Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2019:419

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
12-06-2019
Datum publicatie
16-07-2019
Zaaknummer
AUA201804055
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Civiel, nakoming artikel 477 Rv, vervangende schadevergoeding, executoriaal beslag, verklaring afleggen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis van 12 juni 2019

Behorend bij nr. AUA201804055

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

de naamloze vennootschap

SERVICIO DI TELECOMUNICACION DI ARUBA N.V.,

gevestigd in Aruba,

eiseres,

hierna ook te noemen: Setar,

gemachtigde: de advocaat mr. M.E.D. Brown,

tegen:

de naamloze vennootschap

CLICK PRINT (CP) & MORE N.V.,

gevestigd in Aruba,

gedaagde,

hierna ook te noemen: CP,

gemachtigde: [naam gemachtigde].

1 DE PROCEDURE

1.1

Het verloop van de procedure tot 27 maart 2019 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. De bij dat vonnis gelaste comparitie van partijen na antwoord heeft plaatsgevonden op donderdag 25 april 2019. Setar is ter zitting verschenen bij mr. A.E. Barrios, die occupeerde voor haar gemachtigde. CP is verschenen bij haar gemachtigde. Partijen hebben over en weer het woord gevoerd, Setar mede aan de hand van nadere toegelaten producties, en hebben gereageerd of kunnen reageren op elkaars stellingen.

1.2

Setar heeft ter zitting haar eis gewijzigd. Die gewijzigde eis luidt als hierna te melden.

1.3

Vonnis is bepaald op heden.

2 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

2.1

Setar vordert dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis CP veroordeelt tot nakoming van haar in artikel 477 Rv omschreven verplichting, en tot betaling van vervangende schadevergoeding indien CP die veroordeling niet nakomt.

2.2

CP heeft verweer gevoerd.

3 DE BEOORDELING

3.1

Vast staat tussen partijen in elk geval het volgende. Bij betalingsbevel van dit Gerecht van 30 januari 2013 in de zaak met als nummer B.B. no. 2838 van 2012 is [naam belanghebbende], h.o.d.n. [naam eenmanszaak], (hierna: [naam belanghebbende]) bevolen om aan Setar te betalen Afl. 8.271,45, te vermeerderen met rente en proceskosten (hierna: het betalingsbevel). CP is de werkgever van [naam belanghebbende]. Bij exploot van 25 juni 2014 heeft de deurwaarder ten laste van [naam belanghebbende] op grond van voormeld betalingsbevel executoriaal beslag gelegd onder CP (hierna: het beslag), onder uitreiking aan CP in tweevoud van het formulier als bedoeld in artikel 476b Rv teneinde verklaring te kunnen afleggen in de zin van artikel 476a Rv. Setar heeft CP bij schrijven van 15 augustus 2017 aangemaand om die verklaring binnen zeven dagen af te leggen. Eerst hangende deze op 18 december 2018 aangevangen procedure heeft CP bedoelde verklaring alsnog afgelegd, die niet door Setar is betwist. Uit die verklaring blijkt dat CP iedere maand Afl. 2.000,-- netto betaalt aan [naam belanghebbende] ten titel van loon. CP heeft onder het beslag Afl. 300,-- ingehouden van het loon van [naam belanghebbende] en ten behoeve van Setar afgedragen aan de deurwaarder.

3.2

Ingevolge het vierde lid van artikel 477a RV wordt de derde beslagene die overeenkomstig artikel 476b Rv verklaring heeft afgelegd doch niet zijn in artikel 477 Rv bedoelde verplichting tot betaling of afgifte nakomt, op vordering van de executant veroordeeld tot nakoming van die verplichting en tot betaling van vervangende schadevergoeding die hij in geval van niet nakoming van die veroordeling verschuldigd zal zijn aan de executant.

3.3

In het licht van vorenstaande staat vast dat CP vanaf de dag dat het beslag werd gelegd slechts Afl. 300,-- heeft ingehouden van het loon van [naam belanghebbende] en ten behoeve van Setar en heeft afgedragen aan de dienstdoende deurwaarder. Veroordeling van CP tot nakoming van voormelde verplichting ligt in dat verband niet voor de hand, en zal daarom achterwege blijven.

3.4

Vorenstaande brengt mee dat CP ten titel van vervangende schadevergoeding ten behoeve van Setar verschuldigd is aan de deurwaarder hetgeen zij krachtens het beslag had behoren af te dragen aan de deurwaarder ten belope van het totaal tot betaling waarvan [naam belanghebbende] krachtens voormeld vonnis is veroordeeld, te vermeerderen met rente en kosten (waaronder begrepen die van het beslag), te verminderen met de reeds afgedragen Afl. 300,--. CP zal tot betaling daarvan worden veroordeeld.

3.5

CP zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Setar, tot aan deze uitspraak begroot op (450,-- + 193,61 =) Afl. 643,61 aan verschotten (griffiegeld en oproepkosten) en Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten, tarief 5).

4 DE UITSPRAAK

Het Gerecht:

-veroordeelt CP om ten titel van vervangende schadevergoeding ten behoeve van Setar aan deurwaarder [deurwaarder] te betalen het totaal tot betaling waarvan [naam belanghebbende], h.o.d.n. [naam eenmanszaak], krachtens voormeld betalingsbevel is veroordeeld, te vermeerderen met rente en kosten (waaronder begrepen die van het beslag), te verminderen met Afl. 300,--;

-veroordeelt CP in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Setar, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 643,61 aan verschotten en Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde;

-verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

-wijst af het meer of anders verzochte.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 12 juni 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.