Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2020:1633

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16-10-2020
Datum publicatie
16-10-2020
Zaaknummer
19/02613
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2020:482, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2019:2921, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Pachtrecht. Is sprake van een teeltpachtovereenkomst (art. 70f Pachtwet (oud)) dan wel van reguliere pacht? Dwingendrechtelijk vereiste van registratie?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2020/1128
TvAR 2020/8037, UDH:TvAR/16458 met annotatie van E.H.M. Harbers
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/02613

Datum 16 oktober 2020

ARREST

In de zaak van

[verpachter],
wonende te [woonplaats],

EISERES tot cassatie,

hierna: [verpachter],

advocaat: J.A.M.A. Sluysmans,

tegen

[pachter],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

hierna: [pachter],

advocaat: H.J.W. Alt.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. het vonnis in de zaak 5984261 \ PA EXPL 17-4 WD van de pachtkamer in de rechtbank Noord-Holland van 3 januari 2018;

  2. het arrest in de zaak 200.237.255 van de pachtkamer in het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 april 2019.

[verpachter] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

[pachter] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [verpachter] mede door N. van Triet.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [verpachter] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • -

    verwerpt het beroep;

  • -

    veroordeelt [verpachter] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [pachter] begroot op € 407,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [verpachter] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 16 oktober 2020.