Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2019:126

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
26-02-2019
Datum publicatie
12-03-2019
Zaaknummer
AUA201800550
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Beschikking
Inhoudsindicatie

EJ. Rangregeling. Ontslaan en benoemen van de rechter-commissaris.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking van 26 februari 2019

Behorend bij E.J. nr. AUA201800550

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

in de zaak van:

de stichting naar Nederlands recht

STICHTING HOLLANDS VASTGOED IN COSTA RICA,

te Nederland,

hierna te noemen: Hollands Vastgoed,

gemachtigde: de advocaat mr. G.W. Rep,

tegen:

1 [VERWEERDER],

wonende in Nederland,

hierna te noemen: [verweerder],

gemachtigde: de advocaat mr. E.E. Rosenstand,

2 notaris [X],

te Aruba, [adres],

hierna te noemen: de notaris,

niet verschenen.

1. DE VERDERE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de beschikking van 27 november 2018;

- de akte na beschikking d.d. 15 januari 2019 van Hollands Vastgoed.

Vervolgens is de zaak naar de rol verwezen voor beschikking.

2. OVERWEGINGEN.

In de beschikking van 10 april 2018, waarin de gerechtelijke rangregeling is geopend, is tot rechter-commissaris benoemd mr. J. Sap.

Om redenen van organisatorische aard zal het gerecht mr. J.J. Verhoeven in plaats van mr. J. Sap benoemen tot de rechter-commissaris ten overstaan van wie de verdeling zal plaatsvinden.

3. DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

ontslaat mr. J. Sap als rechter-commissaris en

benoemt mr. J.J. Verhoeven tot rechter-commissaris ten overstaan van wie de verdeling zal plaatsvinden;

draagt de griffier op belanghebbenden mededeling te doen bij brief en via het bij de griffier bekende e-mailadres van de gemachtigden van belanghebbenden van de benoeming van mr. J.J. Verhoeven tot rechter-commissaris;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gewezen door mr. J. Sap, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting op 26 februari 2019 in aanwezigheid van de griffier.