Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2016:339

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
17-05-2016
Datum publicatie
02-06-2016
Zaaknummer
E.J. no. 2850 van 2015
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Civiel - EJ - arbeid - loonvordering

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2016/1536
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking van 17 mei 2016

Behorend bij E.J. no. 2850 van 2015

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING in de zaak van:

[verzoeker],

wonende in Aruba,

verzoeker,

hierna ook te noemen: [verzoeker],

gemachtigde: de advocaat mr. V.A.V. Carlo,

tegen:

de naamloze vennootschap

DTH TELEVISION & TELECOMMUNICATION ARUBA N.V.,

h.o.d.n. MIO ARUBA,

gevestigd in Aruba,

verweerster,

hierna ook te noemen: DTH,

gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock.

1 DE PROCEDURE

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-het verzoekschrift, met producties;

-het verweerschrift, met producties;

-de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling van de zaak ter terechtzitting van 23 februari 2016.

1.2

Uit die aantekeningen blijkt dat [verzoeker] samen met zijn gemachtigde ter zitting is verschenen. DTH is verschenen bij haar gemachtigde. [Verzoeker] heeft ter zitting gebruik gemaakt van de aan hem geboden gelegenheid om te reageren op het door DTH ingediende verweerschrift, zulks onder overlegging van tijdig toegezonden producties. Vervolgens heeft DTH gebruik gemaakt van de aan haar geboden gelegenheid om te reageren op die reactie van [verzoeker].

1.3

Beschikking is nader bepaald op heden.

2 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

2.1

Naast verlof tot kosteloos procederen verzoekt [verzoeker] dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking:

a. DTH veroordeelt om tegen kwijting aan [verzoeker] te betalen Afl. 29.900,-- aan achterstallig bruto loon, te vermeerderen met de wettelijke verhoging ad Afl. 14.950,-- bruto en gerekend vanaf 7 november 2014 met wettelijke rente;

b. te dezen enige andere juist voorkomende beslissing neemt;

c. DTH veroordeelt in de proceskosten.

2.2

DTH voert verweer en concludeert dat [verzoeker] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het door hem verzochte, althans tot ontzegging daarvan, uitvoerbaar bij voorraad te verklaren kosten rechtens.

2.3

Voor zover van belang voor de beslissing worden de stellingen van partijen hierna besproken.

3 DE BEOORDELING

3.1

Uit het daartoe overgelegde bevoegdelijk afgegeven bewijs van onvermogen blijkt dat [verzoeker] niet in staat is om de kosten van deze procedure te dragen. Aan [verzoeker] zal daarom verlof worden verleend tot kosteloos procederen.

3.2

Er zijn gronden gesteld noch gebleken waaruit volgt dat [verzoeker] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het door hem verzochte. Het ontvankelijkheidsverweer van DTH wordt daarom verworpen.

3.3

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend of niet of onvoldoende bestreden staat tussen partijen mede op grond van overgelegde producties voorzover niet of onvoldoende bestreden het volgende vast.

3.3.1 [

Verzoeker] is op 13 mei 2013 krachtens een daartoe tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst als “sales associate” in loondienst getreden van DTH tegen een gemiddeld bruto maandsalaris van Afl. 2.300,--. DTH heeft [verzoeker] op 7 november 2014 op staande voet ontslagen. [Verzoeker] heeft bij schrijven van 28 januari 2015 de nietigheid van dat ontslag ingeroepen, en daarbij aan DTH medegedeeld dat hij bereid is en blijft om de werkzaamheden voor DTH te hervatten. DTH heeft niet gereageerd op dit schrijven.

3.3.2

De ook voor [verzoeker] geldende en voor hem bekende schriftelijke memo inhoudende regels van DTH ter zake van ziekmelding (hierna: de regels) vermeldt onder meer:

(…).

2. Call SVB at 5272782 on the first day of illness.

3. On your first day of sickness employees need to attend at their house doctor so that you can receive a doctor’s letter that you have visited the doctor due to your sickness, your doctor’s letter have to be stamped with the date of the 1st day that you call in sick and also a signature.”.

(…).

6. If you are sick for more than three days every time you go to SVB for control (…).

3.4

DTH stelt met (aan [verzoeker] gegeven) schriftelijke waarschuwingen onderbouwd dat [verzoeker] haar een dringende reden heeft gegeven voor ontslag omdat hij van 4 tot en met 6 november 2014 niet heeft gewerkt omdat [verzoeker] naar eigen zeggen ziek was, terwijl hij dienaangaande voor de zoveelste keer voormelde regels niet heeft nageleefd. Ter zake van die door [verzoeker] bestreden stelling wordt het volgende overwogen.

3.4

Voorop wordt gesteld dat het op grond van diverse publicaties ondertussen van algemene bekendheid is in Aruba dat huisartsen het vanaf rond maart 2014 niet (langer) als hun taak zien om verklaringen ten behoeve van werkgevers uit te schrijven met betrekking tot het gezien hebben van een werknemer. In het licht daarvan heeft [verzoeker] gesteld dat zijn huisarts niet langer bereid was en is om een verklaring ten behoeve van DTH uit te schrijven inhoudende de verklaring dat [verzoeker] wegens ziekte niet in staat is om te werken. Die stelling heeft DTH niet of onvoldoende bestreden, en komt daarom vast te staan. Tegen die achtergrond kan DTH zich vanaf maart 2014 niet met succes beroepen op voormeld omschreven artikel 2 van de regels wat betreft het verkrijgen en overleggen van een afgestempeld doktersbriefje.

3.5

Uit sustenu 5. in verbinding met sustenu 3. van het verweerschrift blijkt dat sprake is van de zogeheten spreekwoordelijke op 7 november 2014 tot stand gekomen druppel die de reeds volle emmer heeft doen overlopen, welk gegeven volgens DTH een dringende reden oplevert voor ontslag. Uit sustenu twee van het verweerschrift (onder b., d, en i.) blijkt echter dat [verzoeker] in elk geval vanaf maart 2014 drie keer geen doktersbriefje heeft overgelegd aan DTH terwijl hij telkens één dag wegens ziekte niet op zijn werk is verschenen. Nu vast staat dat dit niet aan [verzoeker] valt te verwijten, was bedoelde emmer naar het oordeel niet zo vol als door DTH gesteld, zodat niet kan worden gezegd dat de volgens DTH op 7 november 2014 in de emmer terechtgekomen druppel die emmer heeft doen overlopen. Dat betekent dat [verzoeker] op 7 november 2014 nog geen dringende reden heeft gegeven aan DTH voor ontslag, en dat [verzoeker] op goede grond de nietigheid heeft ingeroepen van het aan hem gegeven ontslag. DTH had kunnen en moeten volstaan met een mindere ingrijpende disciplinaire maatregel.

3.6

Vorenstaande brengt mee dat de loonvordering van [verzoeker] zal worden toegewezen, met inachtneming van het navolgende. Vast staat dat [verzoeker] om voor hem moverende reden eerst 13 maanden na het aan hem gegeven ontslag de onderhavige procedure aanhangig heeft gemaakt. Dat had naar het oordeel van het Gerecht veel eerder kunnen en moeten gebeuren. Het Gerecht ziet daarin grond om de loonvordering van [verzoeker] in tijd te beperken, en wel tot 6 maanden (oftewel 6 x 2.300,-- = Afl. 13.800,--), met inachtneming van het navolgende. Ter zitting heeft [verzoeker] verklaard dat hij elders tijdelijk werk heeft verkregen, en dat hij daarmee in elk geval Afl. 500,-- verdient. Daarin ziet het Gerecht grond om op de toe te wijzen loonvordering Afl. (6 x 500,-- =) Afl. 3.000,-- in mindering te brengen.

3.7

De gevorderde wettelijke rente en de ingangsdatum daarvan zullen, als zijnde niet bestreden, worden toegewezen. In het gegeven dat voormelde rente zal worden toegewezen ziet het Gerecht grond om de daarnaast gevorderde wettelijke verhoging - zoals subsidiair door DTH verzocht - billijkheidshalve gematigd vast te stellen op telkens maximaal 15%. Het Gerecht ziet geen grond om geen wettelijke verhoging toe te wijzen.

3.8

DTH zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden verwezen in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [verzoeker], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 50,--aan (aan de griffier van dit Gerecht te betalen) verschotten pro deo en Afl. 1.500,-- aan (niet aan de griffier van dit Gerecht te betalen) salaris voor de gemachtigde pro deo (2 punten van liquidatietarief 4, ad Afl. 750,-- per punt).

4 DE BESLISSING

Het Gerecht:

-veroordeelt DTH om tegen kwijting aan [verzoeker] te betalen (13.800,-- minus 3.000,-- =) Afl. 10.800,-- aan achterstallig brutoloon, te vermeerderen met (1) de gematigd vastgestelde wettelijke verhoging van telkens maximaal 15% en (2) gerekend vanaf 7 november 2014 met wettelijke rente;

-veroordeelt DTH in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [verzoeker], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 50,-- aan (aan de griffier van dit Gerecht te betalen) verschotten pro deo en Afl. 1.500,-- aan (niet aan de griffier van dit Gerecht te betalen) salaris voor de gemachtigde pro deo;

-verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

-verleent aan [verzoeker] verlof tot kosteloos procederen;

-wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 17 mei 2016.