Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2016:564

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
24-08-2016
Datum publicatie
05-09-2016
Zaaknummer
A.R. 1965 van 2015
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Civiel. Vordering tot rectificatie van een persbericht afgewezen.

E is geen sprake van onrechtmatig handelen, nu de betreffende journalist zich gehouden heeft aan de algemeen aanvaarde journalistieke code van hoor en wederhoor en de reactie van eisende partij op het persbericht een dag later heeft geplaatst.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Vonnis van 24 augustus 2016

Behorend bij A.R. 1965 van 2015

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

de publiekrechtelijk rechtspersoon

de CENTRALE BANK VAN ARUBA,

gevestigd te Aruba,

hierna ook te noemen: CBA,

gemachtigde: de advocaat mr. A.A.D.A. Carlo,

tegen

Gedaagde,

h.o.d.n. Gedaagde,

gevestigd te Aruba,

hierna te noemen: Gedaagde,

gemachtigden: de advocaten mrs. A.A. Ruiz en I.R. Wever.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek;

De zaak is hierna verwezen naar de rol voor vonnis.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1

Op 7 augustus 2015 heeft Gedaagde op de voorpagina van haar dagblad het volgende artikel gepubliceerd:

‘Fuente anonimo a divulga na nos:

1 miyon florin a desparce for di kluis do banco central’

Informacion cu a yega na nos mesa di redaccion ta bisa cu tin un posibel caso escandaloso den Banco Central. Nos a bin comprende cu durante di un control, ehecutivonan a bin descubri cu falta 1 miyon florin den cash for di kluis di e banco.

Tus cos ta hermeticamente cera, y tur hende ta keto. Nos redaccion a yama Banco Central ayera tardi, pero manera custumber nan no kier atende cu prensa. Nos fuente

anonimo a bisa cu tur cos ta mustra den un fraude y robo miyonario. Nos ta spera di por haya reaccion di banco Central., kico ta kico riba e informe aki, unda cu falta 1 miyon florin.’

2.2

Bij brief van 7 augustus 2015 heeft CBA Gedaagde gesommeerd tot rectificatie over te gaan.

2.3

Op 8 augustus 2015 publiceert Gedaagde een artikel naar aanleiding van de sommatie. Hierin geeft Gedaagde aan dat zij niet bereid is tot rectificatie omdat het artikel meer een vraag dan een bewering was. Gedaagde is van mening dat zij middels publicatie van dit artikel voldoet aan de sommatie.

2.4

Op 12 augustus 2015 heeft CBA de navolgende persverklaring doen uitgaan, die onder meer is gepubliceerd in ‘Gedaagde’:

‘Banco Cantral di Aruba(BCA) a tuma nota di un articulo cu a wordo publica riba prome pagina di e corant ‘Gedaagde’ dia 7 augustus 2015 cu e titular: ‘Fuente anonimo a divulga na nos: 1 MIYON FLORIN A DESPARCE FOR DI KLUIS DI BANCO CENTRAL’. Pa medio di e cominicado di prensa aki, BCA kier a informa publico en general cu e ta lamenta profundamente cu informacion incorecto y alegacionnan infunda ta wordo publica door di e redaccion di e corant ‘ Gedaagde”, atachando asina e bon reputacion y credibilidad di BCA.

BCA ta un instancia autonomo cu tin como tarea principal pa mantene e balor externo di nos Florin como tambe pa promove e solvabilidad y intergridad di e sistema fianciero di nos pais. Den e cuadro aki BCA ta declara enfaticamente cu e ta cumpli cu tur stipulacionnan den ley pa cu su tareanan legal. BCA su operacionnan financiero, incluyendo su departemente di Kas & Kluis, ta wordo controla regularmente door di departamente di control interno como tambe instancianan externo, incluyendo externe accountants, aplicando normanan internacionaal strigente, manera stipula pa ley, cu resultadonan positivo.’

3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1

CBA vordert verklaring voor recht te verklaren dat Gedaagde met zijn publicatie van 7 augustus 2015 onrechtmatig heeft gehandeld en Gedaagde te veroordelen tot plaatsing van een rectificatie, zoals vermeld in het petitum van het verzoekschrift, op straffe van een dwangsom van Afl. 5.000,00 voor elke dag dat gedaagde in gebreke blijft, met veroordeling van Gedaagde in de kosten van de procedure.

3.2

Gedaagde voert hiertegen gemotiveerd verweer, dat bij de beoordeling zo nodig aan de orde komt.

4 DE BEOORDELING

4.1

Aan de orde is de vraag of Gedaagde op 7 augustus 2015 onrechtmatig heeft gehandeld jegens CBA door het hiervoor geciteerde artikel te publiceren in haar dagblad.

4.2

In het gewraakte artikel heeft Gedaagde vermeld dat zij een anonieme tip heeft gekregen over de mogelijkheid dat er een ‘schandaalzaak’ gaande is bij de CBA en dat Gedaagde begrepen had dat tijdens een controle, stafleden tot de ontdekking waren gekomen dat er 1 miljoen cashgeld ontbrak in de kluis van de bank. In dit zelfde artikel geeft Gedaagde aan dat zij CBA verzocht heeft om een reactie, maar dat CBA ‘ zoals gewoonlijk de pers niet te woord wenste te staan’. Gedaagde vermeldt tevens dat zij hoopt op een reactie van CBA.

4.3

De journalist is het verplicht aan zijn publiek én aan degenen over wie hij schrijft om informatie te publiceren die zo compleet, correct en evenwichtig mogelijk is. Daartoe is 'wederhoor' onmisbaar om eventuele hiaten, fouten en eenzijdigheden in zijn berichtgeving te signaleren. Met hoor en wederhoor verifieert een journalist zijn gegevens of uitspraken van informanten bij betrokken personen of partijen. Integere journalistiek vereist het toepassen van hoor en wederhoor, maar het is geen algemeen geldende verplichting. Wederhoor is evenwel zonder meer geboden in geval van beschuldigingen of negatieve kwalificaties over personen, instellingen of bedrijven, zelfs als tevoren duidelijk is dat een antwoord alleen een ontkenning zal inhouden.

4.4

Gedaagde stelt dat zij getracht heeft CBA te bereiken om een reactie uit te lokken en dat CBA haar niet te woord wenste te staan. CBA daarentegen betwist dat Gedaagde getracht heeft haar te bereiken. Wat hier verder ook van zij, reeds op 8 augustus 2015, één dag na de gewraakte publicatie, publiceert Gedaagde een artikel waarin zij de reactie van de advocaat van CBA weergeeft en waarin CBA ontkent dat er 1 miljoen florin ontbreekt. In dit artikel vraagt Gedaagde expliciet aan CBA om haar te woord te staan.

4.5

Nu gesteld noch gebleken is dat CBA aan dit verzoek gevolg heeft gegeven, kan Gedaagde niet verweten worden dat zij in strijd met de journalistieke code van hoor en wederhoor heeft gehandeld. Aan CBA is immers uitdrukkelijk verzocht om een reactie. Nu voorts op 12 augustus 2015 een persbericht van CBA in Gedaagde is gepubliceerd waarin CBA aangeeft dat de bewering van Gedaagde in het artikel van 7 augustus 2015 onjuist is, is alsnog voldaan aan het recht van hoor en wederhoor.

4.6

In het licht van het voorgaande is het gerecht van oordeel dat Gedaagde niet onrechtmatig heeft gehandeld door op 7 augustus 2015 het gewraakte artikel te publiceren. De inhoud hiervan mag CBA onwelgevallig zijn, doch CBA heeft de inhoud hiervan een dag later weersproken. Daar komt bij dat de stelling van CBA dat zij schade heeft geleden als gevolg van deze reputatie niet dan wel onvoldoende feitelijk heeft onderbouwd.

4.7

Uit het voorgaande volgt dat de vordering wordt afgewezen.

4.8

CBA wordt nu zij in het ongelijk is gesteld in de kosten van de procedure veroordeeld.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

5.1

wijst het gevorderde af;

5.2

veroordeelt CBA in de kosten van de procedure, aan de zijde van Gedaagde tot op heden begroot op Afl. 1.800,00 voor salaris gemachtigde.

Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch. rechter in dit gerecht, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 24 augustus 2016 in aanwezigheid van de griffier.