Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2016:540

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
24-08-2016
Datum publicatie
02-09-2016
Zaaknummer
A.R. no. 377 van 2015
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Civiel. Tussenvonnis. Overeenkomsten van opdracht bestaande uit het uitzenden van tv-programma’s en/of reclameboodschappen. Bewijslevering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Vonnis van 24 augustus 2016

Behorend bij A.R. no. 377 van 2015

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS in de zaak van:

de naamloze vennootschap

TELEARUBA N.V.,

gevestigd in Aruba,

eiseres,

hierna ook te noemen: TeleAruba,

gemachtigde: de advocaat mr. E.H.J. Martis,

tegen:

Gedaagde,

h.o.d.n. [Eenmanszaak],

wonende en gevestigd in Aruba,

gedaagde,

hierna ook te noemen: Gedaagde,

gemachtigde: de advocaat mr. R. Marchena.

1 DE PROCEDURE

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-het verzoekschrift, met producties;

-de conclusie van antwoord, met één productie;

-de conclusie van repliek, met producties;

-de conclusie van dupliek.

1.2

Vonnis is nader bepaald op heden.

2 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

2.1

TeleAruba vordert dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis Gedaagde veroordeelt:

-om ten titel nakoming te betalen aan TeleAruba Afl. 13.179,35, te vermeerderen met (1) 1,5% aan contractuele rente telkens gerekend vanaf 30 dagen na factuurdatum van iedere respectieve aan Gedaagde uitgebrachte factuur en met (2) Afl. 1.976,90 aan vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten;

-in de proceskosten, waaronder begrepen die van het beslag.

2.2

Gedaagde voert verweer en concludeert tot afwijzing van het door TeleAruba verzochte, kosten rechtens.

2.3

Voor zover van belang voor de beslissing worden de stellingen van partijen hierna besproken.

3 DE BEOORDELING

3.1

TeleAruba stelt dat zij krachtens daartoe namens of voor Gedaagde door [derde] (hierna: Derde) en TeleAruba gesloten overeenkomsten van opdracht (hierna: de opdrachten) diensten heeft verleend voor Gedaagde gedurende de jaren 2009 tot en met 2011, bestaande uit het uitzenden ten behoeve van (voormelde eenmanszaak van) Gedaagde van tv-programma’s en/of reclameboodschappen, zoals omschreven in de bij het verzoekschrift overgelegde producties 2 en 3, en dat Gedaagde uit dien hoofde het thans in hoofdsom gevorderde bedrag verschuldigd is aan TeleAruba.

3.2.1

Niet in geschil is tussen partijen dat Derde gedurende de jaren 2009 tot en met 2011 opdrachten aan TeleAruba heeft vertrekt om de hiervoor vermelde tv-programma’s en/of reclameboodschappen uit te zenden. De stelling van TeleAruba, dat die programma’s en boodschappen daadwerkelijk zijn uitgezonden, heeft Gedaagde gemotiveerd bestreden. Die stelling staat daarom niet vast. TeleAruba zal, nu zij bewijslevering heeft aangeboden, allereerst in de gelegenheid worden gesteld door middel van het horen van getuigen te bewijzen dat bedoelde programma’s en boodschappen daadwerkelijk door haar zijn uitgezonden. De zaak zal daartoe worden verwezen naar de in het dictum vermelde terechtzitting. TeleAruba dient uiterlijk drie dagen voor die zitting de personalia van de door haar voor te brengen getuige(n) schriftelijk kenbaar te maken aan het Gerecht en aan Gedaagde.

3.2.2

Indien Tele-Aruba niet slaagt in de in vorige rechtsoverweging omschreven bewijsopdracht, heeft reeds te geleden dat sprake is van schuldeisersverzuim aan haar zijde hetgeen in de weg staat aan toewijzing ten titel van nakoming van het door TeleAruba gevorderde.

3.3.1

Indien TeleAruba wel slaagt in voormelde bewijsopdracht, stelt Gedaagde zich, anders dan TeleAruba, gemotiveerd op het standpunt dat Derde niet bevoegd was om voor of namens (de eenmanszaak van) Gedaagde voormelde overeenkomsten van opdracht te sluiten met TeleAruba. Dat verweer brengt mee dat die stelling vooralsnog evenmin vast staat.

3.3.2

Wat betreft de door Gedaagde bestreden stelling van TeleAruba, dat TeleAruba er in elk geval gerechtvaardigd op mocht vertrouwen (in de zin van het tweede lid van artikel 3:61 BW) dat Derde bevoegd was om voor of namens (de eenmanszaak van) Gedaagde bedoelde overeenkomsten van opdracht te sluiten wordt het volgende overwogen. Dat vertrouwen kan niet worden ontleend aan de door TeleAruba gestelde en niet door Gedaagde bestreden omstandigheid dat (1) Derde en Gedaagde echtelieden waren, (2) TeleAruba drie jaren met Derde zaken heeft gedaan zonder dat Gedaagde zich daarover heeft beklaagd, en (3) dat Gedaagde nooit aan de bel heeft getrokken ter zake van door TeleAruba (overigens aan Derde) verstuurde facturen. Bedoeld vertrouwen kan evenmin worden ontleend aan verklaringen en/of berichten afkomstig van Derde zelf. Bij de hiervoor onder (2) vermelde omstandigheid wordt nog overwogen dat niet is gesteld dat Gedaagde daarvan op de hoogte was.

3.3.3

Indien Gedaagde echter één of meerdere van de door TeleAruba naar Derde verzonden facturen met betrekking tot bedoelde door hem aan TeleAruba verstrekte opdrachten heeft betaald, mocht en mag TeleAruba er naar het oordeel van het Gerecht wèl gerechtvaardigd vanuit gaan dat Derde bevoegd was om voor of namens (de eenmanszaak van) Gedaagde bedoelde overeenkomsten van opdracht te sluiten. Dit klemt temeer omdat Gedaagde dan kennelijk wel op de hoogte was van de hiervoor onder (2) vermelde omstandigheid. Van dergelijke betaling(en) lijkt sprake te zijn, nu TeleAruba in haar conclusie van repliek onder 3 stelt dat Gedaagde het in hoofdsom gevorderde bedrag pro resto aan haar verschuldigd is (hetgeen impliceert dat er betaling of betalingen heeft of hebben plaatsgevonden), en uit productie 2 bij het verzoekschrift (het “statement”) lijkt te volgen dat (de eenmanszaak van) Gedaagde op 9 oktober 2009 Afl. 1.224,--, op 11 november 2009 Afl. 2.443,75 en op 12 mei 2010 Afl. 500,-- heeft betaald aan TeleAruba. Partijen worden in de gelegenheid gesteld om zich in de door hen te nemen conclusies na bewijslevering (eerst TeleAruba en vervolgens Gedaagde) tevens uit te laten over deze kwestie. TeleAruba dient dat vooral op verificatoire wijze te doen.

3.4

In afwachting van bewijslevering met betrekking tot de eerste door TeleAruba te bewijzen stelling (zoals hiervoor omschreven onder 3.2 in verbinding met 3.1) en de dienaangaande door partijen te nemen conclusies na bewijslevering tevens houdende uitlatingen als hiervoor onder 3.3.3 bedoeld zal iedere verdere beslissing worden aangehouden.

4 DE UITSPRAAK

Het Gerecht:

-stelt TeleAruba in de gelegenheid om door middel van het doen horen van getuigen te bewijzen hetgeen zij ingevolge rechtsoverweging 3.2.1 vooropgesteld dient te bewijzen;

-verwijst de zaak daartoe naar de terechtzitting van donderdag 22 september 2016 om 09:00 uur;

-bepaalt dat TeleAruba uiterlijk drie dagen voor die zitting de personalia van de door haar voor te brengen getuige(n) schriftelijk kenbaar dient te maken aan het Gerecht en aan Gedaagde;

-houdt in afwachting van bewijslevering met betrekking tot de eerste aan TeleAruba verstrekte bewijsopdracht en de dienaangaande door partijen te nemen conclusies na bewijslevering tevens houdende uitlatingen zoals hiervoor onder 3.3.3 omschreven iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 24 augustus 2016 in aanwezigheid van de griffier.