Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2018:702

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
20-11-2018
Datum publicatie
28-11-2018
Zaaknummer
AUA201800627
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

wijziging gezag onderzoek VR

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking van 20 november 2018

Behorend bij AUA201800627

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek van

[Verzoeker] ,

wonende in Aruba,

VERZOEKER, hierna de vader,

procederende in persoon,

tegen

[Verweerster] ,

wonende in Nederland,

VERWEERSTER, hierna de moeder,

niet verschenen.

Belanghebbenden:

1. [naam minderjarige 1]geboren op [geboortedatum] 2001 in Aruba,

2. [naam minderjarige 2]geboren op [geboortedatum] 2010 in Aruba,

hierna: de minderjarigen.

1 DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift, ingediend op 8 maart 2018;

  • -

    het verhoor van de 16-jarige [naam minderjarige 1] op 24 september 2018;

- de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling achter gesloten deuren op 25 september 2018, waaruit blijkt dat alleen de vader is verschenen. De moeder heeft geen verweerschrift ingediend en is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen. Namens de Voogdijraad was aanwezig mevrouw [vertegenwoordiger].

De uitspraak is bepaald op heden.

2 DE FEITEN

De minderjarigen zijn uit de moeder geboren en door de vader erkend. De moeder oefent van rechtswege het gezag over de minderjarigen alleen uit.

3 HET VERZOEK

Het verzoek strekt tot wijziging van het gezag, in die zin dat de vader voortaan alleen met het gezag over de minderjarigen wordt belast. Ter onderbouwing van het verzoek heeft de vader aangevoerd dat de moeder vier jaar geleden naar Nederland is verhuisd met achterlating van de minderjarigen bij hem, en dat er amper sprake is van communicatie tussen de ouders, waardoor het hem bemoeilijkt wordt om belangrijke beslissingen omtrent de minderjarigen te nemen.

4 DE BEOORDELING

4.1

Het verzoek is gebaseerd op artikel 1:253c van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BW). Dit artikel biedt de tot het gezag bevoegde vader, die nimmer het gezag gezamenlijk met de moeder heeft uitgeoefend, de mogelijkheid om het gerecht te verzoeken om hem in plaats van de moeder met het gezag over het kind te belasten.

Uit lid twee van dit artikel volgt dat de rechter, indien de moeder het gezag over het kind uitoefent, dit verzoek slechts inwilligt, indien hij dit in het belang van het kind wenselijk oordeelt.

4.2

De moeder heeft, alhoewel in de gelegenheid gesteld, geen verweer ingediend. Gebleken is dat zij speciaal voor de behandeling van deze zaak naar Aruba is gekomen, maar dat zij vervolgens met spoed naar Colombia is gegaan voor een medische behandeling, zodat zij niet aanwezig kon zijn bij de behandeling van deze zaak. Onduidelijk is dus wat zij van het verzoek van de vader vindt.

4.3

Dat er aanleiding bestaat de vader, die de minderjarigen sinds hun geboorte (mede) heeft verzorgd en opgevoed, (mede) met het gezag over de minderjarigen te belasten, behoeft geen betoog. De vraag is of in dit geval de vader voortaan alleen met het gezag moet worden belast, of dat hij samen met de moeder met het gezag kan worden belast. Het gerecht acht zich in dit stadium onvoldoende voorgelicht om een beslissing te nemen en zal de Voogdijraad verzoeken een onderzoek in te stellen naar de sociale omstandigheden van partijen, ter beantwoording van de vraag of in dit geval een onaanvaardbaar risico voor de minderjarigen bestaat dat zij klem of verloren zouden raken tussen de ouders, indien de ouders het gezag gezamenlijk zouden uitoefenen dan wel of het in het belang van de minderjarigen wenselijk moet worden geacht dat de vader alleen met het gezag wordt belast.

4.4

De zaak zal worden verwezen naar een hieronder te vermelden rolzitting voor overlegging van het rapport zijdens de Voogdijraad. Hierna zal een datum voor de voortgezette behandeling worden bepaald.

5 DE BESLISSING

Het gerecht:

verzoekt de Voogdijraad om onderzoek in te stellen naar de sociale omstandigheden van partijen en daarover een rapport uit te brengen, waarin de hierboven in overweging 4.3 geformuleerde vragen dienen te worden beantwoord,

verwijst de zaak naar de zitting van dinsdag, 19 februari 2019 om 8.30 uur, voor het indienen van het rapport zijdens de Voogdijraad,

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter zitting van 20 november 2018 in aanwezigheid van de griffier.