Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2021:157

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
02-02-2021
Datum publicatie
02-02-2021
Zaaknummer
19/04946
Formele relaties
In cassatie op : ECLI:NL:GHDHA:2019:2739
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2020:1249
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Zonder vergunning gelegenheid geven om te gokken op sportwedstrijden d.m.v. computers in zijn winkel, meermalen gepleegd (art 1.1.a Wet op de kansspelen). Kan worden gesproken van kansspelautomaten, waarop afzonderlijk wettelijke regime van Titel Va van Wok van toepassing is? Wet op de kansspelen kent voor speelautomaten (waaronder o.g.v. art. 30 van die wet ook kansspelautomaten zijn begrepen) afzonderlijk wettelijk regime, met het oog waarop speelautomaten zijn uitgezonderd van algemeen verbod van art. 1.1.a Wok. Deze regeling inzake speelautomaten vormt lex specialis t.o.v. art. 1 Wok (vgl. ECLI:NL:HR:2010:BM3630). Uit bewijsvoering volgt dat in bedrijfsruimte van verdachte aanwezige computers werden gebruikt voor afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden. Hof heeft geoordeeld dat “in deze situatie niet kan worden gesproken van kansspelautomaten”. Dat oordeel, waarin ligt besloten dat verdachte aldus gelegenheid heeft gegeven om te gokken a.b.i. art. 1.1.a Wok maar dat geen sprake was van toestellen in de zin van art. 30 Wok (“ingericht voor beoefening van een spel, dat bestaat uit een door speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces”), geeft mede in het licht van wetsgeschiedenis bij art. 30 Wok niet blijk van onjuiste rechtsopvatting en is ook niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2021-0016
NJB 2021/509
RvdW 2021/203
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 19/04946 E

Datum 2 februari 2021

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag, economische kamer, van 18 oktober 2019, nummer 22-003355-18, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft C.A. Lucardie, advocaat te ’s-Gravenhage, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het eerste en het tweede cassatiemiddel

2.1

De cassatiemiddelen komen in de kern op tegen het oordeel van het hof dat niet gesproken kan worden van ‘kansspelautomaten’, zodat artikel 1 lid 1, onder a, van de Wet op de Kansspelen (hierna ook: Wok) - en niet het in Titel Va van die wet bepaalde - van toepassing is. De cassatiemiddelen lenen zich voor gezamenlijke bespreking.

2.2.1

Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:

“hij in de periode van 24 augustus 2017 tot en met 23 oktober 2017 te [plaats] , meermalen in [A] gelegen aan de [a-straat 1] te [plaats] telkens opzettelijk gelegenheid heeft gegeven aan één of meer perso(o)n(en) om door middel van een (kans)spel en/of één of meer andere spelen, mede te dingen naar prijzen en/of premies, waarbij de aanwijzing der winnaar(s) geschiedde door enige kansbepaling waarop de deelnemer(s) in het algemeen geen overwegende invloed kon(den) uitoefenen, terwijl daarvoor geen vergunning ingevolge de Wet op de kansspelen was verleend en het in Titel II en Va van die wet bepaalde niet van toepassing was.”

2.2.2

Deze bewezenverklaring steunt onder meer op de volgende bewijsmiddelen:

“1. De verklaring van de verdachte op de terechtzitting van 17 augustus 2018, inhoudende:

Ik ben de eigenaar van [A] . Op mijn (andere) computers in de zaak werd geïnternet door mensen.

2. Het proces-verbaal met betrekking tot onderzoek [a-straat 1] [plaats] , nummer 11036/01.018.271, pagina’s 7-12 in het proces-verbaal met dossiernummer PL1700-2017337275 van politie, regionale eenheid Rotterdam , inhoudende als relaas van de verbalisanten of één van hen (werkzaam als toezichthouder bij de afdeling Handhaving van de Kansspelautoriteit):

Op 24 oktober 2017 werd onderzoek uitgevoerd op het adres [a-straat 1] , [postcode] te [plaats] alwaar [A] is gevestigd.

Na onze binnenkomst zagen wij dat:

- Er op de begane grond een ruimte was waarin acht computermeubels voorzien van een computer, beeldscherm, toetsenbord en muis stonden opgesteld (hierna: computers A1 tot en met A8);

- Er op de begane grond achter de aanwezige balie een computer en een ticketprinter stonden;

- Er in de kelder drie computermeubels voorzien van een computer, beeldscherm, toetsenbord en muis stonden opgesteld (hierna: computers G9, G10 en G11).

3.2.1.1 Computer A1

Op de C-partitie van de harde schijf van computer A1 heb ik de map “Tiposoft” aangetroffen. Het is mij ambtshalve bekend dat deze map bij de installatie van het softwareprogramma “Tiposoft” wordt aangemaakt. Tevens is mij bekend dat met het programma “Tiposoft” weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten.

3.2.1.2 Computers A2 en A3

Op de C-partitie van de harde schijf van computers A2 en A3 heb ik de map “CBC” aangetroffen. Het is mij ambtshalve bekend dat deze map bij de installatie van het softwareprogramma “CBCX” wordt aangemaakt. Tevens is mij bekend dat met het programma “CBC-X” weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten.

3.2.1.5 Computers A12 en A13

De computers A12 en A13 stonden op/achter de balie. De beeldschermen stonden niet naar het publiek gericht. Ik zag dat op computer A13 het programma “CyberCafePro” actief was. Mij is ambtshalve bekend dat met het programma “CyberCafePro” men met één hoofdcomputer meerdere andere computers kan beheren.

3.2.2.1 Computer G9

Ik zag dat computer G9 de webbrowser “Chrome” actief was en dat de internetpagina https://terminal.bet23.eu/ff!/ getoond werd. Ik zag vervolgens dat:

- deze pagina in de Engelse taal werd getoond;

- het tabblad “Soccer” actief was waarop voetbalwedstrijden en quoteringen werden weergegeven;

- er rechtsonder op de getoonde pagina een button zichtbaar was met het opschrift “Place bet”.

Mij is ambtshalve bekend dat het door de aanwezigheid van de button “Place bet” op deze internetpagina mogelijk is om direct weddenschappen op sportwedstrijden af te sluiten.

3.2.2.2 Computer G10

Nadat ik op computer G10 de webbrowser “Chrome” had op gestart zag ik dat in de geschiedenis van deze webbrowser de internetpagina https://terminal.bet23.eu/#i/ zichtbaar was. Nadat ik deze pagina had geopend zag ik dat:

- Deze pagina in de Engelse taal werd getoond;

- het tabblad “Soccer” actief was waarop voetbalwedstrijden en quoteringen werden weergegeven;

- er rechtsonder op de webpagina een button was met het opschrift “Place bet”.

Mij is ambtshalve bekend dat het door de aanwezigheid van de button “Place bet” op deze internetpagina mogelijk is om direct weddenschappen op sportwedstrijden af te sluiten.

3.3

Ticketprinter

Ambtshalve is ons, verbalisanten, bekend dat er bij het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden wedtickets worden uitgeprint. Ik, verbalisant [verbalisant] , heb op computers A1, A2, G10 en G11 met behulp van het programma “kladblok” een tekstbestand aangemaakt. Deze tekstbestanden heb ik vervolgens met de standaard printer uitgeprint. Voorts zag en hoorde ik dat deze tekstbestanden met de ticketprinter achter de balie bij computer A13 werden uitgeprint.

4.2.1

Onderzoek logbestanden computer A2

Ik constateerde uit de logbestanden dat:

- er 919 weddenschappen zijn afgesloten in de periode van 24 augustus 2017 te 12.56 uur tot en met 23 oktober 2017 te 21.43 uur met een totaal bedrag van €6.268,00.

4.2.2

Onderzoek logbestanden computer A3

Ik constateerde uit de logbestanden dat:

- er 1228 weddenschappen zijn afgesloten in de periode van 24 augustus 2017 te 11.24 uur tot en met 23 oktober 2017 te 21.51 uur met een totaal bedrag van €8.945,00.

Door de Raad van Bestuur van de Kansspelautoriteit is geen vergunning verstrekt aan bovengenoemde onderneming voor het aanbieden van kansspelen.”

2.2.3

Het arrest van het hof houdt onder meer het volgende in:

“Het hof overweegt dat voor de beoordeling of sprake is van een kansspelautomaat de bestemming, die aan een apparaat wordt gegeven, doorslaggevend is.

Zowel uit de inschrijving van de Kamer van Koophandel van het bedrijf van de verdachte, als gelet op de eigen verklaring van de verdachte tijdens het hoger beroep, blijkt dat de bedrijfsvoering er op gericht was om de computers ter beschikking te stellen om te internetten, zoals Skypen en Facebooken. Gelet op deze bestemming is het hof van oordeel dat in deze situatie niet kan worden gesproken van kansspelautomaten.

(...)

Uit het onderzoek van de Kansspelautoriteit blijkt dat er veel is gegokt op de aanwezige computers met de daarop geïnstalleerde benodigde software. Bijzonder opvallend is dat de opsporingsambtenaren bij de doorzoeking zelfs een computer aantreffen waarop een gokwebsite open staat, terwijl er op dat moment niemand daadwerkelijk achter zat om te gokken. Verder is van belang dat uit een simpele opdracht die de verbalisanten uitvoerden is gebleken dat de ticketprinter achter de balie in rechtstreekse verbinding stond met computers waarop gegokt kon worden. Het is algemeen bekend dat bij het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden wedtickets worden uitgeprint.”

2.3

De Wet op de kansspelen luidt, voor zover hier van belang:

“Titel I Algemene bepalingen

Artikel 1

1. Behoudens het in Titel Va van deze wet bepaalde is het verboden:

a. gelegenheid te geven om mede te dingen naar prijzen of premies, indien de aanwijzing der winnaars geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen, tenzij daarvoor ingevolge deze wet vergunning is verleend;

(...)

Titel Va. Speelautomaten

§ 1. Inleidende bepalingen

Artikel 30

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. speelautomaat: een toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen;

b. behendigheidsautomaat: een speelautomaat waarvan het spelresultaat uitsluitend kan leiden tot een verlengde speelduur of het recht op gratis spellen en het proces, ook nadat het in werking is gesteld, door de speler kan worden beïnvloed en het geheel of vrijwel geheel van zijn inzicht en behendigheid bij het gebruik van de daartoe geboden middelen afhangt of en in welke mate de spelduur verlengd of het recht op gratis spelen verkregen wordt;

c. kansspelautomaat: een speelautomaat, die geen behendigheidsautomaat is;

(...)

§ 2. Vergunning tot het aanwezig hebben van kansspelautomaten

Artikel 30b:

1. Het is verboden, behoudens het in deze Titel bepaalde, zonder vergunning van de burgemeester een of meer kansspelautomaten aanwezig te hebben

(...)

b. op voor het publiek toegankelijke plaatsen.”

2.4.1

De Wet op de kansspelen kent voor speelautomaten - waaronder op grond van artikel 30 van die wet ook kansspelautomaten zijn begrepen - een afzonderlijk wettelijk regime, met het oog waarop speelautomaten zijn uitgezonderd van het algemene verbod van artikel 1 lid 1, onder a, Wok. Deze regeling inzake speelautomaten vormt een lex specialis ten opzichte van artikel 1 Wok (vgl. HR 16 november 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM3630).

2.4.2

De geschiedenis van de totstandkoming van artikel 30 Wok houdt het volgende in:

“Artikel 30

De omschrijving van het begrip speelautomaat bepaalt de omvang van het toepassingsgebied van de nieuwe regeling. De definitie is zo geformuleerd, dat zowel de kansspel- als de behendigheidsautomaten daaronder zijn begrepen. De reden daarvan ligt in de wenselijkheid om van overheidswege toezicht uit te oefenen op verschillende soorten speelautomaten, die in versluierde vorm als kansspelautomaten kunnen worden geëxploiteerd. In § 5.1 werd reeds een korte beschrijving gegeven van de kenmerken van beide categorieën speelautomaten, waarop de definitie betrekking heeft.

Het vereiste dat het toestel moet zijn «ingericht voor de beoefening van een spel» stelt buiten twijfel dat de regeling niet van toepassing is op wisselautomaten, sigarettenautomaten, muziekautomaten (jukeboxes) e.d. Onder de werking van de nieuwe voorschriften vallen ook niet biljarts, tafelvoetbalspelen, tafeltennisspelen e.d. Als criterium immers geldt onder meer dat het spel zelf moet bestaan uit een mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, dat door de speler in werking wordt gesteld. De wijze waarop het proces in werking wordt gesteld is niet relevant.” (Kamerstukken II 1980/81, 16 481, nr. 3, p. 10)

2.5

Het hof heeft het bewezenverklaarde gekwalificeerd als “overtreding van een voorschrift, gesteld bij artikel 1, eerste lid, onder a van de Wet op de kansspelen, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd”. Uit de hiervoor weergegeven bewijsvoering volgt dat in de bedrijfsruimte van de verdachte aanwezige computers werden gebruikt voor het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden. Het hof heeft geoordeeld dat “in deze situatie niet kan worden gesproken van kansspelautomaten”. Dat oordeel, waarin ligt besloten dat de verdachte aldus - kort gezegd - gelegenheid heeft gegeven om te gokken als bedoeld in artikel 1 lid 1, onder a, Wok, maar dat geen sprake was van toestellen in de zin van artikel 30 Wok, te weten “ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces”, geeft mede in het licht van de genoemde wetsgeschiedenis niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is ook niet onbegrijpelijk.

2.6

De cassatiemiddelen falen.

3 Beoordeling van het derde cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 februari 2021.