Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2018:403

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
02-07-2018
Datum publicatie
04-07-2018
Zaaknummer
AUA201801461
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Beschikking
Inhoudsindicatie

Het gerecht is van oordeel dat, in aanmerking genomen de veroordeling van klager in 2016 voor een strafbaar feit in de periode van 2013 tot 2015, alsmede de aard en ernst van het gepleegde delict, te weten het handelen in cocaïne en marihuana, verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat hem, gelet op het doel waarvoor afgifte is verzocht, is gebleken van bezwaren tegen de persoon van klager Onder deze omstandigheden was verweerder ingevolge artikel 22, eerste lid, Lv VOG gehouden te weigeren de gevraagde verklaring af te geven. Het betoog faalt reeds om deze reden. Hetgeen klager voor het overige aanvoert, behoeft dan ook geen bespreking. Gelet op het vorenoverwogene zal de klacht ongegrond worden verklaard.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking van 2 juli 2018

AUA201801461

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het klaagschrift als bedoeld in artikel 25 van de Landsverordening justitiële documentatie en op de verklaringen omtrent het gedrag (hierna: de Lv VOG) van:

[klager],

wonend in Aruba,

KLAGER,

procederend in persoon,

gericht tegen de beschikking van 22 mei 2018 van:

de aangewezen ambtenaar als bedoeld in artikel 14 van de Lv VOG,

zetelend in Aruba,

VERWEERDER.

1 PROCESVERLOOP

Bij beschikking van 22 mei 2018 heeft verweerder het verzoek van klager om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag afgewezen.

Op 28 mei 2018 heeft klager daartegen een klaagschrift ingediend.

Het gerecht heeft de zaak behandeld in raadkamer op 18 juni 2018, waar klager en verweerder zijn verschenen.

Uitspraak is bepaald op heden.

2 OVERWEGINGEN

2.1

Ingevolge artikel 22, eerste lid, Lv VOG geeft de aangewezen ambtenaar een verklaring omtrent het gedrag slechts af wanneer hem uit een onderzoek met betrekking tot het gedrag van de betrokkene, gelet op het doel waarvoor de afgifte is gevraagd, niet is gebleken van bezwaren tegen die persoon. In alle andere gevallen weigert hij de gevraagde verklaring af te geven.

2.2

Klager heeft verzocht om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag ten behoeve van het verkrijgen van een verblijfsvergunning.

2.3

Bij de afwijzing heeft verweerder zich op het standpunt gesteld dat, gelet op het doel waarvoor de afgifte is gevraagd, hem is gebleken van bezwaren tegen klager. Daaraan heeft verweerder ten grondslag gelegd dat klager bij onherroepelijk geworden vonnis van het gerecht van 13 mei 2016 is veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren voor opzettelijk handelen in strijd met de Landsverordening verdovende middelen. De aard van dit strafbare feit, namelijk de handel in cocaïne en marihuana, vormt volgens verweerder, gelet op het doel, waarvoor afgifte is verzocht, een zodanig bezwaar dat afgifte van een verklaring omtrent het gedrag moet worden geweigerd. Daarbij heeft verweerder mede in aanmerking genomen dat het betrekkelijk kort geleden is dat klager in aanraking is geweest met justitie.

2.4

Klager betoogt dat verweerder zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat hem is gebleken van bezwaren tegen zijn persoon, gelet op het doel, waarvoor de afgifte is verzocht, te weten het verkrijgen van een verblijfsvergunning. Daartoe voert hij aan dat hij spijt heeft van wat er is gebeurd en dat hij zijn les heeft geleerd. Hij erkent dat hij in het verleden een fout heeft gemaakt, maar hij wil een kans krijgen om zijn leven samen met zijn echtgenote alhier te kunnen voortzetten.

2.5

Het gerecht is van oordeel dat, in aanmerking genomen de veroordeling van klager in 2016 voor een strafbaar feit in de periode van 2013 tot 2015, alsmede de aard en ernst van het gepleegde delict, te weten het handelen in cocaïne en marihuana, verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat hem, gelet op het doel waarvoor afgifte is verzocht, is gebleken van bezwaren tegen de persoon van klager Onder deze omstandigheden was verweerder ingevolge artikel 22, eerste lid, Lv VOG gehouden te weigeren de gevraagde verklaring af te geven. Het betoog faalt reeds om deze reden. Hetgeen klager voor het overige aanvoert, behoeft dan ook geen bespreking.

2.6

Gelet op het vorenoverwogene zal de klacht ongegrond worden verklaard.

3 BESLISSING

De rechter in dit gerecht:

verklaart de klacht ongegrond.

Deze beslissing werd gegeven door mr. A.J.H. van Suilen, rechter in dit gerecht, op 2 juli 2018.

Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open (artikel 28, derde lid, van de Lv VOG).