Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2017:631

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
23-08-2017
Datum publicatie
28-08-2017
Zaaknummer
A.R. 2402 van 2016
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Civiel. Aansprakelijkheid hulppersonen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis van 23 augustus 2017

Behorend bij A.R. 2402 van 2016

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

de naamloze vennootschap

ALIGOVE N.V. h.o.d.n. Dry Xpress,

gevestigd te Aruba,

hierna te noemen: eiseres,

gemachtigde: mrs. M. A. Ellis-Schipper en J.J.S. Poeran,

tegen:

de naamloze vennootschap

T.S.S.W. REAL ESTATE DEVELOPMENT N.V.

gevestigd te Aruba,

hierna ook te noemen: gedaagde,

gemachtigde: de mr. R.L.F. Dijkhoff.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek;

- de akte uitlating producties.

De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1

Partijen zijn per 1 juli 2003 een huurovereenkomst aangegaan met betrekking tot een lokaliteit in de […] Mall.

2.2

Eiseres exploiteert in het gehuurde een wasserette cq dry cleaning bedrijf.

2.3

In mei 2015 ontstonden problemen aan twee droogmachines van eiseres.

2.4

Als productie 10 bij het verzoekschrift is overgelegd een vertaling van een rapport van [naam persoon], werkzaam bij [naam bedrijf], het bedrijf dat jaarlijks de revisie, schoonmaak en afstelling van de apparatuur van Dry Xpress verzorgt.

Hierin is onder meer te lezen:

‘In mei 2015 werden wij door DX gebeld met de mededeling dat twee droogmachines waren begonnen met het droogproces niet goed uit te voeren.[...]

Bij onze aankomst op Aruba, op 15 augustus 2015, is het eerste wat ik doe het vaststellen dat alle parameters die men ons via de telefoon had aangegeven, correct waren. Eenmaal dit gedaan en gezien dat alles correct was, werd begonnen met het demonteren van de onderdelen van de circuits totdat werd uitgevonden dat de machine het proces van afvoer van water in het koelcircuit niet uitvoerde, iets wat ons bijzonder vreemd voorkwam daar de buis niet verstopt kon zijn daar het een buis betreft waar schoon water doorheen gaat onder druk en warm. Het was toen dat ik in de installatie binnen in de winkel de afvoerbuis waarnam van het water afkomstig van de droogmachines en ik volgde die tot aan de afvoer in de afvoerkost aan de straat. Ik kon niet geloven wat ik zag: wat de afvoerbuis van het warme water van het circuit van de machines leek (hetgeen totaal gescheiden van de rest van de afvoerbuizen naar de afvoerput aan de straat gaat), was geblokkeerd door een koperen loodgietersstop. […]

Conclusie: de machines functioneerden niet goed omdat, ondanks dat zij alle goede parameters vertoonden, zij de warmte niet elimineerden door middel van het water, daar de afvoerbuis hiervan geblokkeerd was en dit veroorzaakte dat de machines warm liepen en ophielden met werken[…]

De eigenares van Dry Express heeft de verantwoordelijke van [naam Mall] op de hoogte gesteld van het probleem en deze stuurde de loodgieter die belast is met onderhoud van het winkelcentrum. Deze bevestigde ons dat hijzelf, bij het plegen van het algemene onderhoud aan de afvoer en de afvoerkisten van het winkelcentrum, deze buis had gezien die constant water lekte en denkend dat dit een lek was, had hij die afgesloten. Dit deed hij zonder overleg, noch na de oorsprong van dit water te hebben nagegaan. Ten gevolge hiervan hebben de machines zekere schade opgelopen, met zeer hoge reparatiekosten, reden waarom wij niet de reparatie van deze aanbevelen. Reden waarom de klant dan ook besluit om een nieuwe machine te kopen’.

2.5

Bij brief van 12 oktober 2015 stelt eiseres gedaagde aansprakelijk voor het handelen van de door haar ingeschakelde hulppersonen.

2.6

Als productie 1 bij conclusie van antwoord is een schriftelijke verklaring overgelegd van [naam hulppersoon], de onderhoudsmonteur. Hierin is onder meer te lezen:

Den e prome mitar di anja aki 2015, den ora nan di atardi banda di 3:30 pm mi a hanja un jamada di [naam persoon] di [naam Mall] cu tin hopi awa saliendo for di un afvoer put riba parking lot di [naam Mall] banda di Dry Express Landry. Nos a bai wak e situashon cual tawata cu restonan di sushedad di panja cu ta bin for di e machine di e laundry tawata tin e afvoer den e put verstopt. Nos a hacie limpi e ora e afvoer a normalisa. E ora nos a constata cu tin un tubo di koper cu no ta wordo normalmente usa pa afvoer pero pa awa limpi ta core awa constant den e put. Nos a sera e meter di awa di e laundry y nos a constata cu e ta riba e linea di esaki. E ora mi a bai over na avisa e persona encarga cu e laundry juf. [naam juf.] locual nos a constata y cu nos lo bai sera e tubo pa e stop di core y cu nan lo bai wak un redukshon den nan consume di awa.‘

3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1

Eiseres vordert bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad gedaagde te veroordelen tot betaling van Afl. 67.486,99, de buitengerechtelijke kosten een en ander vermeerderd met de wettelijke rente vanaf augustus 2015 tot de dag der voldoening en met veroordeling van gedaagde tot vergoeding van de proceskosten (waaronder de beslagkosten).

3.2

Eiseres grondt de vordering erop dat gedaagde aansprakelijk is voor de door haar ingeschakelde hulppersoon gemaakte fout, bij de in opdracht van gedaagde uitgevoerde werkzaamheden. Deze hulppersoon had nimmer zonder enige vorm van overleg een waterbuis mogen afdoppen.

3.3

Gedaagde voert hiertegen verweer, dat zo nodig bij de beoordeling aan de orde komt.

4 DE BEOORDELING

4.1

De centrale vraag in dit geschil luidt of gedaagde aansprakelijk is uit hoofde van artikel 6:171 BWA. Dit artikel vestigt een risico-aansprakelijkheid van de opdrachtgever voor fouten van niet-ondergeschikten, aan wie men de zorg voor bepaalde bedrijf gerelateerde werkzaamheden heeft uitbesteed dan wel heeft overgelaten. Van belang bij deze aansprakelijkheid is dat de opdrachtgever zich niet kan disculperen. De vereisten voor aansprakelijkheid zijn dat 1) de betrokkene(n) niet ondergeschikt zijn, 2) de fout moet zijn begaan bij uitbesteding van werkzaamheden ter uitoefening van het bedrijf van opdrachtgever, 3) de onafhankelijke opdrachtgever dient bedrijfsmatig werk te verrichten en 4) de schade moet zijn veroorzaakt door een fout van de niet-ondergeschikte.

4.2

Vast staat dat gedaagde [naam hulppersoon] eind april 2015 heeft gebeld met de mededeling dat er veel vies water uit de afvoerput op de parkeerplaats van […] Mall naast Dry Xpress stroomde. Voorts staat vast dat deze onderhoudsmonteur niet in dienst is bij gedaagde en is ingeschakeld in opdracht en voor rekening van gedaagde, die handelde vanuit haar positie als eigenaar/beheerder van de […] Mall. Aldus is aan drie van de vier vereisten voor de risico-aansprakelijkheid ex artikel 6:171 BWA voldaan. De cruciale vraag die beantwoord dient te worden luidt of [naam hulppersoon] bij de uitvoering van zijn werkzaamheden in opdracht van gedaagde een fout heeft begaan, door een lekkende waterleiding af te doppen.

4.3

Van een redelijk bekwaam en redelijk handelend onderhoudsmonteur kan verwacht worden dat hij eerst onderzoekt waartoe een waterleiding dient, alvorens hij deze afdopt. In casu heeft [naam hulppersoon] de waterleiding zonder enig onderzoek of overleg afgedopt. Dit nalaten is naar het oordeel van het gerecht onzorgvuldig en derhalve aan te merken als een fout in de zin van artikel 6:171 BWA. Dit heeft tot gevolg dat gedaagde aansprakelijk is voor de schade die eiseres heeft geleden ten gevolge van de door [naam hulppersoon] gemaakte fout. Nu disculpatie niet mogelijk is, kunnen de door gedaagde gevoerde verweren ter afwending van haar aansprakelijkheid verder onbesproken blijven.

4.4

Nu de aansprakelijkheid van gedaagde vast staat, dient de omvang van de schade beoordeeld te worden. Het verweer van gedaagde tegen de gevorderde schadeposten is beperkt tot de stelling dat eiseres haar schade niet heeft beperkt. Volgens gedaagde heeft eiseres niet met onverwijlde spoed gehandeld omdat zij gedaagde eerst in oktober 2015 aansprakelijk stelde. Dit verweer wordt als zijnde ongegrond verworpen. Waar het om gaat is wat eiseres heeft gedaan toen zij ontdekte dat haar droogmachines niet meer functioneerden. Eiseres heeft aanstonds een onderhoudsmonteur gebeld, die de machines meteen is komen controleren. Dit volgt uit de verder onweersproken verklaring van [naam persoon], overgelegd als productie 9 bij verzoekschrift. In nauw overleg met […] - het bedrijf dat jaarlijks de machines van eiseres onderhoudt etc - heeft de onderhoudsmonteur gedurende twee weken diverse testen uitgevoerd, teneinde erachter te komen waarom de droogmachines warm liepen. Omdat dit niets opleverde besloot de heer [naam persoon], werkzaam bij […], persoonlijk uit Spanje naar Aruba te komen. Hij ontdekte dat de afvoerpijp van het koelwater was afgestopt. Naar het oordeel van het gerecht valt eiseres niets te verwijten en heeft zij adequaat en voortvarend gehandeld teneinde de oorzaak van het warm lopen van de droogmachines zo spoedig mogelijk te vinden. Zij heeft aldus voldaan aan haar plicht de schade te beperken.

4.5

Nu gedaagde tegen de hoogte van de gevorderde schadevergoeding geen separaat verweer heeft gevoerd en het gevorderde bedrag niet onredelijk of ongegrond is, wordt dit toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2015, zijnde de eerste dag waarop gedaagde in verzuim is, tot de dag der voldoening.

4.6

Gedaagde wordt nu zij in het ongelijk is gesteld, in de kosten van de procedure veroordeeld, waaronder die van het beslag, gebaseerd op 3,5 punt van liquidatietarief 6, zijnde Afl. 1.500,00 per punt.

4.7

De gevorderde buitengerechtelijke kosten worden afgewezen, nu deze vordering niet feitelijk is onderbouwd.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

5.1

veroordeelt gedaagde te betalen aan eiseres een bedrag ad Afl. 67.486,99, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2015 tot de dag der voldoening;

5.2

veroordeelt gedaagde in de kosten van de procedure, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op Afl. 750,00 griffierecht (hoofdzaak en beslag), explootkosten Afl. 925,90 (hoofdzaak en beslag) alsmede Afl. 4.500,00 voor salaris gemachtigde (hoofdzaak en beslag);

5.3

verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

5.4

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 23 augustus 2017 in aanwezigheid van de griffier.