mobiele telefoon met kracht uit mijn hand rukte. Daarna stopte deze dader een hand in mijn broekzak en nam mijn portemonnee met inhoud weg. Beide mannen, waarvan één ervan gekleed was in roodkleurig geruite kleding, zijn vervolgens de minimarket binnen gegaan. Toen kwamen ze weer naar buiten met goederen in hun handen. Ze vluchtten weg in een lichtgekleurde personenauto.

met betrekking tot alle feiten:

10. Procesverbaal van 1ste verhoor (sociaal) medeverdachte [medeverdachte] d.d. 3 februari 2015, pagina 507 t/m 515, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven – als haar verklaring, afgelegd op 3 februari 2015:

U vraagt mij of ik betrokken ben geweest bij andere berovingen. Ja, gisteren in de middaguren bij een minimarket. We waren gisteren met z’n vieren, [medeverdachte 2] en ik en twee voor mij van aanzien bekende jongens. We reden gisteren in dezelfde zwarte auto als waarin wij vandaag werden aangehouden. Ik drong samen met [medeverdachte 2] en één van die twee van aanzien bekende jongens de minimarket binnen. De vriend van ‘Moro’ die de lichtblauwe Kia Rio heeft, was degene die samen met ons binnendrong. Toen we de minimarket waren binnengedrongen heb ik alcoholische dranken, daaronder begrepen een fles wijn en drie flessen Ponche Crema meegenomen. [medeverdachte 2] was met een groot vuurwapen bewapend.

11. Proces-verbaal herkenning [verdachte] , d.d. 4 februari 2015, p. 69 t/m 72,

voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven – als verklaring van de verbalisanten

[verbalisanten]:

De verdachte [medeverdachte 2] werd verhoord in de zaak van de beroving van de Xion Fu’s Minimarket op 2 februari 2015. Na het verhoor was [medeverdachte 2] de ochtendkrant Extra van 4 februari 2015 aan het lezen. Tijdens het bekijken van de foto’s op pagina 14 zei [medeverdchte 2] tegen ons dat één van de andere mannen die ook betrokken was bij de beroving, de man van fors postuur liggend op de grond is en dat hij de eigenaar moet zijn van de lichtgekleurde Kia Rio die ook in de krant stond.

12. Proces-verbaal van fotoconfrontatie verdachte [medeverdachte 2] - verdachte [verdchte] d.d. 12 februari 2015, p. 87 t/m 88:

- voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven – als de verklaring van medeverdachte [medeverdachte 2]:

Ik herken de man onder nummer 2 als de voor mij van aanzien bekende man die ook had meegedaan aan de beroving op Toko Bonam op 2 februari 2015. Hij is de man die ik ook in de krant heb aangewezen. Hij is de dader die samen met mij en [medeverdachte] de minimarket binnentrad om de beroving te gaan plegen. Gedurende de beroving was hij over de toonbank naar binnen gesprongen. Hij nam het geld. Ik herken hem aan zijn gezicht.

- Voor zover inhoudende als opmerking van de verbalisanten [verbalisanten]: op afbeelding nummer 2 staat afgebeeld de verdachte [verdachte].

13. Proces-verbaal van tonen inbeslaggenomen videobeelden (minimarket Chang Ching) aan de verdachte [medeverdachte 2], d.d. 27 februari 2015, pagina 157 t/m 159, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de medeverdachte [medeverdchte 2]:

Ik herken op deze beelden van een beroving in Chang Ching minimarket de man die in het bezit is van de shotgun als [medeverdachte]. [medeverdacht2] gebruikt bijna altijd de shotgun. Verder herken ik de andere man die achter de toonbank loopt als de eigenaar van de lichtblauwe Kia Rio die ik jullie in de krant Extra heb aangewezen. Hij is dezelfde man die ook betrokken was bij de beroving van Toko Bonam, waar ik ook bij betrokken was. Hij gaat altijd achter de toonbank om goederen weg te nemen. Dat is zijn modus operandi, net als bij Toko Bonam. Ik herken hem aan zijn postuur en gestalte. Zoals jullie kunnen zien heeft hij een gekleurde trui met blokjes en streepjes aan, voorzien van een capuchon. Dit is dezelfde trui als die hij droeg bij de beroving van Toko Bonam.

14. Proces-verbaal van tonen inbeslaggenomen videobeelden (You Yi Minimarket) aan de verdachte [medeverdachte 2] d.d. 27 februari 2015, pagina 173 t/m 178, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van de medeverdachte [medeverdachte 2]:

Op deze beelden van de beroving in de You Yi minimarket herken ik de eerste dader die de minimarket binnen loopt als degene die ik ook in een fotoconfrontatie heb herkend en die ik in de krant heb aangewezen. Zoals jullie kunnen zien heeft hij bij deze beroving weer die gekleurde trui voorzien van een capuchon met streepjes en blokjes erop aan. Die trui is dezelfde trui die hij bij de beroving van Toko Bonam aan had en die hij aanhad op de eerste beelden die jullie mij hebben laten zien van een ander voorval. Verder herken ik de vluchtauto. Deze Kia Rio is dezelfde als die ik jullie in de krant heb aangewezen.

15. De verklaring van medeverdachte [medeverdachte 2], afgelegd naar aanleiding van een confrontatie met de inbeslaggenomen video-opname van de beroving in Xiong Fu’s Minimarket op 2 februari 2015, afgelegd tijdens haar 3de verhoor d.d. 24 maart 2015, pagina 523 t/m 529, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -:

Xiong Fu’s Minimarket is inderdaad de voormalige Toko Bonam. Ik herken de minimarket op deze beelden. U vraagt mij of ik iemand herken op deze beelden. De dader die als eerste de minimarket binnendringt en over de toonbank springt herken ik als de voor mij bekende man [verdachte]. Zoals jullie kunnen zien draagt hij hier alweer dezelfde rode trui voorzien van een capuchon. De tweede dader die in het bezit van het lange zwarte vuurwapen naar binnen gaat is [medeverdachte ]. Ik ben degene met de pruik op.

16. De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 27 januari 2016, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven-:

Ik reed in de periode na mijn invrijheidstelling op 15 januari 2015 in een lichtgekleurde Kia Rio rond. Ik ben de liggende man met een wit t-shirt aan op de foto in de krant Extra van 4 februari 2015. Ik was toen bij de woning van een man die ik ken als ‘Moro’.

4C. Bewijs(middel)verweren

De verdediging heeft betoogd dat de belastende verklaring van de medeverdachte [2] (hierna: [medeverdachte 2]) onbetrouwbaar is, nu deze geen steun vindt in het dossier. De herkenningen van [medeverdachte 2] zijn eveneens onbetrouwbaar, omdat onduidelijk is op grond waarvan [medeverdachte 2] de verdachte in de zogenaamde foslo-reeks en op de getoonde videobeelden (steeds) herkent als één van de daders. Ditzelfde geldt, aldus de verdediging, voor de belastende verklaring van medeverdachte [medeverdachte] (hierna: [medeverdachte]) en diens herkenning van de verdachte. [medeverdachte] heeft namelijk in strijd met de waarheid verklaard dat hij de verdachte vlak voor de overval al een jaar kende uit de buurt Montagne, aldus nog steeds de verdediging.

Het Gerecht overweegt als volgt. Zowel [medeverdachte 2] als [medeverdachte] hebben zeer belastende verklaringen afgelegd over de verdachte. Deze verklaringen acht het Gerecht betrouwbaar en geloofwaardig, omdat beide medeverdachten zichzelf met deze verklaringen in grote mate incrimineren en de verklaringen gedetailleerd en consistent zijn. De verklaringen van [medeverdachte 2] en [medeverdachte] vinden bovendien steun in elkaar, de plaatsaanwijzingen, de inbeslagneming van de gestolen goederen en de herkenning van deze goederen door de aangever. Tenslotte blijven beiden ook tijdens de verhoren door de rechter-commissaris bij hun eerder afgelegde verklaringen.

Met betrekking tot de herkenningen door [medeverdachte 2] en [medeverdachte] overweegt het Gerecht dat goed kan worden vastgesteld hoe deze tot stand zijn gekomen en waaraan de verdachte wordt herkend. [medeverdachte 2] herkent de verdachte in eerste instantie in de krant aan zijn postuur in combinatie met de afgebeelde Kia Rio en daarna, tijdens de meervoudige fotoconfrontatie, zonder aarzelen aan zijn gezicht. Op de videobeelden van de twee overvallen waar zijzelf niet bij betrokken was, wijst zij vervolgens een man aan die tweemaal dezelfde rood geblokte en gestreepte trui met capuchon draagt. Zij herkent de verdachte aan zijn postuur en aan deze trui, die hij ook droeg bij de overval waar zijzelf bij betrokken was. Op de videobeelden van de overval op Toko Bonam die haar het laatst worden getoond, is vervolgens (inderdaad) een man te zien die diezelfde rood geblokte en gestreepte trui met capuchon trui draagt.

Deze herkenningen door [medeverdachte 2] zijn aldus bezien consistent en vinden niet alleen steun in het signalement dat zij in haar tweede verhoor reeds had afgegeven van haar mededader, maar ook in de herkenningen door [medeverdachte]. [medeverdachte] herkent de verdachte zonder aarzelen aan zijn gezicht tijdens de meervoudige fotoconfrontatie en wijst bij het bekijken van de beelden dezelfde man met de rood geblokte en gestreepte trui met capuchon aan. Ook deze herkenningen acht het Gerecht betrouwbaar en geloofwaardig. Dat [medeverdachte] de verdachte niet al een jaar kan hebben gekend uit de buurt, kan aan de verdediging worden toegegeven maar dit maakt diens herkenningen niet minder betrouwbaar, nu ook [medeverdachte 2] heeft verklaard dat de verdachte en [medeverdachte] elkaar wel (zij het korter) kenden.

Het Gerecht heeft op grond van het voorgaande geen reden te twijfelen aan de inhoud van de verklaringen en de herkenningen van de medeverdachten en bezigt deze tot het bewijs. De verweren worden verworpen.

4D. Bewezenverklaring

Het Gerecht heeft uit het onderzoek op de terechtzitting door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat de verdachte het onder feit 1, feit 2, feit 4, feit 5, feit 6 en feit 7 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat het bewezen acht:

1.

dat hij op 2 februari 2015, in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, , met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een geldbedrag van NAF 450,- en opwaardeerkaarten en flessen met alcoholische drank en sigaretten, toebehorende aan [aangever],

welke diefstal werd vergezeld van bedreiging met geweld tegen die [aangever], gepleegd door hem, verdachte,

en zijn mededaders met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijker te maken,

bestaande die bedreiging met geweld uit het opzettelijk

 een voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, tonen aan die [aangever];

2.

dat hij op 2 februari 2015, in Curaçao, tezamen en in vereniging met anderen, voorhanden heeft gehad één voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, zijnde een vuurwapen in de zin van de Vuurwapenverordening 1930;

4.

dat hij op 30 januari 2015, in Curaçao, tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van NAF 500,- en opwaardeerkaarten toebehorende aan [aangever],

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen die [aangever], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijker te maken

bestaande die bedreiging met geweld hierin dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) opzettelijk

 vuurwerk hebben afgestoken bij de ingang van de toko en

  • -

    met een voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, de toko zijn binnengerend en;

  • -

    voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, hebben getoond aan die [aangever];

5.

dat hij op 30 januari 2015, in Curaçao, tezamen en in vereniging met anderen, , voorhanden heeft gehad één voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, zijnde een vuurwapen in de zin van de Vuurwapenverordening 1930;

6.

dat hij op 25 januari 2015, in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een geldbedrag van NAF 2000,- en opwaardeerkaarten van UTS en Digicel en Latina en een mobiele telefoon (Iphone 5) en flessen met alcoholische drank en sloffen sigaretten en aanstekers toebehorende aan [aangevers]

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [aangevers], gepleegd door hem, verdachte, en/of zijn mededader- met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijker te maken,

bestaande dat geweld en die bedreiging met geweld uit het opzettelijk

  • -

    met een voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, de toko binnenrennen en;

  • -

    een vuurwapen, tonen aan die [aangeefster] ;

  • -

    met kracht een mobiele telefoon wegrukken van die [aangever] en;

  • -

    de handen in de broekzak van die [aangever] steken, en daaruit goederen wegnemen;

7.

dat hij op 25 januari 2015, in Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander, voorhanden heeft gehad één voor bedreiging of afdreiging geschikt voorwerp, zijnde een vuurwapen in de zin van de Vuurwapenverordening 1930.

De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten zijn in de bewezenverklaring cursief weergegeven verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, zoals doorgestreept in de tekst, is niet bewezen, zodat de verdachte hiervan zal worden vrijgesproken.

5 Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten

Het bewezenverklaarde levert op:

Feit 1:

diefstal, vergezeld van bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijker te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;

Feit 2:

medeplegen van overtreding van een verbod, gesteld bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening 1930;

Feit 4:

diefstal, voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijker te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;

Feit 5:

medeplegen van overtreding van een verbod, gesteld bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening 1930;

Feit 6:

diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijker te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;

Feit 7:

medeplegen van overtreding van een verbod, gesteld bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening 1930.

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluit. De feiten zijn derhalve strafbaar.

6 Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte opheft of uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7 Strafmotivering

Gelet op de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, op de omstandigheden waaronder de verdachte zich daaraan schuldig heeft gemaakt en op de persoon van de verdachte, zoals van één en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht het Gerecht na te noemen beslissing passend. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich binnen zeer korte tijd driemaal schuldig gemaakt aan het tezamen en in vereniging met anderen plegen van overvallen op Chinese toko’s, waarbij telkens met een vuurwapen werd gedreigd. De verdachte heeft zich dus tevens, meermalen, schuldig gemaakt aan verboden vuurwapenbezit.

De verdachte heeft met zijn handelen niet alleen de directe slachtoffers grote angst aangejaagd, maar hij heeft ook een ernstige inbreuk op de rechtsorde gemaakt. Het handelen van de verdachte versterkt bovendien bestaande gevoelens van angst en onveiligheid in de Curaçaose maatschappij. Bovendien kunnen overvallen als deze langdurig psychische gevolgen hebben voor de slachtoffers. De verdachte en zijn mededaders zijn aan deze gevolgen van hun handelen volledig voorbijgegaan en hebben zich louter laten leiden door hun streven naar financieel gewin.

Een vrijheidsbenemende straf is gelet op de aard en de ernst van de feiten geïndiceerd. Het Gerecht hanteert als oriëntatiepunt voor de strafoplegging bij overvallen een straf tussen de drie en vijf jaren gevangenisstraf als sprake is van dreiging met een vuurwapen.

Ten nadele van verdachte geldt dat hij in 2012 tot vier jaren gevangenisstraf werd veroordeeld voor soortgelijke feiten. Het Gerecht rekent het de verdachte zwaar aan dat hij na zijn invrijheidstelling vrijwel onmiddellijk weer de fout is in gegaan en meteen tot driemaal toe.

Bij het bepalen van de duur van de op te leggen straf slaat het Gerecht echter ook in belangrijke mate acht op de straf die het Gerecht op 3 juni 2015 heeft opgelegd aan de meerderjarige medeverdachte, die in deze drie zaken het vuurwapen hanteerde (het Gerecht verwijst naar het onherroepelijke vonnis met parketnummer 500.00023/15). Deze medeverdachte, die ook pas zeer kort op vrije voeten was en met een soortgelijk strafblad als dat van de verdachte, is door het Gerecht voor dezelfde drie overvallen plus een vierde overval, een opzetheling en een woninginbraak veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van acht jaren. Met het oog op de rechtsgelijkheid acht het Gerecht de door de officier van justitie gevorderde gevangenisstraf voor de duur van tien jaren dan ook te hoog.

Alles afwegende acht het Gerecht een gevangenisstraf voor de duur van zeven jaren passend en geboden.

8 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 1:62, 1:136, 1:224, 2:289, 2:290 en 2:291 van het Wetboek van Strafrecht en op de artikelen 3 en 11 van de Vuurwapenverordening 1930.

9 Beslissing

Het Gerecht:

verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde zoals in rubriek 4A omschreven heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij;

verklaart bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde zoals in rubriek 4D omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt verdachte daarvan vrij;

verklaart dat de bewezenverklaarde feiten de in rubriek 5 genoemde strafbare feiten opleveren en;

verklaart de verdachte hiervoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte wegens deze feiten tot een gevangenisstraf voor de duur van zeven (7) jaren;

bepaalt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht.

Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. M.C.B. Hubben en uitgesproken ter openbare terechtzitting van het Gerecht op 17 februari 2016, in tegenwoordigheid van de griffier.

1 De door het Gerecht als proces-verbaal aangeduide bewijsmiddelen zijn in de wettelijke vorm opgemaakt door personen die daartoe bevoegd zijn en voldoen ook overigens aan de daaraan bij wet gestelde eisen. Bij onderstaande bewijsmiddelen wordt, tenzij anders vermeld, verwezen naar het einddossier inzake het onderzoek “Kartucha”, opgemaakt en gesloten op 19 juli 2015.