Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2021:23

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
08-01-2021
Datum publicatie
08-01-2021
Zaaknummer
20/01474
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Herziening
Artikel 80a RO-zaken
Inhoudsindicatie

HR verklaart het verzoek tot herziening n-o met toepassing van artikel 80a RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Viditax (FutD), 08-01-2021
FutD 2021-0078
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 20/01474

Datum 8 januari 2021

ARREST

in de zaak van

[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)

op het verzoek tot herziening van het arrest van de Hoge Raad der Nederlanden van 13 maart 2020, nr. 19/05000, ECLI:NL:HR:2020:426, betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2013 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de daarbij gegeven beschikking inzake belastingrente.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het verzoek tot herziening

De Hoge Raad heeft het verzoek tot herziening beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.

De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het verzoek tot herziening duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het verzoek zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het verzoek tot herziening niet‑ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.E. van Hilten als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en J.A.R. van Eijsden, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 8 januari 2021.