Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2020:1494

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
25-09-2020
Datum publicatie
25-09-2020
Zaaknummer
19/03828
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2020:541, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2019:1818, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Herstelfunctie hoger beroep. Bewijsrecht. Partijdeskundigenbericht. Werkzaamheden door aannemer niet naar genoegen van opdrachtgever uitgevoerd. Heeft het hof, in het licht van HR 9 december 2011 ECLI:NL:HR:2011:BT2921, voldoende aandacht besteed aan een door de opdrachtgever in appel overgelegd rapport van een partijdeskundige, nadat in eerste aanleg was gerapporteerd door een door de rechtbank benoemde deskundige?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2020/1031
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/03828

Datum 25 september 2020

ARREST

In de zaak van

[Opdrachtgever] ,
wonende te [woonplaats] ,

EISER tot cassatie,

hierna: Opdrachtgever,

advocaat: J.H.M. van Swaaij,

tegen

INDUSTRI√čLE HANDELSONDERNEMING INTERLAND B.V.,
gevestigd te Hoensbroek, gemeente Heerlen,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: Interland,

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak 2788385 CV EXPL 14-1608 van de kantonrechter te Maastricht van 14 mei 2014, 13 augustus 2014, 4 november 2015, 23 december 2015 en 5 april 2017;

  2. het arrest in de zaak 200.223.484/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 14 mei 2019.

Opdrachtgever heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Tegen Interland is verstek verleend.

De zaak is voor Opdrachtgever toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van Opdrachtgever heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • -

    verwerpt het beroep;

  • -

    veroordeelt Opdrachtgever in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Interland begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 25 september 2020.