Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2015:593

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
03-07-2015
Datum publicatie
01-07-2016
Zaaknummer
P-2014/15195, P-2012/04340, P-2012/03414 en P-2012/07731
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Arubaanse strafzaak. Veroordeling tot jeugddetentie van 18 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarde (reclasseringstoezicht) voor medeplegen van twee inbraken in juwelierswinkels - waarbij grote schade is aangericht -, medeplegen van een woninginbraak, medeplegen van een inbraak in een kerk en mishandeling met een wapen (honkbalknuppel). Feiten zijn deels gepleegd vóór, deels ná het bereiken van leeftijd van 18 jaar. Ten aanzien van de feiten die zijn gepleegd na het bereiken van leeftijd van achttien jaar vindt overeenkomstig artikel 1:159 Sr toepassing van het jeugdstrafrecht plaats.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

S T R A F V O N N I S

in de gevoegde zaken tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1996 in [geboorteplaats],

wonende in [woonplaats],

thans […] gedetineerd.

1 Onderzoek van de zaak

Het onderzoek ter openbare terechtzitting heeft plaatsgevonden op 9 januari 2015, 17 april 2015 en 12 juni 2015. De verdachte is verschenen, bijgestaan door zijn raads-lieden, mrs. J.A.R. Bryson (in de zaak met parketnummer P-2014/15195), V.A.V Carlo (in de zaak met parketnummer P-2012/04340) en R.L.F. Dijkhoff (in de zaken met parketnummers P-2012/03414 en P-2012/07731).

De officier van justitie, mr. J. Zondervan, heeft ter terechtzitting gevorderd de zaken tegen de verdachte, met inachtneming van artikel 1:159 van het Wetboek van Strafrecht, te voegen. Voorts heeft de officier van justitie gevorderd de verdachte ter zake van de feiten in de zaken met parketnummers P-2014/15195 en P-2012/04340, alsmede ter zake van het primair tenlastegelegde in de zaken met parketnummers P-2012/03414 en P-2012/07731 te veroordelen tot jeugddetentie voor de duur van veertien maanden, met aftrek van voorarrest.

De raadslieden hebben het woord tot verdediging gevoerd.

Voormelde zaken tegen de verdachte zijn, om de in dit vonnis nader te melden reden, na sluiting van het onderzoek ter terechtzitting gevoegd.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is, met inachtneming van de gevorderde en toegewezen wijzigingen, tenlastegelegd:

In de zaak met parketnummer P-2014/15195

1. Inbraak [juwelierszaak 1]

dat hij op of omstreeks 11 augustus 2014 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit de zaak [juwelierszaak 1] gelegen te [adres] heeft weggenomen onder meer:

  • -

    meerdere, althans een gouden enkelband(en) en/of

  • -

    meerdere, althans een gouden armband(en) (Bangels en Bracelets) en/of

  • -

    meerdere, althans een gouden ring(en) en/of

  • -

    meerdere, althans een [merk] goudstukken,

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of ver-dachtes mededader(s), waarbij verdachte en/of verdachtes mededader(s) zich de toe-gang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of door inklimming en/of (een) valse sleutel(s);

(artikel 2:289 van het Wetboek van Strafrecht)

althans indien ten aanzien van het vorenstaande geen veroordeling mocht (kunnen) volgen

dat hij in of omstreeks de periode 11 augustus 2014 tot en met 21 september 2014,

  • -

    meerdere, althans een gouden enkelband(en) en/of

  • -

    meerdere, althans een gouden armband(en) (Bangels en Bracelets) en/of

  • -

    meerdere, althans een gouden ring(en) en/of

  • -

    meerdere, althans een [merk] goudstukken,

althans een aantal sieraden heeft verworven, voorhanden heeft gehad of heeft over-gedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat/die siera(a)d(en) wist of begreep, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof

en/of

hij in of omstreeks de periode 11 augustus 2014 tot en met 21 september 2014 in Aruba, opzettelijk uit winstbejag een uit misdrijf verkregen siera(a)d(en) voorhanden heeft ge-had, terwijl hij wist of begreep, dan wel terwijl hij redelijkerwijs moest vermoeden dat het (een) uit misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

(artikel 2:397 / 2:399 van het Wetboek van Strafrecht)

2 Inbraak [juwelierszaak 2]

dat hij in of omstreeks de periode 20 september 2014 tot en met 21 september 2014, dan wel op of omstreeks 21 september 2014 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit de zaak [juwelierszaak 2] gelegen te [adres], heeft weggenomen onder meer:

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk A] en/of

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk B] en/of

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk C],

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of verdachtes mededader(s), waarbij verdachte en/of verdachtes mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun be-reik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of door inklim-ming en/of (een) valse sleutel(s);

(artikel 2:289 van het Wetboek van Strafrecht)

althans indien ten aanzien van het vorenstaande geen veroordeling mocht (kunnen) volgen

dat hij in of omstreeks de periode 21 september 2014 tot en met 23 september 2014,

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk A] en/of

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk B] en/of

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk C],

althans een (aantal) horloge(s) heeft verworven, voorhanden heeft gehad of heeft over-gedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat/die horloge(s) wist of begreep, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof

en/of

hij in of omstreeks de periode 21 september 2014 tot en met 21 september 2014 in Aruba, opzettelijk uit winstbejag een (aantal) uit misdrijf verkregen horloge(s) voor-handen heeft gehad, terwijl hij wist of begreep, dan wel terwijl hij redelijkerwijs moest vermoeden dat het een uit misdrijf verkregen goed betrof;

(artikel 2:397 / 2:399 van het Wetboek van Strafrecht)

In de zaak met parketnummer P-2012/04340

1. dat hij op of omstreeks 20 mei 2012 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning, te weten [adres 1], onder meer heeft weggenomen:

- een kluis inhoudende een geldbedrag, te weten $70.000,- en/of € 2.000,-, en/of een (of

meer) siera(a)d(en) en/of

- een kluis (zonder inhoud) en/of

- een horloge (van het merk [merk D]),

althans een hoeveelheid geld, in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan ver-dachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toe-gang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of (een) valse sleutel(s);

(artikel 324 van het Wetboek van Strafrecht)

2. dat hij op of omstreeks 24 april 2012 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning, te weten [adres 2], onder meer heeft weggenomen:

- een (of meer) blik(ken) voedsel en/of

- een brillenhoes,

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/ hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/ hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of (een) valse sleutel(s);

(artikel 324 van het Wetboek van Strafrecht)

3. dat hij op of omstreeks 24 oktober 2011 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning, te weten [adres 3], onder meer heeft weggenomen:

- een flatscreen tv (merk [merk E]) en/of

- een (of meer) dvd-speler(s) (merk [merk F] en/of [merk G] en/of [merk H]) en/of

- een Nintendo [model] en/of

- een kluis inhoudende o.a. een (of meer) paspoort(en) en/of een trouwboekje en/of

verzekeringspolis en/of een (of meer) geboorteakte(s) en/of een (of meer) diploma(’s)

en/of

- een home theater sound system (merk [merk I]) en/of

- een camera (merk [merk J]),

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/ hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/ hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of (een) valse sleutel(s);

(artikel 324 van het Wetboek van Strafrecht)

In de zaak met parketnummer P-2012/03414

dat hij op of omstreeks 3 mei 2012 in Aruba tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit de [slachtoffer 7] te [adres] heeft weggenomen een Ipod en/of een mixer en/of een (of meer) luidspreker(s) en/of een Ipod [model] en/of twee set computer speakers system van het merk [merk K] en/of een toetsenbord van het merk [merk K] en/of een transformator van het merk [merk L] en/of een versterker en/of een sound system van het merk [merk L] en/of een digitale klok en/of een koptelefoon en/of enige kabels, en/of een (of meer) ander(e) goed(eren), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de [slachtoffer 7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of verdachtes mededader(s), waarbij verdachte en/of verdachtes mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of een valse sleutel;

(artikel 324 lid 1 Wetboek van Strafrecht)

althans indien ten aanzien van het vorenstaande geen veroordeling mocht kunnen volgen

dat hij op of omstreeks 3 mei 2012 in Aruba ter uitvoering van zijn voornemen om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit de [slachtoffer 7] te [adres] weg te nemen een Ipod en/of een mixer en/of een (of meer) luidspreker(s) en/of een Ipod [model] en/of twee set computer speakers system van het merk [merk K] en/of een toetsenbord van het merk [merk K] en/of een transformator van het merk [merk L] en/of een versterker en/of een sound system van het merk [merk L] en/of een digitale klok en/of een koptelefoon en/of enige kabels, en/of een (of meer) ander(e) goed(eren), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de [slachtoffer 7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of verdachtes mededader(s), en zich daarbij de toegang tot die plaats des misdrijfs te verschaffen en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of een valse sleutel, tezamen en in vereniging met verdachtes mededader(s), althans alleen, opzettelijk daartoe een raam van de [slachtoffer 7] hebben geforceerd en/of vernield, waardoor hij/zij de [slachtoffer 7] is/zijn binnengedrongen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

(artikel 324 lid 1 jo artikel 47 Wetboek van Strafrecht)

In de zaak met parketnummer P-2012/07731

dat hij op of omstreeks 31 juli 2012 in Aruba, opzettelijk [slachtoffer 8] heeft mishandeld met een wapen, te weten een (aluminium) (honkbal)knuppel, althans een op een (aluminium) (honkbal) knuppel gelijkend voorwerp, in elk geval een hard voorwerp, zijnde een wapen als bedoeld bij van artikel 1 lid 2 van de Wapenverordening, immers heeft hij, verdachte die [slachtoffer 8], eenmaal, althans meermalen, met voormeld (aluminium) (honkbal)knuppel, althans een op een (aluminium) (honkbal) knuppel gelijkend voorwerp, in elk geval een hard voorwerp, tegen/op de pols en/of elleboog en/of arm, althans het lichaam, geslagen, ten gevolge waarvan deze werd gewond en/of pijn ondervond;

(artikel 314a van het Wetboek van Strafrecht)

althans indien ten aanzien van het vorenstaande geen veroordeling mocht (kunnen) volgen

dat hij op of omstreeks 31 juli 2012 in Aruba, [slachtoffer 8] opzettelijk heeft mishandeld, immers heeft hij, verdachte, opzettelijk die [slachtoffer 8] tegen de grond geduwd en/of laten vallen en/of (vervolgens) een (of meer) (vuist)slagen tegen/op de pols en/of elleboog en/of arm, althans het lichaam, van die [slachtoffer 8] toegediend, waardoor deze werd gewond en/of pijn ondervond;

(artikel 313 van het Wetboek van Strafrecht)

3 Voorvragen

Geldigheid van de dagvaarding

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke vereisten voldoet en dus geldig is.

Bevoegdheid van het gerecht

Krachtens de wettelijke bepalingen is het gerecht bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen.

Ontvankelijkheid van de officier van justitie

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan.

Redenen voor schorsing van de vervolging

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging gebleken.

4 Bewijsbeslissingen

A. Vrijspraak

Het gerecht heeft uit het onderzoek op de terechtzitting door de inhoud van wettige be-wijsmiddelen niet de overtuiging bekomen dat de verdachte het in de zaak met parket-nummer P-2012/04340 onder 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan en zal de verdachte daarvan vrijspreken. Ter toelichting dient het volgende.

feit 2

De verdachte heeft ter terechtzitting ontkend dit feit te hebben gepleegd. Uit de zich in het dossier bevindende verklaringen van de verdachte en de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] blijkt niet wanneer de inbraak in de woning [adres 2], waarover zij spreken, heeft plaatsgevonden. Ook komen de gestolen goederen waar zij over verklaren niet overeen met de goederen die volgens de aangifte zijn weggenomen.

Het gerecht is van oordeel dat er noch uit vorenvermelde verklaringen noch uit het verhandelde ter terechtzitting, voldoende wettig en overtuigend bewijs is te putten dat verdachte deze woninginbraak heeft gepleegd.

feit 3

Ook ten aanzien van dit feit heeft verdachte ter terechtzitting ontkend dat te hebben gepleegd. Uit de inhoud van de voorhanden zijnde bewijsmiddelen volgt dat slechts de medeverdachte [medeverdachte 2] een – weinig gedetailleerde – belastende verklaring over de verdachte heeft afgelegd. Deze verklaring wordt echter door geen enkel ander bewijsmiddel ondersteund. Het gerecht is van oordeel dat op grond hiervan niet wettig en overtuigend is komen vast te staan dat de verdachte in de betrokken woning heeft ingebroken. Hij dient derhalve van dit feit te worden vrijgesproken.

B. Bewezenverklaring

Het gerecht heeft uit het onderzoek op de terechtzitting door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde in de zaak met parketnummer P-2014/15195, het onder 1 tenlastegelegde in de zaak met parketnummer P-2012/04340, alsmede het primair tenlastegelegde in de zaken met parketnummers P-2012/03414 en P-2012/07731, heeft begaan, met dien verstande dat het bewezen acht:

In de zaak met parketnummer P-2014/15195

1. Inbraak [juwelierszaak 1]

dat hij op of omstreeks 11 augustus 2014 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit de zaak [juwelierszaak 1] gelegen te [adres] heeft weggenomen onder meer:

  • -

    meerdere, althans een gouden enkelband(en) en/of

  • -

    meerdere, althans een gouden armband(en) (Bangels en Bracelets) en/of

  • -

    meerdere, althans een gouden ring(en) en/of

  • -

    meerdere, althans een [merk] goudstukken,

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of ver-dachtes mededader(s), waarbij verdachte en/of verdachtes mededader(s) zich de toe-gang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of door inklimming en/of (een) valse sleutel(s);

2 Inbraak [juwelierszaak 2]

dat hij in of omstreeks de periode 20 september 2014 tot en met 21 september 2014, dan wel op of omstreeks 21 september 2014 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit de zaak [juwelierszaak 2] gelegen te [adres], heeft weggenomen onder meer:

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk A] en/of

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk B] en/of

  • -

    meerdere, althans een horloge(s) van het merk [merk C],

in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of verdachtes mededader(s), waarbij verdachte en/of verdachtes mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun be-reik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of door inklim-ming en/of (een) valse sleutel(s);

In de zaak met parketnummer P-2012/04340

1. dat hij op of omstreeks 20 mei 2012 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning, te weten [adres 1], onder meer heeft weggenomen:

- een kluis inhoudende een geldbedrag, te weten $70.000,- en/of € 2.000,-, en/of een (of

meer) siera(a)d(en) en/of

- een kluis (zonder inhoud) en/of

- een horloge (van het merk [merk D]),

althans een hoeveelheid geld, in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan ver-dachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toe-gang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of (een) valse sleutel(s);

In de zaak met parketnummer P-2012/03414

dat hij op of omstreeks 3 mei 2012 in Aruba tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit de [slachtoffer 7] te [adres] heeft weggenomen een Ipod en/of een mixer en/of een (of meer) luidspreker(s) en/of een Ipod [model] en/of twee set computer speakers system van het merk [merk K] en/of een toetsenbord van het merk [merk K] en/of een transformator van het merk [merk L] en/of een versterker en/of een sound system van het merk [merk L] en/of een digitale klok en/of een koptelefoon en/of enige kabels, en/of een (of meer) ander(e) goed(eren), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de [slachtoffer 7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of verdachtes mededader(s), waarbij verdachte en/of een van verdachtes mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of een valse sleutel;

In de zaak met parketnummer P-2012/07731

dat hij op of omstreeks 31 juli 2012 in Aruba, opzettelijk [slachtoffer 8] heeft mishandeld met een wapen, te weten een (aluminium) (honkbal)knuppel, althans een op een (aluminium) (honkbal) knuppel gelijkend voorwerp, in elk geval een hard voorwerp, zijnde een wapen als bedoeld bij van artikel 1 lid 2 van de Wapenverordening, immers heeft hij, verdachte die [slachtoffer 8], eenmaal, althans meermalen, met voormeld (aluminium) (honkbal)knuppel, althans een op een (aluminium) (honkbal) knuppel gelijkend voorwerp, in elk geval een hard voorwerp, tegen/op de pols en/of elleboog en/of arm, althans het lichaam, geslagen, ten gevolge waarvan deze werd gewond en/of pijn ondervond.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, zoals doorgestreept in de tekst, is niet bewezen, zodat de verdachte hiervan zal worden vrijgesproken.

5 Bewijsmiddelen

De overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de wettige bewijsmiddelen zijn vervat, waarbij ieder bewijsmiddel, ook in onderdelen, telkens slechts wordt gebezigd voor het bewijs van het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

De bewijsmiddelen zullen in geval van hoger beroep in een aan dit vonnis te hechten bijlage worden opgenomen.

Bewijsoverwegingen

In de zaak met parketnummer P-2012/04340

De raadsman heeft ter zake van het onder 1 tenlastegelegde betoogd, dat verdachte dien te worden vrijgesproken, nu de door de medeverdachte [medeverdachte 2] afgelegde, voor verdachte belastende verklaring onder ontoelaatbare druk tot stand is gekomen. Haar verklaring kan, volgens de raadsman, derhalve niet worden gebezigd voor het bewijs van dit feit. Daarnaast heeft de raadsman betoogd dat de verdachte zich hooguit aan heling van de betrokken kluizen heeft schuldig gemaakt. Nu echter een ander feit dan heling is tenlastegelegd, dient de verdachte ook daarom te worden vrijgesproken.

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij weliswaar twee kluizen heeft geopend, maar dat hij zich niet met de medeverdachten naar de woning te [adres 1], van waaruit de kluizen werden weggenomen, heeft begeven. Deze verklaring van de verdachte wordt ontkracht door de verklaringen van de medeverdachten [medeverdachte 1], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] alsmede door verdachtes eigen verklaring, zoals hij die op 2 juni 2012 bij de politie heeft afgelegd. Deze verklaringen luiden eenduidig dat de verdachte met de medeverdachten mee is gegaan naar de woning te [adres 1] en daar met hen de kluizen heeft weggenomen.

Aan het verweer van de raadsman ter zake van de verklaring van de medeverdachte [medeverdachte 2] gaat het gerecht voorbij, nu het die verklaring niet voor het bewijs van het onderhavige feit behoeft te bezigen. Het gerecht is van oordeel dat de verklaringen van de overige medeverdachten, in combinatie met verdachtes eerdere verklaring, afgelegd bij de politie, voldoende wettig en overtuigend bewijs opleveren dat verdachte samen met die medeverdachten het strafbare feit, zoals ten laste gelegd, heeft gepleegd.

In de zaak met parketnummer P-2012/07731

De raadsman heeft betoogd dat de verdachte van het hem tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken, nu de getuige [getuige] de aan de verdachte verweten slaan met een aluminium honkbalknuppel niet heeft gezien, maar slechts heeft gehoord.

Volgens de aangever [slachtoffer 8] is hij door de verdachte met een aluminium honkbalknuppel mishandeld. Uit de verklaring van de getuige [getuige] komt naar voren dat zij zich bij de achterdeur van de woning van de aangever bevond, toen zij een klap hoorde die tegen een van de binnenwanden van de woning aan kwam. Volgens de getuige klonk die klap als ware men met een stuk ijzer tegen de wand had geslagen. Direct daarna hoorde de getuige een woordenwisseling tussen de aangever en een ander, wier stem zij herkende als die van de verdachte.

Het is een feit van algemene bekendheid dat een aluminium honkbalknuppel, door de eigenschappen van dat metaal, een typisch op ijzer/metaal lijkend geluid maakt indien daarmee (met kracht) op een oppervlakte wordt geslagen. Het gerecht leidt uit de geschetste feiten en omstandigheden af dat de getuige heeft waargenomen dat de verdachte de aangever met een honkbalknuppel heeft geslagen. Het feit dat de getuige de twist tussen de aangever en de verdachte slechts heeft gehoord, doet niet af aan de inhoud van haar verklaring, nu zij als mens haar omgeving middels haar gehoor - zijnde één van de zintuigen waarmee de mens zich van zijn omgeving gewaar wordt - heeft waargenomen. Van die waarneming heeft zij blijk gegeven in haar verklaring, die aldus als bewijsmiddel de verklaring van de aangever ondersteunt. Het verweer van de raadsman wordt derhalve verworpen.

6 Kwalificatie en strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Op 15 februari 2014 is een nieuw Wetboek van Strafrecht van Aruba (AB 2012 no. 24, gewijzigd bij AB 2014 no. 11) in werking getreden. Bij de invoering is niet voorzien in overgangsrechtelijke bepalingen, zodat de daarin neergelegde voorschriften onmiddellijk van toepassing zijn geworden. Voor zover de in de tenlastelegging beschreven feiten zijn begaan vóór deze datum, geldt evenwel het navolgende.

Ingevolge artikel 1:1, eerste lid, van dit wetboek is geen feit strafbaar dan uit kracht van een daaraan voorafgegane wettelijke strafbepaling. In het tweede lid van dit artikel is voorts bepaald dat bij verandering in de wetgeving na het tijdstip waarop het feit begaan is, de voor de verdachte gunstigste bepalingen worden toegepast. Deze artikelleden, in onderlinge samenhang bezien, brengen mee dat, voor zover de bepalingen van dit wetboek omtrent de strafwaardigheid van een delict of de zwaarte van de daarop bedreigde sanctie niet gunstiger zijn dan die, welke golden ten tijde van het tijdstip of de periode waarop de aan de verdachte verweten feiten volgens de tenlastelegging zijn gepleegd, de op dat moment geldende bepalingen dienen te worden toegepast. Indien zich naar het oordeel van het gerecht een dergelijk geval voordoet zal dit in dit vonnis, voor zover relevant en niet uitdrukkelijk nader gemotiveerd, tot uitdrukking komen in de kwalificatiebeslissing en de vermelding van de bij de oplegging van een straf of maatregel toegepaste wettelijke voorschriften.

Het bewezenverklaarde levert op:

In de zaak met parketnummer P-2014/15195

1. primair: Diefstal, door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en verbreking,

strafbaar gesteld bij artikel 2:289, eerste lid, aanhef en onder a en b, van het Wetboek van Strafrecht.

2 primair: Diefstal, door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en verbreking,

strafbaar gesteld bij artikel 2:289, eerste lid, aanhef en onder a en b, van het Wetboek van Strafrecht.

In de zaak met parketnummer P-2012/04340

1. Diefstal, door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en verbreking,

strafbaar gesteld bij artikel 324 juncto artikel 323 van het Wetboek van Strafrecht (oud).

In de zaak met parketnummer P-2012/03414

Primair: Diefstal, door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en inklimming,

strafbaar gesteld bij artikel 324 juncto artikel 323 van het Wetboek van Strafrecht (oud).

In de zaak met parketnummer P-2012/07731

Primair: Mishandeling, gepleegd met gebruikmaking van wapenen als bedoeld bij het tweede lid van artikel 1 van de Wapenverordening,

strafbaar gesteld bij artikel 314a van het Wetboek van Strafrecht (oud).

Het bewezenverklaarde is strafbaar, nu geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid ervan opheffen of uitsluiten.

7 Strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar nu geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid opheffen of uitsluiten.

8 Oplegging van straf of maatregel

De verdachte was ten tijde van het plegen van de bewezenverklaarde feiten in de zaken met parketnummers P-2012/04340, P-2012/03414 en P-2012/07731 zestien jaar oud. Ten tijde van het plegen van de feiten in de zaak met parketnummer P-2014/15195 was hij achttien jaar oud. Dit verschil in leeftijd zou tot gevolg hebben dat de verdachte volgens twee strafrechtregimes, het jeugd- en het volwassenenstrafrecht, zou dienen te worden bestraft. Dit zou met zich meebrengen dat de zaken tegen de verdachte niet zouden kunnen worden gevoegd. In dit kader heeft de officier van justitie, met inachtneming van artikel 1:159 van het Wetboek van Strafrecht (Sr), voeging van de zaken gevorderd. Het gerecht is van oordeel dat het in het belang van de verdachte is dat hij op grond van artikel 1:159 Sr overeenkomstig de in dit wetboek neergelegde bijzondere bepalingen voor jeugdige personen zal worden bestraft. Het gerecht is voorts van oordeel dat er daarom geen beletselen meer zijn tegen de voeging van de zaken tegen de verdachte, zodat die thans worden gevoegd.

Gelet op de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, op de omstandigheden waaronder de verdachte zich daaraan schuldig heeft gemaakt en op de persoon van de verdachte, zoals van één en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht het gerecht na te noemen beslissing passend. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft, samen met zijn mededaders, in de nachtelijke uren een inbraak gepleegd in twee juwelierszaken. Behalve dat zij een groot aantal sieraden hebben weggenomen, hebben zij grote materiële schade toegebracht aan de winkels zelf. De officier van justitie heeft in zijn requisitoir in dit verband terecht een vergelijking gemaakt met een ramkraak. Verdachte is met zijn, kennelijk louter door winstbejag ingegeven, handelen geheel voorbij gegaan aan de gevoelens van onveiligheid en verloedering die daardoor niet alleen bij de gedupeerden maar ook in de samenleving als geheel worden veroorzaakt.

Ook heeft verdachte, samen met anderen, uit een woning twee kluizen weggenomen en de inhoud van een ervan buit gemaakt. Voorts heeft verdachte zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een inbraak in een kerk. Behalve de materiële schade die hij door deze inbraken heeft aangericht, is het vooral ook het schenden van het ongestoorde bezit dat gedupeerden zo ergert. Verdachte is met zijn laakbare handelingen geheel voorbij gegaan aan de gevoelens van onveiligheid die veelal door inbraken bij de gedupeerden worden veroorzaakt. Een dergelijke gedraging brengt ook gevoelens van verloedering in de samenleving met zich mee.

Verdachte heeft tevens een ander met een honkbalknuppel mishandeld. Verdachte heeft gekozen voor het onnodig gebruik van geweld als gevolg waarvan het slachtoffer lichamelijke pijn heeft ervaren. Een delict als het thans bewezen verklaarde veroorzaakt voorts grote onrust en gevoelens van onveiligheid in de samenleving, daar het een misdrijf is met een agressief karakter.

Oplegging van een vrijheidsontnemende straf is in casu op zijn plaats.

Ten voordele van verdachte geldt dat hij in overwegende mate openheid van zaken heeft gegeven en, alhoewel hij reeds eerder in aanraking is geweest met politie en justitie, nooit eerder is veroordeeld voor een strafbaar feit.

Alles afwegende kan niet worden volstaan met een andere of lichtere straf dan jeugddetentie van na te melden duur. Het gerecht ziet aanleiding om, bovenop de door de officier van justitie geëiste straf van 14 maanden jeugddetentie, een voorwaardelijk strafdeel, groot vier maanden, op te leggen (dus in totaal 18 maanden), enerzijds om verdachte in te scherpen zich gedurende de proeftijd niet weer aan misdrijf schuldig te maken, en anderzijds om te bewerkstelligen dat hij hulp en begeleiding krijgt van de Stichting Reclassering en Jeugdbescherming Aruba. Verdachtes geregelde justitiële contacten gedurende zijn nog jeugdige leeftijd doen vrezen dat hij zonder die hulp en begeleiding wederom tot het plegen van strafbare feiten zal overgaan.

9 Inbeslaggenomen voorwerpen

Teruggave

De teruggave zal worden gelast aan de verdachte van de in de zaak met parketnummer P-2014/15195 in beslag genomen mobiele telefoon van het merk [merk], model [model], en twee [...] simkaarten, nu die niet vatbaar zijn voor verbeurdverklaring dan wel onttrekking aan het verkeer.

10 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is mede gegrond op de artikelen 1:21, 1:22, 1:62, 1:159, 1:163, 1:165, 1:180, 1:181, 1:182, 1:183 en 1:189 van het Wetboek van Strafrecht.

11 Beslissing

Het gerecht:

verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde zoals in rubriek 4A omschreven heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij;

verklaart bewezen dat de verdachte de tenlastegelegde feiten zoals hierboven bewezen geacht heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt verdachte daarvan vrij;

verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en de verdachte hiervoor strafbaar;

kwalificeert het bewezenverklaarde als hierboven omschreven;

veroordeelt de verdachte tot jeugddetenie voor de duur van achttien maanden (18) maanden;

bepaalt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;

beveelt dat van deze straf een gedeelte, groot vier (4) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij later anders mocht worden gelast op grond dat de veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd, welke hierbij wordt bepaald op twee (2) jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, dan wel gedurende die proeftijd de hierna gestelde bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;

stelt als bijzondere voorwaarde dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, hem te geven door of namens de Stichting Reclassering en Jeugdbescherming Aruba, zulks zolang deze instelling dat gedurende de proeftijd nodig acht, met opdracht aan die instelling als bedoeld in artikel 1:183, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht;

gelast de teruggave aan de verdachte van de in rubriek 9 genoemde voorwerpen;

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis met ingang van het tijdstip dat de duur van deze hechtenis gelijk wordt aan die van het onvoorwaardelijke gedeelte van de opgelegde straf.

Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. W.C.E. Winfield en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit gerecht op 3 juli 2015, in tegenwoordigheid van de griffier.