Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2017:90

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
10-02-2017
Datum publicatie
14-02-2017
Zaaknummer
K.G. 137 van 2017
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Civiel - Kort geding – ontruiming.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis in kort geding van 10 februari 2017

Behorend bij K.G. 137 van 2017

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS IN KORT GEDING

in de zaak van:

[eiseres]

wonende in [woonplaats], domicilie kiezen ten kantore van de gemachtigde,

hierna ook te noemen: eiseres

gemachtigde: de advocaat mr. A.F.J. Caster,

tegen:

[gedaagde],

wonende te Aruba,

hierna ook te noemen: gedaagde,

niet verschenen.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift met producties, ingediend op 20 januari 2017;

- de brief van 8 februari 2017 met aanvullende producties aan de zijde van eiseres;

- een brief zonder datum met producties aan de zijde van gedaagde.

- de mondelinge behandeling op 9 februari 2017, waarop mr. Caster namens eiseres is verschenen. Gedaagde heeft, hoewel deugdelijk opgeroepen, verstek laten gaan.

Aan mr. Caster is meegedeeld dat vandaag vonnis zou worden gewezen.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1

Gedaagde huurt sinds 2004 van eiseres een appartementje gelegen aan de [adres]. De huurprijs bedraagt Afl. 500,00 per maand, elke maand te betalen op of voor de 15e van de betreffende maand.

2.2

Ten tijde van het indienen van het verzoekschrift bedroeg de huurachterstand 5 maanden.

2.3

Gedaagde is regelmatig te laat met het betalen van de huur.

3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1

Eiseres vordert - kort weergegeven - bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad de huurovereenkomst te ontbinden, gedaagde te veroordelen het gehuurde te ontruimen en de huurachterstand te voldoen, vermeerderd met de wettelijke rente en de kosten van de procedure.

3.2

Gedaagde heeft geen verweer gevoerd.

4 DE BEOORDELING

4.1

Om een voorziening te kunnen treffen als gevorderd, dient met een redelijke mate van zekerheid aangenomen te kunnen worden dat in een bodemprocedure zal worden geoordeeld dat deze - of een vergelijkbare - vordering zal slagen. Bij deze beoordeling kan dus slechts een voorlopig oordeel worden gegeven en die beoordeling moet geschieden op basis van hetgeen in deze korte procedure naar voren is gebracht en aannemelijk is gemaakt.

4.2

Onbetwist staat vast dat gedaagde zich schuldig heeft gemaakt aan herhaalde wanprestatie omdat zij vele malen de huur niet tijdig heeft voldaan en achterstanden heeft laten ontstaan. De omstandigheid dat gedaagde na indiening van het verzoekschrift de achterstand heeft ingelopen, kan de tekortkoming niet ongedaan maken. Nu de achterstand ten tijde van het indienen van het onderhavige verzoekschrift meer dan drie maanden bedroeg, zal de bodemrechter de gevorderde ontbinding met grote mate van waarschijnlijkheid toewijzen. Om deze reden kan de verzochte ontruiming, vooruitlopend op het oordeel van de bodemrechter, worden toegewezen. De termijn zal worden bepaald op 2 maanden, zodat gedaagde voldoende tijd heeft om op zoek te gaan naar vervangende woonruimte. Aan het bevel wordt evenwel geen dwangsom verbonden, nu deze niet is gevorderd.

4.3

Gedaagde wordt in de kosten van de procedure veroordeeld.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

5.1.

beveelt gedaagde om het appartement gelegen aan de [adres] te Aruba te ontruimen met alle personen en goederen die zich daarin bevinden en het gehuurde op uiterlijk 10 april 2017 ter vrije beschikking te stellen van eiseres;

5.2

veroordeelt gedaagde in de kosten van de procedure, aan de zijde van verhuurster tot op heden begroot op Afl. 450,00 aan griffierecht, Afl. 249,44 deurwaarderskosten en

Afl. 1.000,00 voor salaris gemachtigde;

5.3

verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

5.4

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van vrijdag 10 februari 2017 in aanwezigheid van de griffier.