Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2015:437

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
21-10-2015
Datum publicatie
02-11-2015
Zaaknummer
A.R. 1737 van 2013
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Schuldeisersverzuim/Schuldeiser niet gehouden de overeenkomst te ontbinden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis van 21 oktober 2015

Behorend bij A.R. 1737 van 2013

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

de rechtspersoon naar vreemd recht

RAYTHEON CANADA LIMITED,

te Canada,

hierna ook te noemen: Raytheon,

gemachtigde: de advocaat mr. P.R.C. Brown,

tegen:

de publiekrechtelijke rechtspersoon

LAND ARUBA,

te Aruba,

hierna ook te noemen: Land Aruba,

gemachtigde: de advocaat mr. F.A. Gibbs.

1 DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 22 april 2015;

- de aantekeningen ter gelegenheid van de mondelinge behandeling op 1 juni 2015;

- de conclusie na comparitie zijdens Raytheon;

- de conclusie na comparitie zijdens Land Aruba.

De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2 DE VERDERE BEOORDELING

2.1

Bij conclusie na comparitie heeft Land Aruba het verweer, dat zij niet aan de overeenkomst gebonden was omdat de (toenmalige) minister de overeenkomst niet mocht aangaan nu daarvoor geen voorziening in de begroting was opgenomen laten varen.

2.2

Land Aruba handhaaft evenwel het verweer dat de overeenkomst niet is uitgevoerd omdat de radar niet operationeel is geworden. Land Aruba erkent ondertussen dat dat het gevolg is geweest van zijn schuldeisersverzuim omdat de “installation site” door haar niet gereed was gemaakt voor de installatie van de walrader. Land Aruba wil de gemaakte kosten vergoeden maar niet de in rekening gebrachte huurtermijnen.

2.3

Dat de walradar niet operationeel kon worden is geheel te wijten aan Land Aruba. Land Aruba komt onder die omstandigheden geen beroep toe op artikel 2.1 van de overeenkomst dat stipuleert, dat de bepalingen van de overeenkomst in werking treden op de “Commencement Date”. Niet bestreden is verder dat artikel 1 onder e van de algemene voorwaarden (mede) in dat verband voorschrijven:
In the event that at such time as RCL [Raytheon] is prepared to deliver item(s) of equipment, such delivery is prevented for a period of thirty days or more, either by reason of the purchaser’s failure to arrange, or to request RCL to arrange for shipment, or by reason of any cause referred to in Section 6, RCL may deliver such item(s) by placing the same in storage in a warehouse. In such event, delivery shall be complete, (…).

2.4

Noch komt Land Aruba in dit verband, zonder nader toelichting, een beroep toe op een brief van 10 december 2009 waarin de directeur van Raytheon heeft verduidelijkt dat de overeenkomst pas tot een betalingsverplichting leidt als de walradar operationeel is. Dat de radar nooit operationeel is geweest is immers aan het schuldeisersverzuim van Land Aruba te wijten.

2.5

Het beroep op onvoorziene omstandigheden zijdens Land Aruba wordt verworpen. De omstandigheid dat na het sluiten van een overeenkomst een regering van een andere politiek signatuur tot een gewijzigd inzicht komt is geen omstandigheid die meebrengt, dat de overeenkomst niet of niet geheel meer hoeft te worden nagekomen.

2.6

Het verweer dat Raytheon geen of minder schade heeft geleden gaat niet op waar Raytheon nakoming van de uit de overeenkomst voortvloeiende betalingsverplichting vordert. Op Raytheon rustte geen plicht de overeenkomst harerzijds wegens niet-nakoming door Land Aruba te ontbinden.

2.7

De enkele omstandigheid dat Raytheon de walradar op enig moment heeft terug verscheept naar Canada brengt niet mee dat Land Aruba geen huur hoeft te betalen. Raytheon heeft immers te kennen gegeven dat zij de overeenkomst op elk door Land Aruba gewenst moment kon nakomen. Overigens verkeerde Land Aruba op het moment dat Raytheon de walradar terug verscheepte in schuldeisersverzuim zodat Raytheon harerzijds niet meer in verzuim met de nakoming van haar uit de overeenkomst voortvloeiende verbintenis kon komen (artikel 6:61 lid 2 BW).

2.8

Het gerecht is ten slotte van oordeel dat de vordering van Raytheon voldoende inzichtelijk is.

2.9

De vordering zal daarom worden toegewezen. Als de in het ongelijk te stellen partij zal Land Aruba de proceskosten van Raytheon moeten vergoeden.

5 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

veroordeelt Land Aruba tot betaling aan Raytheon van een bedrag van US$ 292.275,, te vermeerderen met de overeengekomen rente van 1,5% per maand, steeds over het saldo van de dan openstaande hoofdsom van thans US$ 160.421, vanaf 1 augustus 2012 tot de dag waarop volledig zal zijn betaald;

veroordeelt Land Aruba in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van Raytheon worden begroot op Afl. 5.230, aan griffierecht, Afl. 206, aan explootkosten en Afl. 17.100, aan salaris van de gemachtigde;

verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 21 oktober 2015 in aanwezigheid van de griffier.