Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2021:643

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
23-04-2021
Datum publicatie
23-04-2021
Zaaknummer
20/01777
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2021:218, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2020:2330, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Koop woning. Niet-tijdige medewerking koper aan levering. Contractuele boete. Afstand van recht door verkoper? Matiging boete?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2021/498
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/01777

Datum 23 april 2021

ARREST

In de zaak van

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

hierna: [eiser],

advocaat: K. Aantjes,

tegen

CHALLENGE VASTGOED B.V,
gevestigd te Apeldoorn,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: Challenge,

advocaat: R.T. Wiegerink.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak 503.7827 CV EXPL 16-2932 van de kantonrechter te Apeldoorn van 8 juni 2016 en 23 november 2016;

  2. de arresten in de zaak 200.213.927 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 augustus 2018, 5 november 2019 en 17 maart 2020.

[eiser] heeft tegen de arresten van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Challenge heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep voor zover dat is gericht tegen het arrest van 14 augustus 2018 en voor het overige tot verwerping.

De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van deze arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • -

    verwerpt het beroep;

  • -

    veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Challenge begroot op € 2.830,34 aan verschotten en
    € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 23 april 2021.