Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2018:93

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
14-02-2018
Datum publicatie
21-02-2018
Zaaknummer
A.R. 2972 van 2016 / AUA201600667
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Civiel. Schuldbekentenis. Wanprestatie. Schade.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis van 14 februari 2018

Behorend bij A.R. 2972 van 2016 / AUA201600667

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

[Eiser],

te Aruba,

EISER, hierna ook te noemen: [eiser],

gemachtigde: de advocaat mr. M.O. Lopez,

tegen:

[Gedaagde] ,

te Aruba,

GEDAAGDE, hierna ook te noemen: [Gedaagde],

gemachtigde: de advocaat mr. C.S. Edwards,

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek.

De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1

Partijen hebben een akte d.d. 21 december 2015 getekend met de volgende inhoud:

Declarashon y Acuerdo

(…)

Ami Sra. [Gedaagde] residencia na [adres] ta declara cu a fia un [model] A-[kentekennummer] color [kleur] serca [eiser] dia 4 December 2015 pa 2 dia. 6 di December 2015 a fia mi yui muhe cual ta [naam dochter] e vehiculo aki (sin rijbewijs) cual tabata maneha e auto riba un velocidad haltu y no a mira e sleeping polis na tempu y a dal esaki perde control y bolter cu e vehiculo. E Chauffeur a keda hospitalisa pa tanto dia. E daño causa na e [moderl] A-[kentekennummer] [kleur] ta suma un total di Awg. 11.653,98 revisa door di Jeroen Postuma d Automotive Survey & Inspection Reports. Y di cual ami Sra. [Gedaagde] a palabra 6 di December 2015 anochi cu lo para responsabel pa e daño causa na e [model] A-[kentekennummer] [kleur].”

2.2

Bij brief van 26 mei 2016 heeft [eiser] [Gedaagde] schriftelijk aangemaand om tot betaling over te gaan van de in de schuldbekentenis verschuldigd bedrag. [Gedaagde] heeft daaraan niet voldaan.

2.3 [

eiser] heeft op 14 december 2015 een schaderapport laten opmaken met de volgende inhoud:

“(…)

Inspection date: December 10, 15

(…)

This vehicle sustained heavy damage to full front part including front chassis beams, roof & roof pillars, this vehicle has been declared technical total loss; it is beyond factory specifications safe repair.

The wreck value is estimated by undersigned based on salvage for parts.

Damage to be settles as follows:

Day value: Afl 13,653.98

Wreck value: Afl 2,000.00

Total damage amount: Afl 11,653.98

(…)

3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1 [

eiser] vordert – naar het gerecht begrijpt – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van [Gedaagde] tot betaling van Afl. 11.653,98, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 juni 2016, 15% buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente en veroordeling van [Gedaagde] tot vergoeding van de proceskosten.

3.2 [

eiser] grondt de vordering op wanprestatie.

3.3 [

Gedaagde] voert hiertegen verweer, met vordering tot veroordeling van [eiser] in de proceskosten.

4 DE BEOORDELING

4.1 [

Gedaagde] heeft bewijs overgelegd van de omstandigheid dat zij de kosten van een procedure niet kan dragen. Haar zal toestemming worden verleend kosteloos te procederen.

4.2 [

eiser] baseert zijn vordering op een door partijen op 21 december 2015 getekende “schuldbekentenis”, waarin volgens [eiser] [Gedaagde] erkent een bedrag van Afl. 11.653,98 schuldig te zijn aan [eiser].

4.3

Het gerecht begrijpt de vordering van [eiser] aldus, dat hij nakoming vordert van het in de akte genoemde bedrag. [Gedaagde] betwist de juistheid van de in die akte neergelegde verklaring. Zij voert aan dat partijen niet zijn overeengekomen dat zij de schade van het bedrag van Afl. 11.653,98 zal betalen. Verder voert [Gedaagde] aan dat partijen zijn overeengekomen dat [Gedaagde] nader zou worden ingelicht omtrent de daadwerkelijk te vergoeden schade.

4.4

Tussen partijen is niet weersproken dat [Gedaagde] aansprakelijk is voor de door [eiser] op 6 december 2015 geleden schade aan zijn auto ten gevolge van een verkeersongeval. [gedaagde] is bereid om deze schade te voldoen nadat [eiser] het bij zijn verzekering declareert. [gedaagde] betwist evenwel de hoogte van de door haar te betalen schade aan [eiser].

4.5

Het gerecht stelt voorop dat [gedaagde] de geciteerde akte heeft ondertekend. Ingevolge artikel 136 lid 2 Rv leveren onderhandse akten ten aanzien van de verklaring van een partij omtrent hetgeen de akte bestemd is ten behoeve van de wederpartij te bewijzen – in dit geval de overeenkomst en de inhoud daarvan tussen partijen dwingend bewijs op van de waarheid van die verklaring. Is daarenboven een schuldbekentenis voorzien van een goedschrift, dan levert de akte ingevolge artikel 137 lid 2 laatste volzin Rv in verband met artikel 136 lid 2 Rv dwingend bewijs op van de schuld.

4.6

Anders dan [eiser] stelt kan uit de ondertekening van de “schuldbekentenis” niet zonder meer volgen dat [gedaagde] op 21 december 2015 een bedrag van Afl. 11.653,98 aan [eiser] schuldig was. De akte mist immers een goedschrift als bedoeld in artikel 137 lid 1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) en behelst dus geen dwingend bewijs als bedoeld in artikel 136 lid 2 Rv.

4.7

Bij repliek heeft [eiser] een onbetwiste verklaring van de verzekering overgelegd, waarin de verzekering heeft verklaard dat [eiser] nooit een betaling zal krijgen voor de ontstane schade. Nu dat vaststaat dat de hoogte van de schade Afl. 11.653,98 niet door de verzekering zal worden vergoed, en de schade niet verder door [gedaagde] is betwist, zal de vordering van [eiser] worden toegewezen.

4.8

De buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen conform het nieuwe procesreglement (naar rato van 1,5 punt van het liquidatietarief).

4.9

Als de in het ongelijk te stellen partij zal [gedaagde] de proceskosten van [eiser] moeten vergoeden.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

verleent aan [gedaagde] toestemming om in deze zaak kosteloos te procederen;

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiser] van een bedrag van Afl. 11.653,98, te vermeerderen met de wettelijke rente per jaar vanaf 3 juni 2016 tot de dag der voldoening, voorts vermeerderd met de buitengerechtelijke incassokosten ad Afl. 1.500,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 juni 2016 tot de dag der voldoening;

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, welke kosten tot op heden aan de zijde van [eiser] worden begroot op Afl. 750, aan griffierecht, Afl. 198,27, aan explootkosten en Afl. 2.000,-, aan salaris van de gemachtigde;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 14 februari 2018 in aanwezigheid van de griffier.