Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2017:735

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
19-09-2017
Datum publicatie
27-09-2017
Zaaknummer
EJ nr. 2411 van 2016 / AUA201601478
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Beschikking
Inhoudsindicatie

personen- en familierecht, gezag samen met moeder uitoefenen, omgangsregeling tussen vader en minderjarige

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Beschikking van 19 september 2017

Behorend bij EJ nr. 2411 van 2016 / AUA201601478

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek van

[naam vader] ,

wonende in Aruba,

VERZOEKER, hierna de vader,

in persoon,

tegen

[naam moeder] ,

wonende in Aruba,

VERWEERSTER, hierna de moeder,

gemachtigde: de advocaat mr. N.S. Gravenstijn.

Belanghebbende:

[naam minderjarige], de minderjarige.

1 DE PROCEDURE

De eerdere procedure blijkt uit de beschikking van dit gerecht van 10 januari 2017, waarbij de Voogdijraad is verzocht een onderzoek in te stellen naar de sociale omstandigheden van partijen. De verdere procedure blijkt uit:

  • -

    het rapport van de Voogdijraad, ingediend op 22 mei 2017,

  • -

    de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling achter gesloten deuren op 27 juni 2017, waaruit blijkt zijn verschenen de vader in persoon, de moeder in persoon bijgestaan door haar gemachtigde en mevrouw A. Emmanuel en C.M. Bontekoe namens de Voogdijraad.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 DE VERDERE BEOORDELING

Gezag

2.1

Zoals in de eerdere beschikking is overwogen, is het verzoek van de vader gebaseerd op artikel 1:253o van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kunnen beslissingen waarbij een ouder alleen met het gezag is belast – bijvoorbeeld na een echtscheiding –, op verzoek van de ouders of van een van hen door de rechter in eerste aanleg worden gewijzigd op grond dat nadien de omstandigheden zijn gewijzigd, of dat bij het nemen van de beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan.

2.2

Gelet op de stukken van het geding en het verhandelde ter zitting is het gerecht van oordeel dat de echtscheidingsbeschikking van 22 oktober 2008 (EJ-3300/08), waarbij is bepaald dat het gezag over de minderjarige voortaan alleen aan de moeder toekomt, wegens wijziging van omstandigheden dient te worden gewijzigd. Het gerecht overweegt daartoe als volgt.

2.2.1

De vader woonde op het moment van de echtscheidingsprocedure in Nederland. Volgens de vader is dat de reden waarom partijen bij echtscheidingsconvenant d.d. 16 juli 2008 zijn overeengekomen dat de moeder alleen met het gezag zal worden belast. De vader woont nu al jaren op Aruba en heeft omgang met de minderjarige en wenst meer betrokken te zijn in het leven van de minderjarige. De inmiddels 13-jarige minderjarige verblijft in het weekend bij de vader en wenst meer contact te hebben met de vader.

2.2.2

De moeder wil alleen het gezag blijven uitoefenen, omdat de vader niet respectvol is tegenover de moeder, en zij mede daardoor weinig met elkaar communiceren. Bij communicatie is er vaak ruzie. Verder voert zij aan dat de vader 4 jaar niet betrokken was in het leven van de minderjarige.

2.2.3

De Voogdijraad concludeert dat er geen onaanvaardbaar risico bestaat dat de minderjarige klem of verloren zal raken tussen de ouders, nu de ouders wel degelijk in staat zijn om met elkaar te communiceren omtrent de minderjarige. De Voogdijraad adviseert om de ouders gezamenlijk te belasten met het ouderlijk gezag over de minderjarige.

2.3

Het gerecht verenigt zich met de conclusie en het advies van de Voogdijraad en overweegt dat de ouders in staat worden geacht om zodanig met elkaar te communiceren dat zij tot onderlinge afspraken kunnen komen over de situaties die zich rond de minderjarige kunnen voordoen. Van de ouders mag verwacht worden dat zij zich daarvoor zullen inzetten en het gerecht acht hen daartoe in staat. In het belang van de minderjarige zal het gerecht daarom de ouders gezamenlijk belasten met het gezag over de minderjarige.

Omgang

2.4

De minderjarige heeft te kennen gegeven meer contact met de vader te willen. Het gerecht zal conform het advies van de Voogdijraad in het belang van de minderjarige de voorgestelde omgangsregeling tussen de vader en de minderjarige als akkoord vaststellen. Partijen gaan daarmee akkoord.

3. DE BESLISSING

Het gerecht:

bepaalt dat de vader, [naam vader], voortaan gezamenlijk met de moeder, [naam moeder], het gezag over de minderjarige [naam minderjarige], geboren op [geboortedatum] in Aruba, zal uitoefenen,

bepaalt de omgangsregeling tussen de vader en de minderjarige als volgt:

  • -

    maandag en woensdag na bijles tot 19:00 uur, tenzij de moeder vrij is. Dan zal het omgangsmoment naar een andere dag worden verschoven;

  • -

    op Vaderdag en op de verjaardag van de vader;

  • -

    op de verjaardag van de minderjarige om het jaar, te beginnen met de vader in 2018, waarbij de vader de minderjarige de nacht daarvoor bij de moeder thuis ophaalt en op de verjaardag terugbrengt. De minderjarige zal op zijn verjaardag 2 uren doorbrengen met de ouder die niet aan de beurt is;

  • -

    de helft van de vakantiedagen, te beginnen met de eerste helft van de zomervakantie 2017.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht, ter zitting van 19 september 2017 in aanwezigheid van de griffier.