Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2022:397

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
22-03-2022
Datum publicatie
22-03-2022
Zaaknummer
21/00195
Formele relaties
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2021:171
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2022:84
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Poging tot doodslag (art. 287 Sr), mishandeling (meermalen gepleegd) (art. 300.1 Sr). Overschrijding redelijke termijn in hoger beroep. Heeft hof mate van overschrijding van redelijke termijn in h.b. op juiste wijze vastgesteld? HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Uit ’s hofs vaststellingen volgt dat redelijke termijn in h.b. (van 2 jaren) met ruim anderhalf jaar is overschreden. Gelet daarop is niet begrijpelijk ’s hofs vaststelling dat redelijke termijn ‘met ongeveer een half jaar overschreden’ is. Aangezien hof klaarblijkelijk de door hem vastgestelde overschrijding ten grondslag heeft gelegd aan oordeel dat onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 57 maanden aan verdachte wordt opgelegd i.p.v. in beginsel passend geachte gevangenisstraf van 60 maanden, is dat oordeel evenmin begrijpelijk.

HR doet zaak zelf af en vermindert opgelegde gevangenisstraf van 57 maanden met 3 maanden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2022/352
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/00195

Datum 22 maart 2022

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 januari 2021, nummer 20-002267-17, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G.J.P.M. Mooren, advocaat te Tilburg, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de duur van de opgelegde gevangenisstraf, tot vermindering daarvan naar de gebruikelijke maatstaf en tot verwerping van het beroep voor het overige.

2 Beoordeling van het eerste tot en met het vierde cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beoordeling van het vijfde cassatiemiddel

3.1

Het cassatiemiddel klaagt dat het hof de mate van overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep niet juist heeft vastgesteld.

3.2

Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 38 tot en met 41. Dit moet leiden tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf van 57 maanden.

3.3

De Hoge Raad zal zelf de zaak afdoen.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de duur van de opgelegde gevangenisstraf;

- vermindert deze in die zin dat deze 54 maanden beloopt;

- verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.E.M. Röttgering en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 maart 2022.