Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2021:298

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
22-06-2021
Datum publicatie
02-07-2021
Zaaknummer
AUA201903442
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

EJ. Personen en familierecht. Vervangende toestemming erkenning. Geslachtnaam. Omgang

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking van 22 juni 2021

behorend bij EJ nr. AUA201903442

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek van

[verzoeker],

wonende in Aruba,

VERZOEK,

gemachtigde: de advocaat A.E.A. Hernandez,

tegen

[verweerster],

wonende in Aruba,

VERWEER, hierna te noemen: de moeder,

gemachtigde: de advocaat mr. G.L. Griffith.

Belanghebbenden:

[naam minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] in Aruba,

[naam minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] in Aruba,

de minderjarigen,

DE VOOGDIJRAAD, in zijn hoedanigheid van bijzonder curator.

1 DE PROCEDURE

Het verloop de procedure blijkt uit:

  • -

    de advies van de bijzonder curator, ingediend op 12 maart 2020,

  • -

    het rapport van de Voogdijraad van 25 augustus 2020,

  • -

    de mondelinge behandeling van 15 december 2020, waaruit blijkt dat zijn verschenen de vrouw bijgestaan door zijn gemachtigden voornoemd, de man bij zijn gemachtigde voornoemd en de Voogdijraad bij mevrouw [naam raadsonderzoeker].

De uitspraak is op heden bepaald.

2 DE VERDERE BEOORDELING

Vervangende toestemming tot erkenning

2.1

De moeder heeft te kennen gegeven geen bezwaar te hebben tegen de erkenning van de minderjarige [naam minderjarige 2] door de man, mits de minderjarige haar geslachtsnaam behoudt.

2.2

De bijzondere curator heeft namens deze minderjarige geadviseerd de man vervangende toestemming te verlenen om de minderjarige te erkennen. Volgens de bijzondere curator zijn er geen aanwijzingen dat de erkenning de belangen van de minderjarige zal schaden, in die zin dat er reële risico’s zijn dat de minderjarige wordt belemmerd in een evenwichtige sociaalpsychologische en emotionele ontwikkeling. De moeder geeft ook aan geen bezwaar te hebben mits de minderjarige haar achternaam behoudt. De vader heeft aan de bijzondere curator aangegeven geen bezwaar te hebben tegen een erkenning onder voorwaarde dat de minderjarige de achternaam van de moeder behoudt.

2.3

Het gerecht zal gelet op het voorgaande, de man vervangende toestemming verlenen om de minderjarige te erkennen.

2.2

Vervolgens dient de vraag te worden beantwoord welke geslachtsnaam de minderjarige bij de erkenning zal dragen. Partijen hebben overeenstemming bereikt over de naamkeuze. Het gerecht overweegt als volgt. Ingevolge artikel 1:5 Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA) is de geslachtsnaam van een kind die van zijn vader, en anders die van de moeder. Conform het geldende recht krijgt de minderjarige bij de erkenning de geslachtsnaam van de vader.

Algemeen aanvaard is dat in het huidige Arubaanse namenrecht de moeder van een kind wordt achtergesteld bij de vader, zonder dat daarvoor voldoende rechtvaardiging is.

Gelet op het voorgaande, en in aanmerking genomen dat de minderjarige sinds zijn geboorte de geslachtsnaam van de moeder draagt en bij de moeder woont en moeder hoofdopvoeder is en waarschijnlijk blijft, acht de rechter het in het belang van het kind dat zij de geslachtsnaam van de moeder behoudt. Het gerecht bepaalt derhalve dat ter gelegenheid van de erkenning van de minderjarige door de man artikel 1:5 lid 1 BW buiten toepassing blijft en dat het kind de geslachtsnaam van de moeder behoudt.

Omgang

2.3

De man heeft verzocht om een omgangsregeling vast te stellen tussen hem en de kinderen. De kinderen en de niet met het gezag belaste ouder, hebben in beginsel recht op omgang met elkaar.

2.4

Gelet op hetgeen ter zitting is besproken, het advies van de Voogdijraad in hun rapport, het feit dat de minderjarigen de vader niet echt kent en nog vrij klein zijn, zal het gerecht conform advies van de Voogdijraad volgen.

5 DE BESLISSING

Het gerecht:

verleent de man [verzoeker], bij gebreke van toestemming van de moeder, vervangende toestemming om de minderjarige [naam minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] in Aruba te erkennen,

- bepaalt dat ter gelegenheid van de erkenning door de man artikel 1:5 lid 1 BWA buiten toepassing blijft en de minderjarige de geslachtsnaam van de moeder [geslachtsnaam moeder] behoudt,

bepaalt de omgangsregeling tussen vader en de minderjarigen als volgt:

  • -

    2 uur per week onder supervisie van tante of grootmoeder m/z, plaats te vinden in een onderling af te spreken plaats,

  • -

    indien omgang goed verloopt kan na 3 maanden zonder supervisie.

Aldus gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter in dit gerecht, ter zitting van 22 juni 2021 in aanwezigheid van de griffier.