Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2020:777

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24-04-2020
Datum publicatie
24-04-2020
Zaaknummer
19/04900
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

HR: 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NTFR 2020/1322
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 19/04900

Datum 24 april 2020

ARREST

in de zaak van

[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)

tegen

het DAGELIJKS BESTUUR VAN COCENSUS te Hoofddorp

op het beroep in cassatie gericht tegen de uitspraak van Rechtbank Noord-Holland van 16 september 2019, nr. HAA 19/1633 V, op het verzet van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank van 27 mei 2019.

1 Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak op het verzet beroep in cassatie ingesteld en daarbij een middel aangevoerd.

Het Dagelijks Bestuur van Cocensus (hierna: het Dagelijks Bestuur) heeft een verweerschrift ingediend.

Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.

Het Dagelijks Bestuur heeft een conclusie van dupliek ingediend.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft het middel over de uitspraak van de Rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat dit middel niet kan leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van dit middel is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer M.A. Fierstra als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 24 april 2020.