Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2016:515

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
23-08-2016
Datum publicatie
31-08-2016
Zaaknummer
E.J. 302 van 2014
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

CIV - EJ - Arbeid - ontbinding arbeidsovereenkomst en veroordeling loonvordering

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2016/2532

Uitspraak

Beschikking van 23 augustus 2016

Behorend bij E.J. 302 van 2014

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

in de zaak van:

[verzoekster],

te Aruba,

hierna ook te noemen: [verzoekster],

gemachtigde: de advocaat mr. E.E. Rosenstand,

tegen:

de naamloze vennootschap

[verweerder 1].,

en

[verweerder 2]

beide te Aruba,

hierna ook te noemen: [verweerders],

niet verschenen.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift;

- de mondelinge behandeling op 14 juni 2016.

[Verweerders] hebben kort voor de zitting schriftelijk uitstel van behandeling gevraagd. Dat is geweigerd aangezien het verzoek op 14 februari 2014 werd ingediend en na diverse uitstellen reeds eerder een laatste uitstel werd verleend.

Aan [verzoekster] is meegedeeld dat vandaag beschikking zou worden gegeven.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1 [

[verzoekster] is in dienst van [verweerder 1]. [Verweerder 2] is bestuurder van -[verweerder 1].

2.2

Sinds juli 2013 ontvangt [verzoekster] geen salaris meer.

3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1 [

[verzoekster] verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst per 23 augustus 2013 en veroordeling van [Verweerders] tot betaling van 18.001,16, met veroordeling van [Verweerders] tot vergoeding van de proceskosten.

3.2 [

[verzoekster] grondt het verzoek erop dat het haar toekomende loon niet geheel werd betaald en [verweerder 2] bovendien onrechtmatig jegens haar handelt doordat [verweerder 1] niet tot betaling overgaat.

3.3 [

[Verweerders] zijn niet verschenen.

4 DE BEOORDELING

4.1

Het gerecht kan de arbeidsovereenkomst niet met terugwerkende kracht ontbinden. Het gerecht verstaat de vordering aldus, dat [verzoekster] vordert voor recht te verklaren dat de arbeidsovereenkomst op 23 augustus 2013 is ontbonden. Die vordering komt, als onweersproken, voor toewijzing in aanmerking.

4.2

De loonvordering komt eveneens als onweersproken voor toewijzing in aanmerking.

4.3

Volgens [verzoekster] is [verweerder 2] persoonlijk aansprakelijk omdat zij, ondanks arbeidsongeschiktheid, haar praktijkvennootschap niet liquideert.

4.4

Het gerecht gaat ervan uit, dat er een zodanig nauwe band tussen [Verweerder 1] en [Verweerder 2] bestaat dat de vordering uit hoofde van persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder voor het nakomen van de loonbetalingsverplichting door [verweerder 1] jegens [verzoekster], bij gebrek aan betwisting, kan worden beschouwd als een zaak betreffende een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 429b lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

4.5

De vordering zal niettemin worden afgewezen. De enkele omstandigheid dat Francis [verweerder 2] de vennootschap niet liquideert brengt niet reeds mee dat haar persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt van het feit dat [verweerder 2] is de vordering van [verzoekster] niet voldoet.

4.6

Als de in overwegende mate in het ongelijk te stellen partij zal [verweerder 1] de proceskosten van [verzoekster] moeten vergoeden.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

verklaart voor recht dat de arbeidsovereenkomst op 23 augustus 2013 is ontbonden;

veroordeelt [verweerder 1] tot betaling aan [verzoekster] van een bedrag van Afl. 18.001,16;

veroordeelt [verweerder 1] in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van [verzoekster] worden begroot op Afl. 50, aan griffierecht, Afl. 192, aan explootkosten en Afl. 1.800, aan salaris van de gemachtigde;

verklaart de veroordelingen in deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

verstaat dat [verweerder 2] geen proceskosten heeft gemaakt;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van dinsdag 23 augustus 2016 in aanwezigheid van de griffier.