Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2021:988

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
25-06-2021
Datum publicatie
25-06-2021
Zaaknummer
20/01424
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2021:360, Gevolgd
Rechtsgebieden
Burgerlijk procesrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Beschikking
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Caribische zaak. Bestuurdersaansprakelijkheid. Procesrecht. Motivering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2021/726
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/01424

Datum 25 juni 2021

ARREST

In de zaak van

1. [verzoeker 1],

2. [verzoekster 2],
beiden wonende in [woonplaats],

VERZOEKERS tot cassatie,

hierna gezamenlijk in enkelvoud: [verzoekers],

advocaat: J. den Hoed,

tegen

[verweerster],
wonende in [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: [verweerster],

advocaat: A.H.M. van den Steenhoven, voorheen P.S. Kamminga.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak AR 62524 van 2013 van het gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 27 juni 2016 en 19 juni 2017;

  2. het vonnis in de zaak AR 62524/2013-CUR201300159-CUR2017H00232 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 21 januari 2020.

[verzoekers] heeft tegen het vonnis van het hof beroep in cassatie ingesteld.

[verweerster] heeft een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [verzoekers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het vonnis van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat vonnis. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • -

    verwerpt het beroep;

  • -

    veroordeelt [verzoekers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 415,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 25 juni 2021.