Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2016:211

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
17-02-2016
Datum publicatie
07-04-2016
Zaaknummer
A.R. 2662 van 2010
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Civiel, bewijsopdracht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis van 17 februari 2016

Behorend bij A.R. 2662 van 2010

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

de naamloze vennootschappen

1.LAND SEAIR CARGO&TRADE N.V.

2.CONSTRUCTION EQUIPMENT RENTAL DEPOT N.V.

gevestigd te Aruba,

hierna ook te noemen: eiserses 1 respectievelijk eiseres 2

gemachtigde: de advocaat mr. G. de Hoogd,

tegen:

GEDAAGDE , h.o.d.n.

PONTON HOME&HARDWARE CENTER

gevestigd te Aruba,

hierna ook te noemen: gedaagde,

gemachtigde: mr. E. Duijneveld.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift d.d. 20 november 2011;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek;

- op 29 mei 2013 is de zaak verwezen naar de parkeerrol;

- op 27 januari 2016 hebben partijen verzocht om voor te procederen.

De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2 DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1

Gedaagde erkent de facturen van 23 december 2009 ad Afl. 227,50, 6 januari 2010 ad Afl. 2.350,55 en 24 februari 2010 ad Afl. 3.631,60 van eiseres 1.

2.2

Gedaagde erkent de vordering van eisers 2.

3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1

Eiseres 1 vordert - bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad - gedaagde te veroordelen tot betaling van een bedrag ad Afl. 56.092,60 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de opeisbaarheid van de onderliggende facturen. Eiseres 2 vordert gedaagde te veroordelen tot betaling van een bedrag ad Afl. 18.551,25, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 maart 2016 tot de dag der voldoening, een en ander met veroordeling van gedaagde in de kosten van de procedure.

3.2

Eiseres 1 grondt de vordering erop dat zij in 2009 en 2010 diverse vrachtkosten en invoerrechten voor gedaagde heeft betaald, een Toyota Dyna DC aan gedaagde heeft verkocht en geleverd ad Afl. 12.500,00 en de kosten voor een reparatie aan deze auto heeft betaald ad Afl. 650,00.

3.3

Gedaagde voert verweer tegen de hoogte van de vordering van eiseres 1 dat bij de beoordeling aan de orde komt. Hij erkent de vordering van eisers 2.

4 DE BEOORDELING

4.1

Nu gedaagde de vordering van eiseres 2 erkent behoeft deze verder geen bespreking.

Beoordeeld wordt dan ook slechts de vordering van eiseres 1.

4.2

Gedaagde betwist 7 van de 10 overgelegde facturen, de door eiseres gestelde koopprijs van de verkochte en geleverde auto ad Afl. 12.500,00. Voorts betwist gedaagde dat hij de reparatiekosten verschuldigd is, omdat deze in de koopprijs ad Afl. 5.000,00 inbegrepen waren.

4.3

Nu uit de overgelegde documenten de juistheid van de stellingen van eiseres 1 niet kan worden afgeleid, op haar ingevolge artikel 129 Rv de bewijslast rust en zij bewijs heeft aangeboden, wordt zij toegelaten dit bewijs bij te brengen.

4.4

De vordering van eiseres 2 wordt bij eindvonnis toegewezen, nu deze door gedaagde is erkend.

4.5

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

5.1

stelt eiseres in de gelegenheid om bewijs bij te brengen van haar stelling dat zij

- in opdracht en voor rekening en risico van gedaagde vrachtkosten en invoerrechten heeft betaald zoals vermeld op de facturen van 11, 20 en 25 november 2009, 2, 9 en 16 december 2009 respectievelijk 5 januari 2010,

- een Toyota Dyna DC aan gedaagde heeft verkocht voor een koopprijs van
Afl. 12.500,00 en dat zij

- in opdracht en voor rekening en risico van gedaagde de radiator van deze auto heeft laten repareren ten bedrage van Afl. 650,00;

5.2

verwijst de zaak naar de rol van woensdag 16 maart 2016 voor akte uitlating bewijsopdracht aan de zijde van eiseres 1;

5.3

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 17 februari 2016 in aanwezigheid van de griffier.