Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:OGAACMB:2017:120

Instantie
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
27-11-2017
Datum publicatie
08-01-2018
Zaaknummer
GAZA nr. AUA201702920
Rechtsgebieden
Ambtenarenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Mede gelet op de onomkeerbaarheid van het nadeel dat verzoeker van het landsbesluit zal ondervinden, zoals onweersproken gesteld, acht het gerecht het treffen van een voorziening bij voorraad ter voorkoming daarvan hangende bezwaar wenselijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Uitspraak d.d. 27 november 2017

GAZA nr. AUA201702920

HET GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN ARUBA

UITSPRAAK

op het verzoek tot het treffen van een voorziening bij voorraad als bedoeld in

artikel 94 van de Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La) van:

[verzoeker],

wonend in Aruba,

VERZOEKER,

gemachtigde: de advocaat mr. J.J. Coutinho,

gericht tegen:

DE GOUVERNEUR VAN ARUBA,

zetelend in Aruba,

VERWEERDER,

gemachtigde: de advocaat mr. A.A.D.A. Carlo (DWJZ).

1 PROCESVERLOOP

Bij landsbesluit van 12 september 2017 no. 1, heeft verweerder met toepassing van artikel 98 lid 1 sub e, verzoeker met ingang van 1 oktober 2017 eervol ontslag uit de dienst verleend.

Bij brief, bij het gerecht ingekomen op 12 oktober 2017 heeft verzoeker daartegen een bezwaarschrift ingediend. Bij brief, ingekomen op 1 november 2017, heeft verzoeker het gerecht verzocht een voorziening bij voorraad te treffen.

Het gerecht heeft de zaak ter zitting behandeld op 9 november 2017, waar verzoeker, bijgestaan door de gemachtigde voornoemd, en verweerder, vertegenwoordigd door de gemachtigde voornoemd, zijn verschenen.

2 OVERWEGINGEN

2.1

Ingevolge artikel 94 van de La kan een ambtenaar bij een met redenen omkleed verzoekschrift aan het gerecht in ambtenarenzaken een beslissing bij voorraad vragen in alle gevallen waarin een bezwaarschrift op grond van deze landsverordening kan worden ingediend, doch waarin ter voorkoming van onevenredig nadeel voor de ambtenaar, een onverwijlde voorziening wenselijk is.

2.2

Het oordeel van het gerecht heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.3

Verweerder heeft ter zitting betoogd dat hij, onder voorbehoud van alle rechter, geen verweer voert.

2.4

Aan het aan verzoeker opgelegde ontslag is ten grondslag gelegd dat verzoeker sinds 24 augustus 2011 arbeidsongeschikt is, dat de maximumduur van vrijstelling van dienst wegens ziekte is bereikt en dat verzoeker geen toestemming heeft gegeven aan de verzekeringsarts van Algemeen Pensioenfonds van Aruba (APFA) om onderzoek te verrichten en dat ten gevolge hiervan geen medische beoordeling heeft plaatsgevonden.

2.5

Verzoeker verzoekt het gerecht om het landsbesluit van 12 september 2017 te schorsen totdat in de bodemzaak een definitieve onherroepelijke beslissing is genomen. Verzoeker voert hierbij aan dat hij niet aan een stuk door arbeidsongeschikt is geweest, dat hij kostwinnaar is en in grote financiële problemen zal geraken en dat hij drie minderjarige kinderen heeft om te onderhouden. Ook heeft hij niet geweigerd om zich medisch te laten keuren; hij is op 26 april 2016 nog bij de Svb arts (Lourdes) geweest en zou daarover nog bericht ontvangen.

2.6

Mede gelet op de onomkeerbaarheid van het nadeel dat verzoeker van het landsbesluit zal ondervinden, zoals onweersproken gesteld, acht het gerecht het treffen van een voorziening bij voorraad ter voorkoming daarvan hangende bezwaar wenselijk.

2.7

Het gerecht ziet aanleiding de na te melden voorziening te treffen, waarbij het landsbesluit, waarbij aan verzoeker met ingang van 1 oktober 2017 eervol ontslag is verleend, met ingang van 1 december 2017 wordt geschorst. Dat betekent onder meer dat verzoeker met ingang van laatstvermelde datum salaris dient te ontvangen.

2.8

Verweerder dient op na te melden wijze in de proceskosten te worden veroordeeld.

3 BESLISSING

De rechter in dit gerecht:

schorst het landsbesluit van 12 september 2017, no 1 met ingang van 1 december 2017 totdat door het gerecht op het bezwaarschrift van verzoeker zal zijn beslist;

veroordeelt verweerder in de kosten van deze procedure, welke worden begroot op een bedrag van Afl. 1.000,- aan gemachtigdensalaris.

Deze uitspraak is gegeven door mr. W.J. Noordhuizen, ambtenarenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 november 2017 in aanwezigheid van de griffier.