Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2022:309

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
25-02-2022
Datum publicatie
25-02-2022
Zaaknummer
21/00796
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2021:995, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2020:9731, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Burgerlijk procesrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Procesrecht. Rechtsmiddelenverbod art. 7:262 lid 2 BW. Doorbrekingsgronden. Kantonrechter heeft huurprijs boven de liberalisatiegrens vastgesteld. Is de kantonrechter buiten het toepassingsgebied van de art. 7:246-265 BW en art. 11 lid 4 UHW getreden?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2022/274
JHV 2022/16 met annotatie van Gardenbroek, T.
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 21/00796

Datum 25 februari 2022

ARREST

In de zaak van

1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],

2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie, verweerders in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

hierna gezamenlijk: [eisers],

advocaat: H.J.W. Alt,

tegen

1. [verweerder 1],
wonende te [woonplaats],

2. [verweerder 2],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie, eisers in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

hierna gezamenlijk: [verweerders],

advocaat: K. Aantjes.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak 7149912 MC EXPL 18-6899 van de kantonrechter te Almere van 27 maart 2019 en 18 september 2019;

  2. het arrest in de zaak 200.271.820/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 24 november 2020.

[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

[verweerders] hebben voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.

Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.

De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel in het principale beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • -

    verwerpt het principale beroep;

  • -

    veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 421,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, F.J.P. Lock en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 25 februari 2022.