Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2017:1017

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
22-12-2017
Datum publicatie
08-01-2018
Zaaknummer
458 van 2017
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Diefstal met geweld en poging tot diefstal met geweld/afpersing. Gevangenisstraf van vijf jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

S T R A F V O N N I S

in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1988 in [geboorteplaats],

wonende in [woonplaats],

thans alhier gedetineerd.

1 Onderzoek van de zaak

Het onderzoek ter openbare terechtzitting heeft plaatsgevonden op 8 december 2017. De verdachte is verschenen, bijgestaan door zijn raadsman, mr. P.M.E. Mohamed.

De officier van justitie, mr. Y. Pronk, heeft ter terechtzitting gevorderd de verdachte ter zake van de feiten 1 en 2 primair te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren, met aftrek van voorarrest.

De raadsman heeft het woord tot verdediging gevoerd.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is, met inachtneming van de gevorderde en toegewezen wijzigingen, tenlastegelegd:

1. dat hij op of omstreeks 8 november 2016 in Aruba tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- een (roze dames)tas (van het merk Gucci) inhoudende:

- een geel/goudkleurig “animal print model’ dames portemonnee;

- verschillende persoonlijke documenten;

- een geldbedrag van ongeveer Afl. 10.000,-- en/of

- een geldbedrag van ongeveer Afl. 20.000,--

- een mobiele telefoon (van het merk Iphone en model 6S en/of

- contactsleutels van een [merk auto 1] en een [merk auto 2],

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijker te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of andere deelnemers aan voormeld misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk(e) geweld en/of bedreiging met geweld onder meer hieruit bestond(en) dat verdachte en/of zijn mededader(s) met zijn/hun bedekte gezicht(en) en een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, aan die [slachtoffer] heeft/hebben getoond en/of die [slachtoffer] met kracht vanuit haar auto heeft/hebben getrokken en tegen de grond geduwd en/of tegen die [slachtoffer] heeft/hebben gezegd/geschreeuwd: “Placa nos kier. Habri e porta. Mi no kier matabo. Habri e porta sino mi ta matabo”, althans woorden van soortgelijke (Spaanse bewoordingen) dreigende aard en/of strekking;

(artikel 2:291 van het Wetboek van Strafrecht)

2. dat hij in of omstreeks de periode van 24 oktober 2016 tot en met 7 november 2016 te Aruba ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen goederen/geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

en/of

zich daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen (een) perso(o)n(en), te weten die [slachtoffer] en/of (een) andere perso(o)(nen) (aanwezig in de woning gelegen aan [adres], althans een persoon, te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijker te maken en/of om bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

en/of

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld tegen iemand, te weten [slachtoffer] en/of (een) andere perso(o)(nen) (aanwezig in de woning gelegen aan [adres], althans een persoon,

te dwingen tot de afgifte van goederen/ geld, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer], in elk geval aan een derde,

immers is/ heeft verdachte met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen,

zich (met bedekt gezicht) met een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend

voorwerp en/of een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp bij zich naar dat erf en/of die woning begeven,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

(artikelen 2:291 jo artikel 1:119 en/of artikelen 2:294 jo artikel 1:119van het Wetboek van Strafrecht)

althans indien ten aanzien van het vorenstaande geen veroordeling mocht kunnen volgen

dat hij in of omstreeks de periode van 24 oktober 2016 tot en met 7 november 2016 te Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

ter voorbereiding van de/het te plegen misdrijf/misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten

het medeplegen van diefstal met geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen als omschreven in artikel 2:291 van het Wetboek van Strafrecht en/of het medeplegen van afpersing als omschreven in artikel 2:294 van het Wetboek van Strafrecht, opzettelijk (een) voorwerp(en), te weten een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp en/of een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp en/of zwarte kleding en hoofd bedekking, voorhanden heeft/hebben gehad;

(artikel 1:120 van het Wetboek van Strafrecht)

3 Voorvragen

Het gerecht heeft vastgesteld dat de dagvaardingen geldig zijn, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 Bewijsbeslissingen

Bewezenverklaring

Het gerecht heeft uit het onderzoek op de terechtzitting door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat het bewezen acht:

1. dat hij op of omstreeks 8 november 2016 in Aruba tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- een (roze dames)tas (van het merk Gucci) inhoudende:

- een geel/goudkleurig “animal print model’ dames portemonnee;

- verschillende persoonlijke documenten;

- een geldbedrag van ongeveer Afl. 10.000,-- en/of

- een geldbedrag van ongeveer Afl. 20.000,--

- een mobiele telefoon (van het merk Iphone en model 6S en/of

- contactsleutels van een [merk auto 1] en een [merk auto 2],

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijker te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of andere deelnemers aan voormeld misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk(e) geweld en/of bedreiging met geweld onder meer hieruit bestond(en) dat verdachte en/of zijn mededader(s) met zijn/hun bedekte gezicht(en) en een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, aan die [slachtoffer] heeft/hebben getoond en/of die [slachtoffer] met kracht vanuit haar auto heeft/hebben getrokken en tegen de grond geduwd en/of tegen die [slachtoffer] heeft/hebben gezegd/geschreeuwd: “Placa nos kier. Habri e porta. Mi no kier matabo. Habri e porta sino mi ta matabo”, althans woorden van soortgelijke (Spaanse bewoordingen) dreigende aard en/of strekking;

2. dat hij in of omstreeks de periode van 24 oktober 2016 tot en met 7 november 2016 te Aruba ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen goederen/geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

en/of

zich daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen (een) perso(o)n(en), te weten die [slachtoffer] en/of (een) andere perso(o)(nen) (aanwezig in de woning gelegen aan [adres], althans een persoon, te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijker te maken en/of om bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

en/of

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld tegen iemand, te weten [slachtoffer] en/of (een) andere perso(o)(nen) (aanwezig in de woning gelegen aan [adres], althans een persoon,

te dwingen tot de afgifte van goederen/ geld, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer], in elk geval aan een derde,

immers is/heeft verdachte met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen,

zich (met bedekt gezicht) met een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend

voorwerp en/of een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp bij zich naar dat erf en/of die woning te [adres] begeven,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, zoals doorgestreept in de tekst, is niet bewezen, zodat de verdachte hiervan zal worden vrijgesproken.

Voor zover in de telastlegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring cursief weergegeven verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

5 Bewijsmiddelen

De overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de wettige bewijsmiddelen zijn vervat.

De bewijsmiddelen zullen in geval van hoger beroep in een aan dit vonnis te hechten bijlage worden opgenomen.

6 Kwalificatie en strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Feit 1.

Diefstal, vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, met het oogmerk om die diefstal gemakkelijker te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen,

strafbaar gesteld bij artikel 2:291 van het Wetboek van Strafrecht.

Feit 2.

Primair:

poging tot diefstal, voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijker te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of aan andere deelnemers van het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen

en/of

poging tot afpersing,

terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen,

strafbaar gesteld bij artikel 2:291 jo artikel 1:119 en/of artikel 2:294 jo artikel 1:119 van het Wetboek van Strafrecht.

Het bewezenverklaarde is strafbaar, nu geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid ervan opheffen of uitsluiten.

7 Strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar nu geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid opheffen of uitsluiten.

8 Oplegging van straf of maatregel

Gelet op de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, op de omstandigheden waaronder de verdachte zich daaraan schuldig heeft gemaakt en op de persoon van de verdachte, zoals van één en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht het gerecht na te noemen beslissing passend. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een gewapende overval op een vrouwelijk slachtoffer in en nabij haar woning, nadat hij eerder met anderen al een poging daartoe had ondernomen. Het slachtoffer werd bij de overval uit haar auto getrokken en onder bedreiging van een vuurwapen en een mes gedwongen de voordeur van haar woning te openen zodat de overvallers hun slag konden slaan. De verdachte en zijn mededaders hebben met deze overval de rechtsorde ernstig geschokt en gezorgd voor gevoelens van angst en onveiligheid in de samenleving. Als schadelijk voor het imago voor Aruba als relatief veilige toeristische bestemming, kan een dergelijk feit op termijn ook de economie en welvaart van dit land ondermijnen. Verdachte en zijn mededaders hebben het slachtoffer, die is aangevallen op haar erf en is beroofd in haar woning waar zij zich veilig behoort te voelen, grote angst en leed toegebracht. Slachtoffers van gewapende overvallen zoals de onderhavige lijden vaak langdurig onder de psychische gevolgen van zo’n traumatische gebeurtenis. Het gerecht rekent het de verdachte extra zwaar aan dat hij, nadat de overval eerst niet werd voltooid, nadien alsnog met het plan is doorgegaan.

Gelet op de aard en de ernst van het bewezen verklaarde is naar het oordeel van het gerecht een vrijheidsontnemende straf op zich geïndiceerd.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is naar voren gekomen dat verdachte op Aruba niet eerder is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten.

Alles afwegende kan niet worden volstaan met een andere of lichtere straf dan gevangenisstraf van na te melden duur.

9 Inbeslaggenomen voorwerpen

De teruggave zal worden gelast van de in beslag genomen voorwerpen (een damestas, een damesportemonnee en een klein tasje) aan de rechthebbende, zijnde aangeefster [slachtoffer].

10 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is mede gegrond op de artikelen 1:13 en 1:62, 1:136 van het Wetboek van Strafrecht.

11 Beslissing

Het gerecht:

verklaart bewezen dat de verdachte de tenlastegelegde feiten zoals hierboven bewezen geacht heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt verdachte daarvan vrij;

verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en de verdachte hiervoor strafbaar;

kwalificeert het bewezenverklaarde als hierboven omschreven;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (VIJF) jaren;

bepaalt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;

gelast de teruggave van de in beslag genomen voorwerpen (een damestas, een damesportemonnee en een klein tasje) aan de rechthebbende, zijnde aangeefster [slachtoffer].

Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. M. Schoemaker en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit gerecht op 22 december 2017, in tegenwoordigheid van de griffier.