Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2020:1734

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
06-11-2020
Datum publicatie
06-11-2020
Zaaknummer
19/04932
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2020:776, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHDHA:2019:3227, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Burgerlijk procesrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Proceskostenveroordeling. Art. 237 lid 1 Rv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2020/1182
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/04932

Datum 6 november 2020

ARREST

In de zaak van

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

hierna: [eiser],

advocaat: J.A.J. Leeman,

tegen

[het architectenbureau] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: [het architectenbureau],

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. het vonnis in de zaak 6112779 CV EXPL 17-4615 van de kantonrechter te Dordrecht van 11 januari 2018;

  2. het arrest in de zaak 200.239.006/01 van het gerechtshof Den Haag van 30 juli 2019.

[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Tegen [het architectenbureau] is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • -

    verwerpt het beroep;

  • -

    veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [het architectenbureau] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.H. Sieburgh en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 6 november 2020.