Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGEAA:2015:359

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
22-09-2015
Datum publicatie
28-09-2015
Zaaknummer
EJ nr. 161 van 2015
Rechtsgebieden
Arbeidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

arbeidsrecht, kennelijk onredelijk ontslag

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2015/1803
AR-Updates.nl 2015-0964
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking d.d. 22 september 2015

Behorend bij EJ nr. 161 van 2015

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

in de zaak van:

A,

wonende te Aruba,

VERZOEKSTER,

gemachtigde: de advocaat mr. S.O.R.’G. Faarup,

tegen:

de naamloze vennootschap

VISTA SECURITY GROUP N.V.,

gevestigd te Aruba,

en haar directeur [naam],

wonende te Aruba,

VERWEERSTERS,

niet verschenen.

1 HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE

1.1

Dit verloop blijkt uit:

- het verzoekschrift met producties, ingediend op 30 januari 2015;

- het exploot van betekening d.d. 4 juni 2015, waarbij verweersters zijn opgeroepen om op 16 juni 2015 een verweerschrift in te dienen en te verschijnen voor de behandeling.

1.2

De beschikking is bepaald op heden.

2 HET VERZOEK

Verzoekster verzoekt het gerecht toestemming om kosteloos te mogen procederen en om bij beschikking voor recht te verklaren dat het aan verzoekster verleende ontslag kennelijk onredelijk is, verweersters hoofdelijk te veroordelen, uitvoerbaar bij voorraad, te betalen een somma van Afl. 3.300,- terzake de opzeggingstermijn, verweersters te veroordelen aan verzoekster tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen de somma van Afl. 1.632,-

terzake de cessantia-uitkering, verweersters te veroordelen aan verzoekster tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen de somma van Afl. 1.100,- terzake niet-genoten vakantiedagen, verweersters te veroordelen aan verzoekster tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen de somma van Afl. 6.600,- terzake schadevergoeding, alles vermeerderd met de wettelijke rente per jaar over de bovengenoemde bedragen vanaf de opeisbaarheid tot de dag der voldoening, kosten rechtens.

3 DE BEOORDELING

3.1

Verweersters hebben geen gebruik gemaakt van de aan hen aangeboden mogelijkheid om verweer te voeren. Niet is komen vast te staan dat er sprake was van een dringende reden voor een ontslag op staande voet, zodat moet worden geconcludeerd dat de dienstbetrekking op onregelmatige wijze is beëindigd en dat het op 20 april 2014 aan verzoekster gegeven ontslag kennelijk onredelijk is. De vordering tot verklaring voor recht zal om die reden worden toegewezen. Nu er van de zijde van verweersters geen verweer is gevoerd tegen de vordering tot betaling aan verzoekster terzake de opzeggingstermijn, de cessantie-uitkering, de niet-genoten vakantiedagen en de schadevergoeding, en deze voldoende zijn onderbouwd, zal het gerecht de vorderingen toewijzen. Datzelfde geldt voor de vordering tot betaling van de wettelijke rente.

3.2

Verweersters zullen als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure, tot op heden begroot op Afl. 50,- griffierecht, op Afl. 201,30 aan explootkosten en op Afl. 1.500,- aan salaris van gemachtigde.

3.3

Gezien het overgelegde bewijs van onvermogen zal aan verzoekster toestemming worden verleend om kosteloos te mogen procederen.

4 DE BESLISSING

De rechter:

4.1

verleent verzoekster toestemming om kosteloos te mogen procederen;

4.2

verklaart voor recht dat het op 20 april 2014 door verweersters aan verzoekster gegeven ontslag kennelijk onredelijk is;

4.3

veroordeelt verweersters hoofdelijk om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan verzoekster te betalen Afl. 3.300,- terzake de opzeggingstermijn, Afl. 1.632,- terzake de cessantia-uitkering, Afl. 1.100,- terzake niet-genoten vakantiedagen, Afl. 6.600,- terzake schadevergoeding, zulks alles vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag der indiening van het verzoekschrift, 30 januari 2015;

4.4

veroordeelt verweersters in de kosten van de procedure aan de zijde van verzoekster gevallen;

4.5

verklaart deze beschikking voor de onderdelen 4.3 tot en met 4.5 uitvoerbaar bij voorraad;

4.6

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht en werd in het openbaar uitgesproken op dinsdag 22 september 2015, in tegenwoordigheid van de griffier.