Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2016:248

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
30-03-2016
Datum publicatie
13-04-2016
Zaaknummer
A.R. 660 van 2014
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Benoeming eenzijdig persoon-Verdeling gemeenschap-Vordering tardief

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis van 30 maart 2016

Behorend bij A.R. 660 van 2014

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

VERZOEKSTER,

wonende te Aruba,

verzoekster, hierna ook te noemen: de vrouw

gemachtigde: de advocaat mr. P.R.C. Brown,

tegen:

VERWEERDER,

wonende te Aruba,

verweerder, hierna ook te noemen: de man,

gemachtigde: de advocaat mr. C.R. Foy.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek tevens wijziging van eis;

- de conclusie van dupliek.

De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1

Partijen hebben een affectieve relatie gehad, waaruit het minderjarige kind [naam kind] is geboren.

2.2

Partijen hebben in 2007 gezamenlijk een huis gekocht aan de [perceelnummer] in [naam stad] voor een bedrag van Afl.130.000,00. CMB heeft ter zekerheid een recht van hypotheek verkregen op het onroerend goed.

2.3

De affectieve relatie tussen partijen is sinds mei 2012 verbroken.

2.4

De vrije marktwaarde van het gemeenschappelijke onroerende goed is op 28 juni 2012 getaxeerd op fl. 260.000,00.

3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1

De vrouw vordert - na wijziging van eis - bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, de verdeling van de tussen partijen bestaande gemeenschap van goederen ten overstaan van notaris mr. H.M. Rodriguez-Taekema, aldus dat het huis aan de vrouw wordt toebedeeld en dat aan de man een vergoeding wordt toegekend wegens onderbedeling van Afl. 47. 500,00, met benoeming van een onzijdig persoon in de zin van artikel 3:181 BW en met veroordeling van de man in de kosten van het geding.

3.2

De vrouw grondt de vordering erop dat de man nimmer aan zijn hypothecaire verplichting heeft voldaan en dat nu de relatie verbroken is overgegaan dient te worden tot de verdeling van het onroerend goed.

3.3

De stellingen van de man komen bij de beoordeling aan de orde.

4 DE BEOORDELING

4.1

Tussen partijen is niet in geschil dat de woning die op beider naam staat verdeeld dient te worden. Bij conclusie van dupliek heeft de man zijn verzet tegen toedeling van de gemeenschappelijke woning aan de vrouw alsmede tegen de door de vrouw gemaakte berekening van haar overbedeling laten varen.

4.2

De man vordert bij conclusie van dupliek het bedrag van de overbedeling te verhogen met een bedrag ad Afl. 2.500,00 voor de inboedel, die hij kennelijk aan de vrouw wenst toe te bedelen. Deze vordering is evenwel tardief, aangezien de vrouw hier niet meer op kan reageren. Aldus wordt de gewijzigde eis toegewezen.

4.3

Als onzijdig persoon zal een medewerker van het notariskantoor benoemd worden, die bij gebrek aan medewerking door de man de benodigde aktes zal kunnen tekenen.

4.4

Nu de vrouw genoodzaakt is geweest de onderhavige procedure te entameren, zal de man worden veroordeeld in de kosten van het geding, gebaseerd op tariefgroep 6 van het liquidatietarief.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

5.1

beveelt de verdeling van de gemeenschap ten overstaan van notaris mr. H.M. Rodriguez-Taekema of diens plaatsvervanger;

5.2

deelt het onroerend goed gelegen te [perceelnummer] te Aruba toe aan de vrouw;

5.3

veroordeelt de vrouw te betalen aan de man een bedrag ad Afl. 47.500,00 wegens overbedeling;

5.4

benoemt een door de notaris mr. H.M. Rodriguez-Taekema of diens plaatsvervanger aan te wijzen medewerker tot eenzijdig persoon als bedoeld in artikel 3:181 BWA;

5.5

veroordeelt de man in de kosten van de procedure aan de zijde van de vrouw begroot op Afl. 450,00 griffierecht, Afl. 199,00 betekeningskosten en Afl. 2.200,00 voor salaris gemachtigde;

5.6

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

5.7

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 30 maart 2016 in aanwezigheid van de griffier.