Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2019:627

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
12-09-2019
Datum publicatie
01-10-2019
Zaaknummer
AUA201702544
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Nu het beroep van appellant echter niet tot een andere beslissing omtrent het toegepaste kortingspercentage kan leiden, zal het beroep ondanks het geconstateerde motiveringsgebrek in de bestreden beschikking, ongegrond worden verklaard.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Uitspraak van 12 september 2019

behorende bij CVB nr. AUA201702544

COLLEGE VAN BEROEP

inzake de Landsverordening algemene ouderdomsverzekering (Laov)

in de zaak van:

[Appellant],

wonende in Nederland, aan de Diepenbrockstraat 256, 2625 XD, Delft,

APPELLANT,

procederende in persoon.

tegen de beslissing d.d. 24 juli 2017 van

DE SOCIALE VERZEKERINGSBANK,

gevestigd te Aruba,

VERWEERDER, hierna ook te noemen: de bank,

gemachtigde: de advocaat mr. M.D. Tromp.

1 HET PROCESVERLOOP

1.1

Bij beslissing van 24 juli 2017 heeft de bank aan appellant een ouderdomspensioen krachtens de Laov toegekend, met een korting wegens onverzekerde jaren.

1.2

Tegen deze beslissing (de bestreden beschikking) heeft appellant op 2 oktober 2017 beroep aangetekend.

1.3

Op 20 november 2017 heeft de bank een verweerschrift ingediend.

1.4

Het beroep van appellant is op de bijeenkomst van 14 februari 2019 van dit college behandeld, alwaar namens de bank aanwezig was mr. B. Every, juridisch adviseur, bijgestaan door de gemachtigde voornoemd. Appellant is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen.

2 DE BEOORDELING

De ontvankelijkheid

2.1

De bank heeft primair geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheid van het beroep wegens termijnoverschrijding.

2.2

Ingevolge artikel 38, eerste lid, van de Laov staat tegen bepaalde beslissingen van de bank, voor de belanghebbende beroep open. Het derde lid bepaalt dat het beroep ingevolge het eerste lid geschiedt bij met redenen omkleed beroepschrift binnen drie weken na de dagtekening van de in het eerste lid van artikel 37 genoemde schriftelijke kennisgeving of na de datum waarop de betrokkene kan aantonen deze kennisgeving te hebben ontvangen.

2.3

Appellant heeft in zijn beroepschrift het volgende vermeld.

“Ook wil ik u op de hoogte stellen dat ik deze beslissing pas op 21 september 2017 hier op Aruba heb mogen ontvangen gezien dat deze beslissing vanuit Nederland naar mij is toegestuurd door mijn vriendin”.

2.4

Hoewel hieruit kan worden afgeleid dat de bestreden beschikking in Nederland op het juiste adres is aangekomen, is niet gebleken op welke datum dat is gebeurd. Verder is ook onduidelijk gebleven op welke datum de bank de bestreden beschikking naar appellant heeft verzonden. Nu appellant te kennen heeft gegeven dat hij pas op 21 september 2017 kennis heeft genomen van deze beschikking, acht het College zijn beroepschrift, dat binnen drie weken na ontvangst is ingediend, ontvankelijk.

Ten principale

2.5

Appellant is het er niet mee eens dat in de bestreden beschikking staat vermeld, dat hij vanaf 4 augustus 1983 niet in Aruba woonde, nu hij pas op 31 juli 1984 uit Aruba is vertrokken. Het College begrijpt zijn bezwaar aldus, dat er daarom ten onrechte meer op zijn ouderdomspensioen wordt gekort.

2.6

De bank heeft aangevoerd dat hij de volgende gegevens uit het Bevolkingsregister heeft ontvangen: Appellant is op 3 augustus 1983 naar Nederland vertrokken en heeft zich op 31 juli 1984 alhier uitgeschreven.

Nu appellant op 31 december 1985 niet in Aruba woonachtig was, is hij conform de Onderlinge Regeling Sociale Verzekeringsbank toegescheiden aan de Sociale Verzekeringsbank van de Nederlandse Antillen voor de periode waarop hij vóór 31 december 1985 in Aruba woonachtig was. Dit houdt in dat appellant vóór 31 december 1985 geen verzekerde jaren in Aruba heeft opgebouwd.

2.7

Uit het voorgaande vloeit dus voort dat het voor het toegepaste kortingspercentage bij het aan appellante toegekende ouderdomspensioen, niet uitmaakt dat in de bestreden beschikking – al dan niet terecht – staat vermeld dat appellant op 4 augustus 1983 uit Aruba is vertrokken. Het College constateert dat deze uitleg niet in de bestreden beschikking wordt gegeven en ook niet als toelichting bij de bestreden beschikking is gevoegd. Dit maakt de bestreden beschikking onvoldoende gemotiveerd.

2.8

Nu het beroep van appellant echter niet tot een andere beslissing omtrent het toegepaste kortingspercentage kan leiden, zal het beroep ondanks het geconstateerde motiveringsgebrek in de bestreden beschikking, ongegrond worden verklaard.

3 DE BESLISSING

Het college van beroep:

- verklaart het beroep van appellant ongegrond.

Aldus gegeven op 12 september 2019 door mr. N.K. Engelbrecht, voorzitter, J.R. Geerman en E. de Cuba, leden, in tegenwoordigheid van de secretaris.