Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2021:444

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
16-06-2021
Datum publicatie
20-10-2021
Zaaknummer
AUA201903026
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Toelating

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis van 16 juni 2021

Behorende bij A.R. no. AUA201903026

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

de vereniging

[NAAM VERENIGING],

te Aruba,

hierna te noemen: [Naam vereniging],

gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock,

tegen:

de naamloze vennootschap

ARUBA PORTS AUTHORITY N.V.,

te Aruba,

hierna te noemen: APA,

gemachtigde: de advocaat mr. A.F. Kuster.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het vonnis van 17 februari 2021;

- de comparitie van partijen van 22 maart 2021.

De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1

Blijkens haar statuten heeft [naam vereniging] ten doel: het behartigen, bevorderen en beschermen alsmede het opkomen voor de belangen, al dan niet in rechte, van haar leden in het algemeen. Leden kunnen zijn zij die als beroep of bedrijf in Aruba personen vervoeren of doen vervoeren (touroperators) (artikel 3, lid 1). Op dit moment heeft [naam vereniging] 28 leden.

2.2

APA, een onderneming waarvan het Land Aruba enig aandeelhouder is, exploiteert onder meer de haven in Oranjestad. In deze haven meren cruiseschepen aan en komen cruisetoeristen aan land. Het Land Aruba heeft het haventerrein aan APA in erfpacht uitgegeven.

2.3

APA voert het beleid dat toegang tot het haventerrein beperkt is tot leden van de [naam vereniging 2].

2.4

Bij brief van 10 juni 2019 heeft [naam vereniging] APA verzocht haar uiterlijk 24 juni 2019 te laten weten of de leden van [naam vereniging] in het vervolg ook op het haventerrein zullen worden toegelaten.

2.5

Bij brief van 25 juni 2019 heeft APA [naam vereniging] bericht vast te houden aan het door haar gevoerde beleid.

2.6

Nadien heeft APA met betrokkenen overleg gevoerd om te bezien hoe het reguleringssysteem kan worden gewijzigd, in bijvoorbeeld een biddingsysteem.

3 HET VERZOEK EN HET VERWEER

3.1 [

Naam verenging] verzoekt het Gerecht om APA te bevelen om binnen 5 dagen na betekening van deze uitspraak de leden van [naam vereniging] onder dezelfde voorwaarden als de leden van [naam vereniging 2] toe te laten tot het haventerrein, zulks op straffe van een dwangsom van Afl. 25.000,- voor elke dag of gedeelte van een dag dat APA mocht nalaten aan dit bevel te voldoen, met veroordeling van APA in de kosten van dit geding, alles uitvoerbaar bij voorraad.

3.2

Aan deze vordering legt [naam vereniging] ten grondslag dat APA in strijd handelt met het in de Staatsregeling van Aruba neergelegde discriminatieverbod en de vrijheid van vereniging. Door alleen leden van [naam vereniging 2] toe te laten tot het haventerrein, maakt APA misbruik van haar machtspositie als concessiehouder van de enige cruisehaven in Aruba, aldus [naam vereniging].

3.3

APA voert verweer, strekkend tot afwijzing van de vordering.

4 DE BEOORDELING

4.1

Artikel I van de Staatsregeling van Aruba bepaalt: Allen die zich in Aruba bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, kleur, taal, nationale of maatschappelijke afkomst, het behoren tot een nationale minderheid, vermogen, geboorte, of op welke grond dan ook is niet toegestaan.

Artikel I.11 bepaalt: Het recht tot vereniging wordt erkend. Bij landsverordening kan

dit recht worden beperkt in het belang van de openbare orde. Artikel I.19 bepaalt: Een ieder heeft recht op het ongestoord genot van zijn eigendom, behoudens bij of krachtens landsverordening in het algemeen belang te stellen beperkingen.

4.2

Constitutionele grondrechten, als die waarop APA zich beroept, kunnen doorwerken in een rechtsverhouding tussen burgers, zoals de privaatrechtelijke rechtspersoon APA en de vereniging [naam vereniging]. De doorwerking vindt in deze gevallen indirect plaats, via het privaatrecht dat de desbetreffende rechtsverhouding beheerst (vergelijk HR 22 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1834). De stelling van [naam vereniging] dat APA voormelde grondrechten schendt, dient dan ook te worden begrepen dat APA jegens [naam vereniging] onrechtmatig handelt door onvoldoende rekening te houden met haar grondrechten.

4.3

Niet in geschil is dat APA zakelijk gerechtigde is ter zake van het haventerrein en dat de wegen op dat terrein geen openbare wegen zijn, zodat APA bevoegd is de toegankelijkheid van de wegen op het haventerrein te beperken. Met het hiervoor onder 2.3 vermelde beleid, maakt APA onderscheid tussen de leden van [naam vereniging 2] en de leden van [naam vereniging], in die zin dat het haventerrein toegankelijk is voor de leden van [naam vereniging 2] en niet voor die van [naam vereniging]. Onderzocht dient dan ook te worden of het gemaakte onderscheid toelaatbaar is. Dat APA met het gevoerde beleid eveneens inbreuk maakt op het recht tot vereniging van de leden van [naam vereniging], heeft [naam vereniging] onvoldoende toegelicht, zodat deze stelling reeds om deze reden wordt gepasseerd.

4.4

Het maken van onderscheid levert geen strijd met het gelijkheidsbeginsel of verboden discriminatie op, indien daarvoor in het licht van de doelen van de van toepassing zijnde regeling, het beleid of de gedragslijn redelijke en objectieve gronden bestaan. Dat betekent dat sprake is van discriminatie, indien het gemaakte onderscheid geen legitiem doel dient of indien geen redelijke verhouding bestaat tussen het gemaakte onderscheid en het daarmee beoogde legitieme doel. Indien het, zoals in dit geval, niet gaat om onderscheid op basis van aangeboren kenmerken van een persoon, zoals geslacht, ras, etnische afkomst; de zogenoemde “‘verdachte’” gronden voor onderscheid, wordt de keuze voor het maken van onderscheid in de regel gerespecteerd, tenzij deze van redelijke grond ontbloot is.

4.5

Bij de conclusie van antwoord en desgevraagd ter zitting heeft APA de reden om ter zake beleid te voeren aldus nader toegelicht. In de periode tot en met 2019 heeft het cruisetoerisme in Aruba een enorme groei doorgemaakt, tot aan 830.000 cruisetoeristen per jaar. Deze toeristen komen allen Aruba binnen via het in oppervlakte beperkte haventerrein. APA, als beheerder van de haven, dient zich aan vele internationale en lokale eisen ter zake van veiligheid en beveiliging te houden. APA en daarmee ook Aruba hebben op dit vlak een reputatie hoog te houden om als cruisebestemming aantrekkelijk te blijven. Behalve de veiligheid van de cruisetoeristen is ook een positieve beleving van (de aankomst in) Aruba van groot belang voor de marketingpositie van Aruba als cruisebestemming. In het verleden legde APA geen beperkingen op aan touroperators om de wegen op het haventerrein te betreden. Dat leidde tot onoverzichtelijke, onverantwoorde, onveilige en onaangename situaties, waarover vanuit zowel de cruisemaatschappijen als de cruisetoeristen talloze klachten werden ontvangen.

Om aan deze ongewenste situatie een einde te maken en ook in de toekomst te kunnen voldoen aan alle gestelde vereisten, heeft APA besloten om de toegang tot het haventerrein te beperken tot de leden van een (daartoe op te richten) vereniging. Daarbij gaat het alleen om touroperators die afhankelijk zijn van zogenoemde walk ins, cruisetoeristen die ter plaatse beslissen een dienst van een touroperator af te nemen. Voor touroperators wier diensten op voorhand, bijvoorbeeld via de desbetreffende cruisemaatschappij, zijn besproken, gelden andere regels, omdat deze touroperators niet ter plaatse cruisetoeristen hoeven te verleiden diensten van hen af te nemen.

Met deze beperking beoogde APA om het toezicht te vereenvoudigen, omdat zij als havenbeheerder alleen te maken heeft met het bestuur van één vereniging, als aanspreekpunt over gedragingen van haar leden, en dat het bestuur op zijn beurt met haar leden een rouleersysteem regelt.

4.6

Gegeven deze toelichting dient naar het oordeel van het Gerecht het door APA gevoerde beleid een legitiem doel, te weten het handhaven van de orde en de veiligheid op het haventerrein, hetgeen overigens door [naam vereniging] niet is bestreden.

4.7

Bij de conclusie van antwoord en desgevraagd ter zitting, heeft APA de keuze voor het door haar gevoerde beleid, in aanvulling op het hiervoor onder 4.5 vermelde, aldus nader toegelicht. Gelet op de omvang van het haventerrein, het aantal cruisetoeristen, de activiteiten die op het haventerrein moeten plaatsvinden – zoals afvalophaal en bunkeren – en de geldende internationale en nationale (veiligheids)vereisten is het een gegeven dat onbeperkte toegang tot het haventerrein voor touroperators die aan walk ins diensten aanbieden niet mogelijk is. Van belang voor het effectief handhaven van de orde en de veiligheid op de wegen van het haventerrein, haar eigendom, is dat zij met een beperkt aantal personen te maken heeft. Met het huidige systeem gaat het om het bestuur van [naam vereniging 2], in een eventueel toekomstig biddingsysteem gaat het om een beperkt aantal individuele touroperators, waarmee individuele overeenkomsten zullen worden gesloten. Een systeem, zoals gevorderd door [naam vereniging], dat alle leden van in elk geval twee verenigingen voor touroperators tot het haventerrein worden toegelaten, dan wel, zoals voor de toekomst voorgestaan door [naam vereniging] dat steeds per dag of dagdeel een andere groep individuele touroperators toegang heeft tot het haventerrein, is voor haar niet werkbaar, omdat met deze systemen of teveel touroperators op het haventerrein aanwezig zijn, of effectieve handhaving van de orde en veiligheid moeilijk te realiseren is, aldus APA.

4.8

Het Gerecht oordeelt als volgt. APA heeft belang bij regulering van het gebruik van de wegen op het haventerrein. Met de hiervoor onder 4.7 door APA gegeven toelichting, die op zichzelf door [naam vereniging] niet is weersproken, acht het Gerecht door APA genoegzaam aannemelijk gemaakt dat zij alleen met het door haar gevoerde beleid tot een effectieve regulering kan komen. Gelet hierop, en nu deze niet van redelijke grond is ontbloot, acht het Gerecht de keuze van APA tot beperking van de toegang tot het haventerrein tot walk in touroperators van [naam vereniging 2] niet disproportioneel aan het daarmee beoogde doel.

4.9

De conclusie is dat geen constitutionele bepaling eraan in de weg staat dat APA de toegang tot haar terreinen beperkt tot walk in touroperators die lid zijn van [naam vereniging 2]. De vordering dient te worden afgewezen.

4.10 [

Naam vereniging] dient als de in het ongelijk gestelde partij op na te melden wijze in de proceskosten te worden veroordeeld.

5 DE UITSPRAAK

het Gerecht:

5.1

wijst de vordering af;

5.2

veroordeelt [naam vereniging] in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant APA worden begroot op Afl. 2.500,- (2 punten, tarief 5).

Dit vonnis is gewezen door mr. M.E.B. de Haseth, rechter in dit Gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 16 juni 2021 in aanwezigheid van de griffier.

Datum uitspraak: 16 juni 2021

Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Zaaknummer: A.R. nr. AUA201903026

Inhoudsindicatie: toelating

Formele relaties (optioneel):

Rechtsgebieden: Civiel

Rechter: mr. M.E.B. de Haseth

Bijzondere kenmerken: