Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2022:296

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
25-02-2022
Datum publicatie
25-02-2022
Zaaknummer
20/01160
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2021:670, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHDHA:2019:3537, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Octrooirecht. Standaard essentieel octrooi (SEP) op gebied van mobiele telecommunicatie. Inbreukverbod. Misbruik van machtspositie? Is licentie-aanbod fair, reasonable and non-discriminatory (FRAND)?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2022/264
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/01160

Datum 25 februari 2022

ARREST

In de zaak van

WIKO SAS,
gevestigd te Marseille, Frankrijk,

EISERES tot cassatie,

hierna: Wiko,

advocaat: H.J. Pot,

tegen

KONINKLIJKE PHILIPS N.V.,
gevestigd te Eindhoven,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: Philips,

advocaten: W.A. Hoyng en F.W.E. Eijsvogels.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. het vonnis in de zaak C/09/508681 / HA ZA 16-411 van de rechtbank Den Haag van 18 oktober 2017;

  2. het arrest in de zaak 200.233.178/01 van het gerechtshof Den Haag van 24 december 2019.

Wiko heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Philips heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaten van partijen hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

2.1

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.2

Als de in cassatie in het ongelijk gestelde partij dient Wiko te worden verwezen in de proceskosten. Nu Philips op de voet van art. 1019h Rv vergoeding van de kosten in cassatie heeft gevorderd en partijen overeenstemming hebben bereikt over de ter zake op de voet van deze bepaling toe te schatten kosten, zal dienovereenkomstig worden beslist (Indicatietarieven in octrooizaken Hoge Raad punt 4).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • -

    verwerpt het beroep;

  • -

    veroordeelt Wiko in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Philips begroot op € 80.000,--, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Wiko deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter, de vicepresident M.J. Kroeze en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 25 februari 2022.